Georges werd op 29 december 1931 in Roesbrugge geboren, maar groeide op in Wevelgem. Hij verbleef sinds een tijdje in een woonzorgcentrum in Nieuwpoort, waar hij gestorven is. Hij is 88 jaar geworden.

De man van de kunst en de esthetica

Op 28 juni 1957 werd de 25-jarige jongeman in de Sint-Michielskerk in Roeselare tot priester gewijd. Twee jaar later behaalde hij aan de Leuvense universiteit het diploma van licentiaat in de theologie, nadat hij ook al twee jaar Germaanse filologie had gestudeerd. In augustus 1959 werd hij leraar godsdienst en esthetica aan het Hoger Technisch Instituut in Oostende, bekend voor de opleiding tot industrieel ingenieur.

In 1963 nam het leven van Georges een nieuwe wending en dit voor meer dan drie decennia. Hij werd leraar aan het Torhoutse college, het Sint-Jozefsinstituut (nu Scholengroep Sint-Rembert). De jonge priester werd van meet af aan klassenleraar van de retorica (het zesde jaar) en zou dat zijn hele loopbaan blijven, 33 jaar lang. In de beginjaren gaf hij ook Frans en zelfs een beetje Duits, maar de vakken godsdienstleer, geschiedenis en esthetica zouden de rode draad van zijn onderwijsopdracht zijn. Vooral esthetica lag hem na aan het hart. Die grote interesse voor kunst had hij al van jongs af. Hij hield in het bijzonder van architectuur, maar net zo goed van schilderkunst en mooi meubilair.

In 1985 werd hij lid van de Diocesane Commissie voor Kerkenbouw, nu de Commissie voor Cultusgebouwen genoemd. Hij probeerde de kitsch uit de Vlaamse kerken te bannen. Pas in 2012 zette hij een punt achter dat engagement. Ook verrichtte hij parallel met zijn onderwijsopdracht 20 jaar kerkdienst op de Sint-Godelieveparochie in Ruddervoorde.

Na het lesgeven in Torhout pastoor in Handzame

De toen 64-jarige priester verliet eind juni 1996 het Sint-Jozefsinstituut, nadat hij net voordien op school de prestigieuze tentoonstelling Ars Sacra had georganiseerd, die hoogstaande religieuze kunst in de kijker zette.

In de zomer van 1996 brak er een nieuwe episode voor Georges aan: pastoor van de Sint-Hadrianusparochie in Handzame. Op 15 september van dat jaar werd hij er officieel geïnstalleerd. Hij was er - na verloop van tijd in de federatie Kortemark-Krekedal - actief tot aan zijn eervol ontslag op 5 februari 2012. Ook daarna bleef hij vanuit Handzame, waar hij zijn woonst behield, dagelijks naar het hem zo vertrouwde Torhout pendelen, waar hij 's middags met de priesters op school de maaltijd nam.

Georges is van 1957 tot 1973 Chiroproost in Wevelgem geweest en veel later zette hij ook zijn schouders onder de Chirowerking in Handzame. In dat dorp maakte hij van de kerk een juweeltje met heel wat eigentijdse kunstwerken. Ook als pastoor liet hij het kunstzinnige niet los. Vriendenkring Kunst Houtland (VKH) bekroonde hem eind 2007 met de cultuurprijs De Gouden Feniks.

Helaas lieten zijn ogen hem de laatste jaren in de steek, waardoor hij niet meer kon genieten van de artistieke schoonheid die hem zo dierbaar was.

Leerlingen in contact brengen met kunst en cultuur

Georges zal zonder twijfel vooral herinnerd worden als de begeesterde leraar van het Sint-Jozefsinstituut, de school waarin hij zijn stempel drukte op tal van culturele en artistieke initiatieven. Ettelijke generaties leerlingen bracht hij in contact met kunst en cultuur. Hij lag ook aan de basis van het oprichten van een praesidium op school - de latere leerlingenraad - en van de vernieuwing van het diplomeringsfeest voor de laatstejaars - de zogenaamde Exodus.

De uitvaartplechtigheid heeft plaats op dinsdag 28 januari om 10.30 uur in de Torhoutse Sint-Pieterskerk (begr. Logghe Zarren).

Georges werd op 29 december 1931 in Roesbrugge geboren, maar groeide op in Wevelgem. Hij verbleef sinds een tijdje in een woonzorgcentrum in Nieuwpoort, waar hij gestorven is. Hij is 88 jaar geworden.Op 28 juni 1957 werd de 25-jarige jongeman in de Sint-Michielskerk in Roeselare tot priester gewijd. Twee jaar later behaalde hij aan de Leuvense universiteit het diploma van licentiaat in de theologie, nadat hij ook al twee jaar Germaanse filologie had gestudeerd. In augustus 1959 werd hij leraar godsdienst en esthetica aan het Hoger Technisch Instituut in Oostende, bekend voor de opleiding tot industrieel ingenieur.In 1963 nam het leven van Georges een nieuwe wending en dit voor meer dan drie decennia. Hij werd leraar aan het Torhoutse college, het Sint-Jozefsinstituut (nu Scholengroep Sint-Rembert). De jonge priester werd van meet af aan klassenleraar van de retorica (het zesde jaar) en zou dat zijn hele loopbaan blijven, 33 jaar lang. In de beginjaren gaf hij ook Frans en zelfs een beetje Duits, maar de vakken godsdienstleer, geschiedenis en esthetica zouden de rode draad van zijn onderwijsopdracht zijn. Vooral esthetica lag hem na aan het hart. Die grote interesse voor kunst had hij al van jongs af. Hij hield in het bijzonder van architectuur, maar net zo goed van schilderkunst en mooi meubilair.In 1985 werd hij lid van de Diocesane Commissie voor Kerkenbouw, nu de Commissie voor Cultusgebouwen genoemd. Hij probeerde de kitsch uit de Vlaamse kerken te bannen. Pas in 2012 zette hij een punt achter dat engagement. Ook verrichtte hij parallel met zijn onderwijsopdracht 20 jaar kerkdienst op de Sint-Godelieveparochie in Ruddervoorde.De toen 64-jarige priester verliet eind juni 1996 het Sint-Jozefsinstituut, nadat hij net voordien op school de prestigieuze tentoonstelling Ars Sacra had georganiseerd, die hoogstaande religieuze kunst in de kijker zette.In de zomer van 1996 brak er een nieuwe episode voor Georges aan: pastoor van de Sint-Hadrianusparochie in Handzame. Op 15 september van dat jaar werd hij er officieel geïnstalleerd. Hij was er - na verloop van tijd in de federatie Kortemark-Krekedal - actief tot aan zijn eervol ontslag op 5 februari 2012. Ook daarna bleef hij vanuit Handzame, waar hij zijn woonst behield, dagelijks naar het hem zo vertrouwde Torhout pendelen, waar hij 's middags met de priesters op school de maaltijd nam.Georges is van 1957 tot 1973 Chiroproost in Wevelgem geweest en veel later zette hij ook zijn schouders onder de Chirowerking in Handzame. In dat dorp maakte hij van de kerk een juweeltje met heel wat eigentijdse kunstwerken. Ook als pastoor liet hij het kunstzinnige niet los. Vriendenkring Kunst Houtland (VKH) bekroonde hem eind 2007 met de cultuurprijs De Gouden Feniks.Helaas lieten zijn ogen hem de laatste jaren in de steek, waardoor hij niet meer kon genieten van de artistieke schoonheid die hem zo dierbaar was.Georges zal zonder twijfel vooral herinnerd worden als de begeesterde leraar van het Sint-Jozefsinstituut, de school waarin hij zijn stempel drukte op tal van culturele en artistieke initiatieven. Ettelijke generaties leerlingen bracht hij in contact met kunst en cultuur. Hij lag ook aan de basis van het oprichten van een praesidium op school - de latere leerlingenraad - en van de vernieuwing van het diplomeringsfeest voor de laatstejaars - de zogenaamde Exodus.De uitvaartplechtigheid heeft plaats op dinsdag 28 januari om 10.30 uur in de Torhoutse Sint-Pieterskerk (begr. Logghe Zarren).