De Belgische vissersvloot, bestaande uit 68 vaartuigen, voerde in Belgische en buitenlandse havens samen 19.309 ton vis aan voor een totale besomming van 80,8 miljoen euro. De totale aanvoer daalde met 6 procent tegenover 2018. Dat is het gevolg van een daling met 5,5 procent in Zeebrugge, 11 procent in Oostende (dat vorig jaar een maand sloot door de verhuizing naar de nieuwe vismijn) en een stijging van 14 procent in de kleinste vismijn, die van Nieuwpoort. In Zeebrugge werd in 2019 8.001 ton aangevoerd, in Oostende 5.351 ton en in Nieuwpoort 402 ton.
...

De Belgische vissersvloot, bestaande uit 68 vaartuigen, voerde in Belgische en buitenlandse havens samen 19.309 ton vis aan voor een totale besomming van 80,8 miljoen euro. De totale aanvoer daalde met 6 procent tegenover 2018. Dat is het gevolg van een daling met 5,5 procent in Zeebrugge, 11 procent in Oostende (dat vorig jaar een maand sloot door de verhuizing naar de nieuwe vismijn) en een stijging van 14 procent in de kleinste vismijn, die van Nieuwpoort. In Zeebrugge werd in 2019 8.001 ton aangevoerd, in Oostende 5.351 ton en in Nieuwpoort 402 ton.De Vlaamse visserij was in 2019 goed voor een totale aanvoerwaarde van 80,8 miljoen euro. Dat is een daling met 4 procent tegenover 2018. De aanvoer daalt dus sterker dan de totale besomming, of anders gezegd: de prijzen zijn gestegen. De gemiddelde visprijs klom met 2 procent tot 4,19 euro per kg. In Belgische havens was de gemiddelde prijs beter: 4,30 euro per kg.De totale aanvoerwaarde in Belgische havens is gedaald met 4 procent tot 59,2 miljoen euro. In buitenlandse havens is de aanvoerwaarde, na de stijging in 2018, in 2019 weer beperkt gedaald (-1,1 procent) tot 21,6 miljoen euro. Ondanks de hogere prijs in Belgische havens verkiezen heel wat Vlaamse vissers om hun vis in buitenlandse havens aan te voeren. De aanvoer in de Belgische havens bedroeg met 13.751 ton 71 procent van het totaal. De overige 29 procent wordt in buitenlandse havens aan land gebracht.De belangrijkste buitenlandse havens voor de Vlaamse zeevisserij zijn de Nederlandse. Nederlandse havens waren met 5.145 ton in 2019 goed voor net geen 93 procent van de Belgische aanvoer in buitenlandse havens. Vooral Nederlandse vissers die onder Belgische vlag vissen, verhandelen er hun vis. Frankrijk komt met 6 procent op de tweede plaats. Dat is het gevolg van de gerichte visserij van enkele Belgische vissersvaartuigen op sint-jakobsschelpen en wulken.Qua aanvoervolume blijven de belangrijkste soorten schol en tong. Er is een dalende tendens in de aanvoer van schol (-21 procent) en een stijgende tendens in de aanvoer van tong (+14 procent). De verdubbeling in aanvoer van garnaal die in 2018 werd waargenomen bleek éénmalig en is teruggevallen op het niveau van 2017. De aanvoer van inktvissen en roggen kenden beiden een stijging, met respectievelijk 22 procent en 24 procent, en sluiten daarbij aan op plaatsen drie en vier. De vangst van kabeljauw is weer iets gedaald tot 670 ton (-11 procent).De aanvoerwaarde van tong steeg met 17,5 procent en blijft de meest waardevolle soort en het belangrijkste product van onze visserij. Tong staat garant voor 36 procent van de totale waardecreatie van 2019. Het belang van schol is gedaald en bedroeg in 2019 nog 16,5 procent van de totale besomming."In 2019 was de aanvoer van vis goed voor een omzet van ruim 80 miljoen euro", zegt Vlaams minister van Visserij Hilde Crevits (CD&V). "Onze vissersvloot is niet zo groot, maar wel veerkrachtig. Er zijn een paar nieuwe vervangende vaartuigen op komst. Daarbij gaat er veel aandacht naar duurzaamheid en veiligheid. Vanuit Vlaanderen steunen we dan ook initiatieven die duurzame visserij ondersteunen."(HH)