"De coronacrisis zorgt ervoor dat verschillende sectoren noodgedwongen stil liggen, maar dat geldt niet voor de landbouwsector", klinkt het bij Fedasil. "Die sector kampt met een tekort aan werkkrachten als gevolg van de coronacrisis. Aangezien de voedingssector een essentiële sector is, is de nood aan werkkrachten in de landbouwbedrijven hoog. Daarom doen de lokale landbouwers een beroep op ons opvangcentrum."

"We stellen al een aantal jaar bewoners te werk in de seizoensarbeid bij landbouwers uit de buurt", zegt Vanessa Vanthourenhout, sociaal assistent in het centrum. "Veel landbouwers vragen de hulp van onze bewoners nu vroeger dan normaal. De reden: hun vaste medewerkers uit Polen en Roemenië geraken hier niet. Ze zijn te bang door het coronavirus of kunnen de gesloten grenzen niet over. Op vraag van de landbouwer polsen we bij onze bewoners of ze willen en mogen werken. De boer regelt de meeste documenten zelf of besteedt dit uit aan een interimkantoor."

Plukkaart

Nu al werkt een 25-tal van ongeveer 270 bewoners in de landbouw. "In piekperiodes kan dat aantal nog een stuk oplopen. De meeste werken met een plukkaart en worden dus betaald als seizoensarbeider. Landbouwers zijn blij dat ze kunnen en willen meehelpen, want de nood is groot. Uiteraard gaat iedereen zo veilig mogelijk te werk. Landbouwers komen de bewoners bijvoorbeeld niet meer ophalen aan het centrum, maar de bewoners gaan met de fiets naar het landbouwbedrijf en hebben een attest op zak."

Als niemand meehelpt, is er straks geen eten meer - Ihab Kaware (19) uit Palestina

"Het is een half uur fietsen naar de boerderij", vertelt Ihab Kaware (19) uit Palestina, die momenteel een groenteboer helpt. "Ik snijd en was prei. Ik begin om 8 uur en stop om 19 uur. Lange dagen? Geen probleem hoor, ik wil werken. Als niemand meehelpt, is er straks geen eten meer. Ik ben niet bang om te gaan werken, want we houden voldoende afstand."

"Werk is een grote motivator voor onze bewoners", bevestigt Vanessa. "Ze verdienen geld, waarmee ook hun familie geholpen wordt, en het biedt een zinvolle dagbesteding voor wie nu niet naar school kan. Daarnaast willen ze zo iets terugdoen voor het gastland en hun dankbaarheid tonen aan onze maatschappij."

© TP

(CMW/TP)

"De coronacrisis zorgt ervoor dat verschillende sectoren noodgedwongen stil liggen, maar dat geldt niet voor de landbouwsector", klinkt het bij Fedasil. "Die sector kampt met een tekort aan werkkrachten als gevolg van de coronacrisis. Aangezien de voedingssector een essentiële sector is, is de nood aan werkkrachten in de landbouwbedrijven hoog. Daarom doen de lokale landbouwers een beroep op ons opvangcentrum.""We stellen al een aantal jaar bewoners te werk in de seizoensarbeid bij landbouwers uit de buurt", zegt Vanessa Vanthourenhout, sociaal assistent in het centrum. "Veel landbouwers vragen de hulp van onze bewoners nu vroeger dan normaal. De reden: hun vaste medewerkers uit Polen en Roemenië geraken hier niet. Ze zijn te bang door het coronavirus of kunnen de gesloten grenzen niet over. Op vraag van de landbouwer polsen we bij onze bewoners of ze willen en mogen werken. De boer regelt de meeste documenten zelf of besteedt dit uit aan een interimkantoor."Nu al werkt een 25-tal van ongeveer 270 bewoners in de landbouw. "In piekperiodes kan dat aantal nog een stuk oplopen. De meeste werken met een plukkaart en worden dus betaald als seizoensarbeider. Landbouwers zijn blij dat ze kunnen en willen meehelpen, want de nood is groot. Uiteraard gaat iedereen zo veilig mogelijk te werk. Landbouwers komen de bewoners bijvoorbeeld niet meer ophalen aan het centrum, maar de bewoners gaan met de fiets naar het landbouwbedrijf en hebben een attest op zak.""Het is een half uur fietsen naar de boerderij", vertelt Ihab Kaware (19) uit Palestina, die momenteel een groenteboer helpt. "Ik snijd en was prei. Ik begin om 8 uur en stop om 19 uur. Lange dagen? Geen probleem hoor, ik wil werken. Als niemand meehelpt, is er straks geen eten meer. Ik ben niet bang om te gaan werken, want we houden voldoende afstand.""Werk is een grote motivator voor onze bewoners", bevestigt Vanessa. "Ze verdienen geld, waarmee ook hun familie geholpen wordt, en het biedt een zinvolle dagbesteding voor wie nu niet naar school kan. Daarnaast willen ze zo iets terugdoen voor het gastland en hun dankbaarheid tonen aan onze maatschappij."(CMW/TP)