Aantal kusthotels stijgt voor het eerst in jaren

Hannes Hosten

Het aantal hotels aan de kust nam in 2018 voor het eerst in jaren weer toe. Dat blijkt uit cijfers van Westtoer. Op 1 juli 2017 waren er 193 kusthotels, eind 2018 telde de kust er 198. Het aantal kamers kent al sinds 2013 weer een stijgende trend, maar het voorbije jaar was er een uitgesproken toename van 5.937 naar 6.274. Schaalvergroting is een duidelijke trend. Vier van de vijf nieuwe hotels tellen 60 tot 80 kamers en behoren tot de ketens Ibis of Mercure. Het Gatsby Hotel in Blankenberge is de uitzondering met slechts 24 kamers en wordt familiaal gerund door broer en zus.

Het aantal hotels aan de kust ging maar liefst 15 jaar in dalende lijn: in 2002 waren er nog 303, in 2017 was dat teruggelopen tot 193. Veel familiale hoteluitbaters bereikten de pensioenleeftijd en hadden geen opvolging of zagen grote investeringen om te voldoen aan de toeristische wetgeving niet meer zitten. Heel wat hotels werden opgekocht door projectontwikkelaars en vervangen door appartementen. Het aantal kamers daarentegen daalde tot in 2012, maar kent sindsdien weer een stijgende trend.

Dat wijst op een schaalvergroting: minder hotels, maar met meer kamers. Tot vorig jaar. Voor 2018 stellen we immers een trendbreuk vast. De telling is nog niet rond en daarom zijn de cijfers nog niet volledig, maar de eerste gegevens laten voor het eerst weer een stijging van het aantal hotels zien.

“Sinds 1 juli 2017 zijn er vijf hotels bijgekomen”, bevestigt Liesbet Billiet, regiomanager Kust bij het provinciale toerismebedrijf Westtoer. “Bovendien werden de hotels die stopten overgenomen door andere hoteliers, en dus niet opgekocht door projectontwikkelaars..”

ibis budget hotels

Tot die laatste groep behoort een absolute blikvanger onder de kusthotels: het Oostendse Hotel Royal Astor was begin 2017 nog open, maar werd overgenomen door de groep C-Hotels, hip en trendy gerestyled en op 1 juni 2018 heropend onder de naam Upstairs. Bij de nieuwkomers vallen vooral de drie Ibis Budget Hotels op die in 2018 werden geopend: aan de luchthaven van Oostende, in Blankenberge en in Knokke-Heist. Op 6 juli 2017 startte ook al Mercure Blankenberge, dat net als Ibis tot de Accor-groep behoort. En dan is er nog de veel kleinere Gatsby, ook in Blankenberge.

Een kwalitatief hotel aan zee kan het jaar door een goede bezetting halen

“De nieuwe hotels tellen minimaal 60, 80, tot zelfs 100 kamers”, weet Liesbet Billiet.

“We gaan dus naar grotere hotelbedrijven, die professioneel te runnen zijn. Zo kan je makkelijker een manager aanstellen om de hotels zo rendabel mogelijk te runnen. Er is meer animo voor hotels aan de kust, omdat het meer en meer een vierseizoensbestemming is geworden. Een kwalitatief hotel aan zee kan het hele jaar door een goede bezetting halen. We stellen ook vast dat er de jongste jaren heel veel geïnvesteerd wordt in de bestaande kusthotels.”

Twee sterren

Het Ibis Budget Hotel aan de luchthaven van Oostende, eigenlijk grondgebied Middelkerke, draait beter dan verwacht. Dat zegt manager Bert Degryse.

Aantal kusthotels stijgt voor het eerst in jaren

“Met de prachtige zomer van 2018 hadden we dan ook een uitzonderlijk opstartjaar. We kenden een bezetting van 67 procent, heel goed voor een beginnend hotel. Er komen niet zo veel klanten van de luchthaven, daarvoor is er nog te weinig passagierstrafiek. We verwachten wel nog iets van de nieuwe verbinding met Moskou, die in maart start. Onze bezoekers zijn voor de helft toeristen en voor de helft zakencliënteel. Daar zijn ook veel mensen bij die in de Oostendse haven werken. Wij zijn een erg betaalbaar hotel en spelen dat ook uit. In Oostende zijn er al veel drie- en viersterrenhotels, maar niet veel met twee sterren, zoals wij. Wij willen nog groeien: er ondertussen een aanvraag binnen om 28 kamers bij te bouwen. In het beste geval zal de uitbreiding eind 2020, begin 2021 klaar zijn.”

Buitenbeentje

Buitenbeentje bij de nieuwkomers is viersterrenhotel Gatsby in Blankenberge, gevestigd in de vroegere Aquilon, die al een tijd dicht was. De Gatsby telt maar 24 kamers. De zaakvoerders, broer en zus Luc en Annick Fourier, baten ook de hotels Avenue Boutique en Malecot Boutique uit. “Samen zijn de drie hotels goed voor 95 kamers in Blankenberge, op 150 meter van elkaar”, zegt Luc.

“Ons sterke punt is de lage personeelskost. Mijn zus en ik runnen onze zaken met drie personeelsleden, van wie twee in de Gatsby. ‘s Zomers komen er wel tijdelijke krachten bij en in mei nemen we een vierde medewerker vast in dienst.”

Bert Degryse van het Ibis Budget Hotel aan de luchthaven denkt aan uitbreiding.
Bert Degryse van het Ibis Budget Hotel aan de luchthaven denkt aan uitbreiding.© PETER MAENHOUDT

Persoonlijke sfeer

“Als ik bij de collega’s zie welke equipe daar soms rondloopt! En velen staan weinig te doen”, vindt Luc. “Wij werken zelf heel veel, maar ook onze medewerkers zijn altijd aan de slag. Bovendien doet iedereen alles bij ons. Iedereen kan kamers poetsen, het ontbijt serveren of gasten laten inchecken. De persoonlijke sfeer bij ons werkt. Wij gaan zelf mee naar de kamer en laten de gasten niet aan hun lot over. De meerwaardezoeker is graag bij ons te gast. We zijn het hele jaar open en halen een bezetting van 67 procent. En de prijs? We zijn goedkoper dan de Mercure en het kamerniveau is veel hoger. Voor ons zijn het lange dagen, maar ik doe het supergraag. Mijn werk is mijn hobby.”

Groep C-hotels neemt hoge vlucht met nieuwe uitbreiding

Hotelgroep C-Hotels neemt een hoge vlucht. Amper vier jaar geleden opgericht telt de groep nu al zeven hotels in Middelkerke, Oostende en Blankenberge. En ook dit jaar breidt de groep verder uit. In mei opent de Cocoon in Oostende, in juni de Continental in De Panne. Zo stijgt het aantal kamers van 430 naar 550. “Ik denk dat je het best samen kan werken”, zegt zaakvoerder Xavier Vercaemst, die de groep nog wil uitbreiden, zowel aan de kust als in het binnenland.

20 jaar ervaring, straks 550 kamers, 11 miljoen euro omzet, een jaarlijkse bezetting van 70 procent en een mascotte: Charlie, de zeemeeuw. Dat is de groep C-Hotels in een notendop, waarbij C staat voor ‘sea’. De groep ontstond een viertal jaar geleden, toen de Oostendse hotelier Xavier Vercaemst (37) en zijn vrouw Inge Decuypere de krachten bundelden met Jan Dobbelaere en Stefanie Surmont. Die runden in Middelkerke de aparthotels Zon en Zee en Zeegalm en toen ook nog het hotel Zeeparel, dat intussen verdween.

Ouderlijk huis

De basis van de groep was op dat moment al gelegd door Vercaemst.

We hadden hier al de Burlington en de Andromeda, we wilden onze eigen markt niet kannibaliseren

“Het Oostendse hotel Burlington is mijn ouderlijk huis. Ik studeerde bedrijfsbeheer in Leuven en had altijd gezegd nooit in de hotelsector te willen stappen. Ik ben opgevoed door nanny’s, mijn ouders hadden nooit tijd en konden nooit eens naar een feest. Maar toen ik afstudeerde, werd mijn alleenstaande nonkel ziek. Hij baatte hotel Excelsior op de zeedijk in Middelkerke uit, de zomer stond voor de deur en er werd iemand gezocht om de boel recht te houden. Zo sukkelde ik, eerst als jobstudent, toch de hotelwereld in.”

“Het hotel in Middelkerke werd verkocht aan de vastgoedgroep Depoorter. Ik had niet meteen een andere job en startte er als uitbater op zelfstandige basis. Ik kocht het intussen voor de helft terug. Mijn ouders beslisten in 2007 om te stoppen met de Burlington en toen beslisten mijn vrouw en ik dat hotel erbij te nemen. Middelkerke was redelijk kalm, zeker in de winter. In Oostende had je veel meer beweging. We gingen er vrij snel renoveren en mikten meer op businesscliënteel dan op de Britse toeristen. En dat sloeg aan”, zegt Vercaemst.

Andromeda

“Ik herinner mij nog het feestje voor mijn 30ste verjaardag, waarop een maat zei: Zou je de Andromeda niet kopen? Dat is toch hèt hotel van Oostende. Dat hotel stond toen te koop bij een groot Brussels verkoopbureau, maar via via raakten we bij de eigenaars. Niet evident voor een jong gastje met niet veel geld op zijn boek, maar we kregen het toch vrij snel rond. Ook omdat de groep Depoorter en Alheembouw uit Roeselare mee investeerden. Na een maand of vier stelden we vast dat er redelijk wat synergieën mogelijk waren. We wilden een overkoepelende groep en vonden Jan Dobbelaere en Stefanie Surmont bereid daarin mee te stappen. We hebben dezelfde leeftijd, kennen dezelfde problematiek en delen eenzelfde visie op het leven. We vullen elkaar heel heel goed aan. Zo is de groep C-Hotels geboren. In 2015 kochten we samen hotel Helios in Blankenberge. We renoveerden het vrij snel en breidden het uit van 34 tot 50 kamers”, gaat Vercaemst verder.

Xavier Vercaemst van de groep C-hotels.
Xavier Vercaemst van de groep C-hotels.© PETER MAENHOUDT

Groeipotentieel

“In 2016 konden we na tien jaar onderhandelen het Royal Astor hotel in Oostende kopen. Het telt 96 kamers op een schitterende ligging in Oostende. We hadden hier al de Burlington en de Andromeda, we wilden onze eigen markt niet kannibaliseren. Daarom kozen we voor een concepthotel in een urban style en met een New Yorkse sfeer. We doopten het Upstairs en dit hotel met een hoek af is als een raket vertrokken en heeft nog veel groeipotentieel”, zo is Xavier overtuigd.

“Oostende zit in de markt. We vonden dat er nog ruimte was tussen ons driesterrenhotel Burlington en het Andromedahotel, dat vier sterren ‘plus’ heeft. Daarom namen we hotel Acces in de Van Iseghemlaan over. Dat heropent in mei onder de naam Cocoon. Het krijgt een Hampton Beach-stijl en zal 67 kamers tellen. Dit viersterrenhotel krijgt een toegankelijke prijszetting. Vandaag betaal je voor een nacht met twee personen, zonder ontbijt, zo’n 70 euro in de Burlington en de Upstairs en 120 tot 130 euro in de Andromeda. In de Cocoon zal je zo’n 95 euro neertellen.”

Art nouveau

Het succesverhaal stopt niet in Oostende. “In De Panne openen we in juni het hotel Continental in een vroegere vakantiekolonie in de Duinkerkelaan”, vervolgt Xavier. “Dit pand kwamen we par hazard tegen op een vastgoedsite. We brachten een bod uit zonder het gezien te hebben en tot onze verbazing was dat het hoogste. We gingen met een klein hartje kijken. Het beschermde pand uit het begin van de 20ste eeuw stond al jaren leeg. Zouden de ratten er niet binnen lopen? Maar dat bleek goed mee te vallen. We renoveren het pand en geven het ook van binnen een art nouveau-stijl. Het aantal kamers brengen we terug van 60 tot 40, maar later willen we een polyvalent gebouw achteraan vervangen door een nieuwbouw met nog 30 kamers.”

Ons urban Concept Upstairs willen we uitrollen naar steden in het binnenland

Ook het aparthotel Zeegalm in Middelkerke krijgt nog een opwaardering. In een aparthotel heeft elke kamer een kleine keuken. Je kan er dus ook zelf koken. Tegen de zomer worden de 22 bestaande studio’s van Zeegalm gerenoveerd en komen er nog 20 hotelkamers in de plaats van het oude receptiegebouw. Met de twee nieuwe hotels en de uitbreiding van Zeegalm zal C-Hotels tegen midden dit jaar ruim 550 kamers tellen. De bundeling van de krachten van twee families tot één groep werpt duidelijk zijn vruchten af.

“Alles van marketing doen we samen en voor alle aankopen sluiten we raamcontracten af met de leveranciers”, legt Xavier uit.

“Dat is ook een voordeel als er een nieuw hotel bij komt in de groep: je hoeft niet opnieuw alles te onderhandelen, de leverancier met de beste prijs krijgt er ook dat hotel bij. We zijn nu ook bezig met het stroomlijnen van alle computerprogramma’s: voor de boekingen, de boekhouding… Op dit moment werken in de hele groep 100 voltijdse krachten, in de zomer aangevuld met tot 150 tijdelijken. Met de uitbreiding zal dat stijgen tot 130 en 180 mensen.”

Familiehotels

“Vroeger was het financiële aspect het moeilijkste, nu is dat vooral het vinden van geschikte opportuniteiten, omdat we de lat hoger leggen. Wij willen mede-eigenaar of volledig eigenaar zijn van alle hotels. Ons concept Upstairs zouden we graag uitrollen naar andere steden. Het is een stedelijk concept. Aan onze kust zullen we het niet meer herhalen, maar het zou wel aanslaan in steden als Brugge, Gent, Antwerpen. Maar ook bijkomende hotels aan de kust sluiten we niet uit. Er zijn ondertussen veel familiehotels verdwenen. En er zullen er nog verdwijnen. In een familiehotel moet je alles zelf doen, van de marketing tot het klaarmaken van het ontbijt. Ik denk dat het beter is om samen te werken en grotere gehelen te vormen zoals wij gedaan hebben. Dat geldt ook in andere sectoren. Maar er zal altijd ook een publiek zijn voor familiehotels. Als ze maar blijven innoveren en investeren”, besluit ondernemer Vercaemst.

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.