In deze reeks kijken we doorgaans áchter Brugse gevels, maar van de woning die we deze week bezoeken is ook de gevel zelf meer dan het bekijken waard.
...

In deze reeks kijken we doorgaans áchter Brugse gevels, maar van de woning die we deze week bezoeken is ook de gevel zelf meer dan het bekijken waard. Gastvrouw Ingrid Bril is dolenthousiast over de façade van haar huis in de Korte Rijkepijndersstraat, een zijstraatje van de Carmersstraat. "Er is eigenlijk wel iets vreemds mee, want de mooiste gevel ligt aan de kant van de Carmersstraat en heeft geen voordeur. Die bevindt zich om de hoek, in de zijgevel die veel minder rijkelijk is aangekleed. Op de gevel in de Carmersstraat zie je de beeltenis van drie zwanen. En in de ornamenten op de verdieping is de afbeelding te zien van een brouwkuip met daarin een roerstok. Een duidelijke symbool voor de brouwactiviteit die hier moet hebben plaatsgevonden." Een kijkje op de website van Onroerend Erfgoed leert ons dat het gaat om een beschermd gebouw dat de naam De Drie Zwanen kreeg. Het pand dateert van 1632, tot 1962 deed het dienst als brouwershuis. (lees verder onder de foto)Als we de ruime en vooral hoge hal binnenstappen, blijkt al vlug dat hier een creatieve dame met bijzonder veel oog voor schoonheid woont. Bloemen vormen duidelijk het centrale thema in deze ruimte. "Ik ben altijd veel met decoratie en schoonheid bezig geweest. Ik runde 17 jaar een bloemenzaak in de Sint-Jakobsstraat en in diezelfde straat had ik acht jaar een damesboetiek", vertelt Ingrid. (lees verder onder de foto)"Voor ik hier kwam wonen heb ik dertig jaar aan de Komvest gewoond. Ook daar had ik een ruime verzameling antiek en brocante. Toen ik zo'n vier jaar geleden naar hier kwam, heb ik natuurlijk zo veel mogelijk meegebracht. Toen ik de woning te huur zag staan en een bezoekje bracht, zag ik meteen dat het een pand naar mijn zin was. Een pand met karakter, met een verhaal. Maar ik zag meteen ook dat er nog erg veel werk aan was. En ik ben er meteen in gevlogen, met de bescheiden middelen die ik had. Oude resten verf die ik nog staan had, heb ik met zo'n mixer die je op een boormachine kunt monteren, gemengd tot de juiste kleuren. Op de eerste verdieping lag er dik lelijk tapijt vastgemaakt op een prachtige houten vloer; dus die heb ik met veel geduld verwijderd." Ingrid heeft er inderdaad iets heel mooi van gemaakt. De stemmige zitkamer vormt een expositie van alles waar Ingrid een passie voor heeft. En dat is véél, bijzonder veel. "Mijn familienaam is Bril en dus ben ik jaren geleden al oude brilletjes beginnen verzamelen. En daar enigszins bij aansluitend verzamel ik ook oude verrekijkers en fototoestellen", vertelt Ingrid. "Mijn grootvader was schoenmaker in het Belgisch leger en ook die oude toestellen interesseren me, zoals de instrumenten waarmee te nauwe schoenen kunnen worden verbreed." Voorts zien we nog opgezette vlinders, fijn houtsnijdwerk en enkele kantklossen. Als we de hal doorsteken, komen we terecht in een opmerkelijk lichte eetkamer, waar de kleur wit de toon zet. "Elke kamer heeft zo'n beetje een eigen kleur en een eigen stijl", duidt Ingrid. "Ik gebruik deze ruimte eigenlijk niet echt, maar ik beleef er toch veel plezier aan. Hier etaleer ik onder meer mijn groene Provençaalse serviezen. Ik maak ook geregeld zelf decoratieve objecten. Zo plooi ik de bladzijden uit een boek tot een waaier en die plaats ik dan op een houten sokkeltje. Voorts maak ik ook graag gebruik van partituren als decoratief element." Ingrid neemt ons ook mee naar de keuken en die valt toch wel even uit de toon. De keukenkastjes lijken ergens uit de jaren '80 te dateren en sluiten precies niet helemaal aan bij de fijne elegantie die elders in het huis de boventoon voert. (lees verder onder de foto)"Dit is natuurlijk een huurhuis en een volledig nieuwe keuken plaatsen was niet aan de orde. Maar ik heb wel geprobeerd om deze ruimte voor de rest fijn zo fijn mogelijk aan te kleden." Vervolgens gaat het via de krakende trap naar de slaapkamer, die gekenmerkt wordt door de kleuren paars en groen. Ingrid plaatste er ook antieke kinderpoppen, paspoppen en een uitgebreide collectie hoeden. In de stemmige badkamer is Ingrid bijzonder trots op haar schelpencollectie. De rondleiding wordt afgerond op de zolderruimte, die ook weer een heel eigen, voornamelijk etnisch-Afrikaans karakter heeft. "Ik wil toch nog één iets verduidelijken: het is helemaal niet zo dat dit huis vol dure spullen staat. Daarvoor heb ik de middelen niet. Het is het resultaat van 30 jaar lang snuisteren op rommelmarktjes in binnen- en buitenland. De waarde van een object zit in het verhaal er achter, in de band die ik ermee heb."