Nieuwe vissersschepen in de Belgische vloot, het is groot nieuws. Al een halve eeuw daalt het aantal vaartuigen, van 457 in 1950 tot 68 op 31 december 2018. Meer zelfs, het is al van 1991 geleden dat in het groot vlootsegment nog eens een nieuwe vissersboot in de vaart werd genomen. Dat was uitgerekend de Z.483 van de familie Vlietinck, die ook nu weer de vernieuwingsgolf inzet. Hun nieuwe boomkorvisser moet in juni 2021, exact 20 jaar na het vorige, in gebruik worden genomen.
...

Nieuwe vissersschepen in de Belgische vloot, het is groot nieuws. Al een halve eeuw daalt het aantal vaartuigen, van 457 in 1950 tot 68 op 31 december 2018. Meer zelfs, het is al van 1991 geleden dat in het groot vlootsegment nog eens een nieuwe vissersboot in de vaart werd genomen. Dat was uitgerekend de Z.483 van de familie Vlietinck, die ook nu weer de vernieuwingsgolf inzet. Hun nieuwe boomkorvisser moet in juni 2021, exact 20 jaar na het vorige, in gebruik worden genomen."Het is niet de bedoeling dezelfde kotter te bouwen als de vorige. Het is geen heruitvoering, maar een compleet nieuw ontwerp", benadrukt Dany Vlietinck. "Natuurlijk is zo'n investering niet makkelijk. Maar we zien het op lange termijn. Onze zoon Jens (30) vaart al twaalf jaar bij ons. En zijn zus Jasmine (26) wil ook in het bedrijf werken, maar dan meer op administratief vlak. Er is dus opvolging. Zelf heb ik 30 jaar gevaren, maar nu doe ik het niet veel meer. Die tijd is gepasseerd.""Ik was negen maanden in onderhandeling met verschillende bedrijven alvorens ik in september een contract tekende met scheepswerf Padmos in het Nederlandse Stellendam. Maar ook heel wat Belgische leveranciers werken mee, waaronder Marelec uit Nieuwpoort. We willen vooral de duurzaamheid verbeteren. We hebben ons huidige schip altijd goed onderhouden en de nodige verbeteringswerken uitgevoerd. Ik deed alles wat ik kon om het brandstofverbruik te verminderen. We lieten het schip helemaal doorlichten, maar verbeteringen waren niet meer mogelijk.""Het nieuwe schip zal een lichtere motor hebben en daardoor zuiniger zijn", vervolgt Dany. "We hopen het brandstofverbruik met 20 procent te verminderen, maar dat is al redelijk ambitieus. Toch zal het minstens 10 procent zijn. Daarnaast verbeteren we de veiligheid en het comfort van de bemanning, maken we het leven aan boord aangenamer en zal de kwaliteit van de vis erop verbeteren. De visverwerkingsinstallatie zal voldoen aan de strengste hygiënenormen en de bemanning zal niet meer moeten heffen en tillen bij de verwerking. De binnenruimten worden beter geïsoleerd en er komt airco, die in de winter als verwarming zal dienen.""Ik zit al 40 jaar in de visserij. Ook mijn vader en grootvader zaten in de stiel. We zouden niet zo'n investering doen als we er niet meer in geloven. De visbestanden zijn heel goed en de reders hebben geen reden tot klagen. Er is nog geld te verdienen in de sector, ook al komen we meestal niet zo positief in het daglicht. Maar alles hangt aan elkaar: als je niet investeert in duurzame schepen, is het ook moeilijk om een goede bemanning te vinden", zegt Dany."Met nieuwe, moderne bedrijven zal de aantrekkingskracht van de sector vergroten", gelooft Dany. "Er hebben er nu toch al drie getekend en ik denk dat er nog gaan volgen. Er is meer en meer interesse. Door zelf het voorbeeld te geven, hopen we dat nog meer reders op de kar zullen springen. Ons oude schip wordt normaal verkocht, al is dat nog niet helemaal concreet. Er gaan jaren over de vernieuwing van de vloot, maar zo dragen wij toch ons steentje bij."Ook Karel Ackx uit Heist, reder van de Z.39 Zuiderzee, tekende een contract met de scheepswerf Padmos voor de bouw van een nieuw vissersschip. Dat moet normaal kort na de zomer van 2021 in de vaart komen. Tot slot wil ook de rederij Thysebaert uit Damme een nieuw schip bouwen. Hun Z.19 Sonja kapseisde in augustus vorig jaar voor de Engelse kust. Twee bemanningsleden kwamen daarbij om het leven. Peter Thysebaert ondertekende in november een contract met de Oostendse scheepswerf Bema voor een nieuw vaartuig, dat in het voorjaar 2021 klaar moet zijn.De drie nieuwe schepen moeten een vorig vaartuig vervangen, want er komen geen licenties meer voor nieuwe schepen in de Belgische vloot. Er zijn Europese afspraken waardoor het maximumvolume en het maximale vermogen niet mogen stijgen. De Z.19 Sonja is vergaan, maar de twee andere reders moeten hun schip verkopen, ofwel in het buitenland, ofwel aan een Belgische collega die een licentie heeft, maar zijn schip verkoopt of uit de vaart neemt."Wij zijn hier heel tevreden mee", glundert directeur Emiel Brouckaert van de Rederscentrale. "We hebben ook heel hard meegewerkt om de sector duurzamer te maken en het kader te creëren waarin investeringen mogelijk zijn. Als de overtuiging er is dat er toekomst zit in de visserij, zullen er nog investeringen volgen. Het moet verder gaan dan het optimaliseren van de bestaande vaartuigen. De beste manier om de vloot te moderniseren is nieuwe schepen bouwen.""De buitenwereld krijgt steevast doemscenario's te horen over de visserij, maar wij hebben dat negatieve gevoel nooit gehad", zegt Brouckaert. "Er was de crisis van 2008-2009, maar toen zat iedereen in de problemen. Sinds 2014-2015 doen de meeste bedrijven het goed en hebben we geen problemen meer. Het enige wat voor vertraging zorgt, is de onduidelijkheid over de Brexit. Maar we kunnen niet blijven wachten. Zelfs bij een Brexit zal wel iets geregeld worden. Ook al komt er een extra risico, we zullen het wel aanpakken."