Alsmaar minder schietingen in West-Vlaanderen

© GF
Redactie KW

Er zijn nog amper verloofden die hun huwelijk aankondigen met een ‘schieting’. De West-Vlaamse traditie van kanon, ‘poer’ en voorhamer verdwijnt. Dat blijkt uit een rondvraag van deze krant bij onze gemeenten. “We zijn minder verdraagzaam geworden”, klinkt het.

Een gietijzeren vijzelorgel, een bidon ‘poer’ en enkele bakken bier. Dit zijn dé ingrediënten van een schieting, een vooral West-Vlaamse traditie om een huwelijk aan te kondigen en de zogenaamd boze geesten met een hels lawaai weg te jagen. Maar alsmaar minder trouwstellen houden vast aan deze gewoonte. “Tien jaar geleden kregen we nog 17 aanvragen binnen, vorig jaar nog slechts 3”, klinkt het bij het gemeentebestuur van Izegem. En die tendens is merkbaar in zo goed als alle West-Vlaamse gemeenten. In een zeldzaam geval blijft het aantal schietingen stabiel, vooral op het platteland.

“Er wordt in het algemeen minder getrouwd, dus er zijn ook minder redenen om te schieten”, geven een aantal West-Vlaamse gemeenten als reden aan. “Maar er is meer aan de gang. De traditie is niet meer bekend en wordt ook niet meer als ‘van deze tijd’ aanzien”, klinkt het. Zo pasten steden als Izegem en Roeselare zich al aan de 21ste eeuw aan. Voor het afschieten van vreugdeschoten mogen er geen kanonnen meer gebruikt worden, maar wel feestvuurwerk. Als ware het oudejaar.

Strikte regels

Een schieting kan ook niet meer in het wilde weg georganiseerd worden. Waar je vroeger ongeremd kon schieten, heb je tegenwoordig in alle gemeenten een vergunning van de burgemeester nodig. In een handvol gemeenten, zoals De Panne, Kortemark, Ichtegem, Wingene, Oostkamp en Zedelgem, geldt zelfs een radicaal verbod. “Na een zwaar ongeval in onze gemeente tijdens zo’n schieting hebben we dit bij ons verboden”, luidt het bij de gemeente Zedelgem. “Uitzonderingen worden onder geen beding toegestaan.”

Wie in een van de andere gemeenten een toelating wil, moet zich aan strikte regels houden. In zo goed als alle gemeenten is er een tijdsbeperking, veelal tot 22 uur. In Ardooie en Tielt is daarenboven de tijd beperkt tot een halfuur. Brugge gaat nog een stap verder. Daar wordt zelfs het aantal schoten bepaald. “Eén schot per vijf minuten, met een maximum van twaalf per uur. Om 20 uur moet er gestopt worden. En het kan enkel in de rand. In de binnenstad is het sowieso verboden.”

Een gietijzeren vijzelorgel, een bidon ‘poer’ en enkele bakken bier. Dit zijn dé ingrediënten van een schieting

Een andere veel voorkomende regel is dat het aanstaande paar de buurt moet verwittigen. “We merken geen tolerantie meer bij de mensen in de buurt”, zegt het gemeentebestuur van Jabbeke. “‘s Avonds urenlang knallen: de mensen aanvaarden dat niet meer.” Kijk maar naar hoeveel commentaar er tegenwoordig komt bij het vuurwerk met oudejaar, niet zelden uit bezorgdheid voor de huisdieren of slapende kindjes. “Bij inbreuken kan een GAS-boete uitgeschreven worden, maar dat wordt haast altijd met de mantel der liefde bedekt.”

Weddingplanner Marlies Maddens van ‘Dame Blanche’ ziet nog een andere reden. “De vrijgezellenfeesten breiden steeds meer uit. Waar dat vroeger één dag duurde, worden nu hele weekends georganiseerd. En heel vaak in het buitenland. Vrienden nemen straks deel aan een vrijgezellenfeest van vijf dagen, in Ierland! Die uitgebreidere feestjes vervangen de schietingen.”

Voor de kustbewoners verandert er sowieso weinig. Uit onze rondvraag blijkt dat de traditie van schietingen daar niet bestaat. “Dit gebruik is bij ons niet bekend”, klinkt het in koor.

‘Hofleverancier schietingen’

Wie een schieting wil organiseren, kent ongetwijfeld IJzerwaren Boudewijn – lokaal beter bekend als Boudewientjes – in Ardooie. Het is zowat de enige plaats in Vlaanderen waar je de nodige producten legaal kan aankopen. “Wij hebben een vergunning, maar moeten ons aan strikte regels houden”, vertelt zaakvoerder Johan Vandeputte. “Zo mochten we tijdens terreurniveau 3 geen producten meer verkopen… Nu, tijdens terreurniveau 2, kan iedereen weer bij ons terecht.”

“Het explosieve mengsel zelf verkopen we niet, wel de verschillende bestanddelen om het ‘poer’ te maken”, legt Johan Vandeputte uit. “Dit zijn twee stoffen die voorzichtig met elkaar gemengd moeten worden en dan explosief worden. In Spanje kopen we die producten met paletten aan en wij verkopen ze aan andere winkels, jeugdbewegingen – soms komt de KLJ om een lading voor alle trouwfeesten in het jaar – of particulieren. Telkens met alle mogelijke info. Het is leuke folklore, maar het moet leuk blijven. Zo wijzen we er bijvoorbeeld op dat de mengeling ontploft als die onder druk komt te staan. Niemand moet dus op het einde van de avond met een leeg flesje bier over wat restjes poeder rollen, want dat kan al een ontploffing veroorzaken. Per kanon volstaat zeker 1 kilogram poeder voor een hele avond. We adviseren ook om met zeer kleine hoeveelheden poeder naar het kanon te stappen, en niet met hele zakken. Onder de stalen buis moet immers maar een koffielepeltje poeder. Al deze kleine tips kunnen ongevallen doen vermijden. Ik pleit ervoor om bij schietingen een steward aan te duiden, die instaat voor een veilig verloop van een schieting. Dat lijkt me veel beter dan deze leuke folklore te verbieden, wat steeds meer gebeurt.”

“Hartje in het asfalt branden”

Dat de schietingen stilaan verdwijnen, merkt Johan niet aan zijn omzetcijfers. “De schietingen zelf zijn aan het verminderen, maar omdat ik zowat de enige ben die de producten ervoor verkoopt, voel ik het amper in de vraag. Vroeger kon je die producten ook nog kopen in apotheken, maar die hebben er geen vergunning meer voor. Van over heel Vlaanderen komen ze naar hier om producten om te schieten of om een hartje in het asfalt te branden.”

Wie wil vasthouden aan de traditie van een schieting is Yves Grymponprez uit Meulebeke. De landbouwer van Hoevevlees Bosterhout stapt op donderdag 19 mei in het huwelijksbootje met Hanne Darras. Volgende week woensdag organiseert hij op het bedrijf een schieting. “Geen seconde heb ik getwijfeld om een schieting te houden”, zegt hij. “In het landbouwmilieu komt dat nog heel veel voor. Al mijn maten hielden ook een schieting. Ik wil die traditie in ere houden. Het ideale moment om met familie, maten en buren gezellig samen te komen voor een pintje, een hapje en een muziekje. En natuurlijk wat ‘poere’…”

Schietingen zijn niet zonder gevaar

Dat schietingen niet zonder gevaar zijn, bewijst het verhaal van Bart Verhaeghe. De Meulebekenaar verloor in september 2006 zijn rechterhand en linkeroog toen hij ontploffingspoeder aan het bereiden was.

Alsmaar minder schietingen in West-Vlaanderen
© FM

Woensdag 6 september 2006. Die datum staat voor eeuwig in het geheugen van Bart Verhaeghe (36) gegrift. Voor de schieting van een Chirovriend in Wingene was Bart in de vooravond het nodige poer aan het bereiden, maar toen sloeg het noodlot toe. “Ik herinner me nog een enorme ontploffing”, blikt hij terug. “Ik werd weggekatapulteerd en voelde over mijn hele lichaam het poeder branden. De klap had me ook volledig verblind. Ik wilde meteen recht krabbelen, maar dat lukte niet. Ik had het meteen door: ik was mijn handen kwijt.”

Bart werd in allerijl naar het AZ Sint-Jan in Brugge overgebracht. “Daar heb ik een maand in kunstmatige coma gelegen en in de loop der jaren onderging ik er in totaal een dertigtal operaties. Vooral plastische chirurgie. De artsen slaagden er in om aan mijn linkerarm enkele vingers opnieuw aan te hechten en ik kreeg ook een oogprothese. Een erg zware tol. Ik was 25 jaar oud en tot dan lachte het leven me toe. Die bewuste septemberavond werd, zonder dat ik het wilde, de pauzeknop ingedrukt.”

Alsmaar minder schietingen in West-Vlaanderen
© FM

Bart onderging een revalidatie van drie jaar, maar verloor op geen enkel moment de hoop. “Ik kon zelfs weer bij mijn werkgever in Ingelmunster aan de slag”, zegt hij. “Niet langer als magazijnier en machinebediende, maar ik kreeg een administratieve functie. Mooi. En gelukkig kon ik rekenen op erg veel steun van mijn vrienden en familie. In november 2007 organiseerden die zelfs Benebart, een benefiet om me een financieel duwtje in de rug te geven. Liefst 1.500 mensen kwamen daar op af. Dat zorgde ook voor een enorme mentale boost en tegelijk gaf het me de nodige ademruimte. Ik kon bijvoorbeeld een eigen appartementje en een aangepaste auto kopen. “

Hoewel het ongeval het leven van Bart drastisch door elkaar heeft geschud, staat hij nog altijd even positief in het leven. “Die gebeurtenis heeft mijn leven getekend, maar ik kijk enkel vooruit”, benadrukt Bart. “Ik kan nu inderdaad sommige dingen niet die anders wél mogelijk waren geweest. Zonder dat ongeval woonde ik nu waarschijnlijk in een huisje dat ik eigenhandig had verbouwd. Maar dat is nu eenmaal niet meer aan de orde. So be it. Veel mensen zeggen me dat ze mijn strijdlust bewonderen, maar ik wíl mijn hoofd niet laten hangen. Mij krijgen ze niet kapot.”

“Ik ben niet meer naar een schieting geweest. Al mijn vrienden organiseren gewoon een drink”

Naar een schieting is Bart sindsdien niet meer geweest. “Ik kan niet zeggen dat ik het fenomeen sindsdien mijd, maar het is er gewoon niet meer van gekomen. Niemand van mijn vrienden heeft nog een schieting georganiseerd. Ze hielden het telkens bij een gezellige drink. Eén keer, toen ik na een bezoekje het Sint-Jozefsziekenhuis in Izegem verliet, was er net een schieting in die straat bezig. Ik schrok me een hoedje en werd meteen terug geflitst naar 2006, maar enkele tellen later had ik de knop alweer omgedraaid. Ik kon vrij snel een punt achter dat hoofdstuk zetten. Gelukkig maar.”

‘Malchance’

Dat het aantal schietingen in West-Vlaanderen er op achteruit boert, vindt Bart een logische evolutie. “Mijn ongeval heeft indertijd flink wat weerklank gehad en mensen aan het denken gezet. Ik blijf het een mooie traditie vinden, maar de tijden zijn veranderd. Zelf zal ik niemand afraden om een schieting te geven en ik zal al zeker niet op de gevaren wijzen. Ik heb gewoon erg veel malchance gehad. Meer niet.”

“Zelf ben ik op één vlak wél veranderd: ik leef veel meer in het nu. Sinds mijn ongeval ontzeg ik me maar weinig meer. Ik liet de tatoeage zetten die ik al zo lang wilde, ik heb een benji- en parachutesprong ondernomen, trok drie weken naar Thailand, ondernam een Dodentocht, ga vaak naar optredens… Die les heb ik wel getrokken: meer genieten van het leven. Voor het ongeval was mijn mama al gestorven en ondertussen ben ik ook mijn vader verloren. Twee prachtmensen. Maar ik prijs me gelukkig. Ik ben er nog. En dat is het grootste geschenk dat ik kon krijgen. Het enige wat ik nog wil, is een nieuwe job. Sinds januari ben ik bezig aan mijn vooropzeg en ik wil graag een nieuwe uitdaging. Logistiek of iets administratief, dat maakt me niet uit. Zolang ik me maar kan bewijzen.”

(PVH)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.