Zoals het verhaal van Tristan Liekens, de 20-jarige Antwerpenaar die sinds vorige week een eigen bakkerij heeft in het Molenaarshuys, bij de houten staakmolen waar binnenkort weer wieken aan zullen staan, zoals dat in 1880 het geval was. Nu al schuiven de klanten aan voor de boterpistolet en de Berlijnse Burger, een boule met aardbeien en slagroom, één van de vele lekkernijen in de toonbank waar Tristans moeder, Nicole Van Otten, achter staat.
...

Zoals het verhaal van Tristan Liekens, de 20-jarige Antwerpenaar die sinds vorige week een eigen bakkerij heeft in het Molenaarshuys, bij de houten staakmolen waar binnenkort weer wieken aan zullen staan, zoals dat in 1880 het geval was. Nu al schuiven de klanten aan voor de boterpistolet en de Berlijnse Burger, een boule met aardbeien en slagroom, één van de vele lekkernijen in de toonbank waar Tristans moeder, Nicole Van Otten, achter staat."Tristan zat in het vierde leerjaar toen hij voor zijn verjaardag een bakkerskostuum vroeg", vertelt ze. "Drie jaar later begon hij aan het PIVA in Antwerpen in de richting bakkerij. Toen we verhuisden naar Wenduine, stapte hij over naar Ter Groene Poorte. Daar heeft hij zijn stage gedaan bij Roger Van Damme en is hij in de Mexicaanse jungle de geheimen van de cacaobonen gaan ontdekken." De jongen werd aangemoedigd om voor zijn dromen te gaan en het duurde niet lang of thuis moest het kunstatelier van papa Peter wijken voor een industriële oven. "Zo werd het plots een familieproject", lacht Nicole. "Peter gaf zijn job op, volgde een basisopleiding patisserie en liep stage bij een toppatissier." Zelf zorgde Nicole, een voormalige etalagiste, voor de inrichting van de winkel, die genoemd is naar de mannen achter het initiatief: Bakkerij Petris. Nitrist was anders ook wel een mooie naam geweest.Vijf minuten klimmen is het van Petris naar de Persepit, een collectie monumentale, bonte kunstwerken die deel uitmaakt van een kunstsite, maar ook iets heeft van een sprookjespark. Het perfecte opstapje naar het kinderplezier nog wat hogerop. Wie vertrouwd is met de stripalbums van Merho, weet intussen dat de tekenaar een tweede verblijf heeft in Wenduine en staat er niet versteld van dat tekeningen van Kiekeboe en zijn kompanen tegen de muren van de Spioenkop hangen, een uitkijkpost op de top van de tweede hoogste duin van de kust. De Hoge Blekker is met zijn 33 meter twee meter hoger. Stien Van Aert geraakt niet uitgekeken op het adembenemende uitzicht. Ze komt al van in haar kindertijd naar Wenduine en zelfs nu haar dochters volwassen zijn, blijft ze dat doen. "Voor de rust en de kalmte", vertelt ze. Alsof die in haar eigen Kalmthoutse heide niet te vinden zijn. "Jawel", lacht ze. "Maar daar heb je geen zee." Stien wil de zee zien, ruiken en vooral horen. "Het onophoudelijke ruisen van de baren heeft een kalmerend effect dat je met niets kunt vergelijken", zegt ze. Wenduine had Zen-duine moeten heten.Misschien daardoor dat gocartverhuurder Patrick Seghers nog net niet uit zijn vel springt. Door covid-19 is alle verkeer van rijwielen verboden op de dijk waar hij rollend recreatiemateriaal verhuurt. Nochtans is er ruimte in overvloed. Geen enkele dijk is breder en mooier sinds hij enkele jaren geleden werd heraangelegd en versterkt, omdat Wenduine het meest kwetsbare punt is als ooit de gevreesde superstorm tegen onze kustlijn beukt. "Tracht zo maar eens het seizoen te redden dat eerder al drie maanden was ingekort", zucht Patrick. "Gelukkig mogen alle karretjes wel nog op de rotonde, hier vlakbij, maar ouders die verder op een terrasje zitten, durven hun kleintjes daar vaak niet alleen achterlaten." Wellicht ook omdat het zo'n tochtgat is dat wankele peutertjes er dreigen weg te waaien. Dan liever op het gezellige marktplein waar je aan de zuidkant onder het monumentale, oude gemeentehuis kunt doorrijden. In het al even opmerkelijke appartementsblok aan de overkant met de warme naam Al Zon, baat de zachtaardige Freddy Langaskens al veertig jaar het verhuurcentrum Frederika uit. Gevraagd of hij, zoals zijn concurrent, ook te lijden heeft onder de coronamaatregelen, zegt hij: "Dat is een vriend, ik heb geen concurrenten. En over de verhuur hoor je me niet klagen." Maar de sfeer is gedempt en ingetoomd, niemand durft zich te laten gaan. Freddy had zich het einde van zijn beroepscarrière wellicht anders ingebeeld. "Volgend jaar ga ik met pensioen. Ik kan niet meer verder. Ik heb in '12 mijn zoon verloren...", prevelt hij. Zijn ogen worden glazig. Alles vervalt in het niets bij zulke mededelingen. De drie goedgemutste dames met een fietshelm op, die 's middags op een bankje op de dijk groentjes aan het scheppen zijn uit tupperware dozen, zijn helemaal uit Veldegem gekomen, met de elektrische fiets. "We fietsen iedere dinsdag", zegt de ene die zich voorstelt als "Wilfried met een a, Wilfrieda". Dewulf is haar familienaam. Ze is 72. Monique Cappelle, "met twee p's en twee l'en", is de oudste: 79. "Ik rij ook nog met de club op zondag, op een koersfiets, een Merckx van 18 jaar oud. Ik ben altijd supporter geweest van Eddy Merckx. Nu nog fleur ik op als ik hem zie", buldert ze. "Vroeger barstte ik in tranen uit telkens als hij won." Wilfrieda stroopt de schil af van een banaan en verklaart: "Tegen de krampen." De derde, Greta Capelle, is met haar 69 de jongste. "Vijftien jaar geleden waren we met zeven vrouwen", zegt ze. "Eén is gestorven, een andere had een beroerte en nog iemand zit intussen in een rolstoel." Zelf is ze ook lange tijd buiten strijd geweest. "Een dikke twee jaar geleden reden we nog iedere week 100 km of meer op een gewone fiets. Maar toen is er een vrachtwagen over mijn benen gereden", zegt ze droogweg. "Drieënhalve maanden ziekenhuis en 8 operaties. Sinds kort lukt het weer om te fietsen met een elektrische fiets. Lopen gaat minder." Monique spaart haar lof niet: "Ik bewonder je", en Wilfrieda treedt haar bij. "Er zijn er weinigen die zouden doen wat jij doet."Op de weg van Wenduine naar De Haan zijn er verschillende toegangen tot het strand. Hoe hoger de trap ernaartoe, hoe ongerepter de duinen waarin je terechtkomt. Eén van die trappen is niets minder dan de Stairway to Heaven, de kortste weg naar de hemel. Boven is er geen levend wezen te zien. Het zicht is er niet minder dan fenomenaal. De zee heeft er alle kleuren.Op de dijk van De Haan heerst er dan weer een gezellige drukte. Guido Molemans en zijn vrouw Magda zitten op het voorkoertje van de oude burgerwoning met de naam Notre Nid (Ons Nest), naar de passanten te kijken. Het koppel komt uit Antwerpen. "We hebben lange tijd in Lichtaart gewoond, bij Bobbejaanland. Daar hebben we nu nog een stacaravan. Eigenlijk hebben we dus twee buitenverblijven. Het was mijn laatste wens om aan zee te wonen." Vijf jaar geleden vreesde Guido even dat een huidkanker hem zou vellen tot hij instemde met een immuuntherapie. "Een Amerikaanse firma testte een nieuw medicament op me uit. En het bleek aan te slaan", glimlacht hij. "We huren hier de eerste verdieping. Die heeft vier jaar leeg gestaan. Ze was uitgewoond. We doen het met twee kleine pensioentjes, maar we hebben de oude eigenares een voorstel gedaan, hebben zelf het pand opgeknapt en nu hebben we een plekje dat iedereen ons benijdt."Anderen zullen dan weer jaloers zijn op Annick Dosselaere, die net als haar vader Gilbert voor haar al jaren haar brood verdient met stranduitbating: "Ik verhuur strandbedden, windzeilen, cabines en parasols. En ik verkoop wat lichte drank", zo omschrijft ze haar job. Haar broer Koen is ook één van de tien concessiehouders in De Haan. "Het is natuurlijk een ongewoon jaar", zegt ze. "We moeten de cabines verder uit elkaar zetten en daardoor staan er voor het eerst twee rijen. Bijgevolg zijn sommige huurders hun zicht op zee kwijt. En die mopperen natuurlijk." Zelf hoor je haar niet klagen. "De Haan is en blijft de mooiste kustgemeente. Hier is geen hoogbouw en het is een gemoedelijke familiebadplaats. Plus werkelijk het hele centrum, met voorop de concessie, is prachtig."Die concessie is de oude villawijk, die van De Haan het meest authentieke dorp van de kust gemaakt heeft. Onder impuls van de vermaledijde Leopold II gaf de Belgische Staat in 1889 aan drie bouwpromotoren vijftig ha duinen in erfpacht voor 90 jaar, met de bedoeling een villawijk in de duinen te bouwen. Daarbij werden bouwvoorschriften opgelegd die de buurt een zeldzame klasse en stijl gaven. Toen Albert Einstein in de jaren dertig het fascistische Duitsland ontvluchtte, woonde hij enkele maanden in de bescheiden villa Savoyarde in de Shakespearelaan. Vorige week stond een kartonnen replica van de slimste mens ter wereld met een mondmasker op door een bovenraam van de villa naar buiten te gluren. Een gebeeldhouwde Albert Einstein zit dan weer op een bankje in de Normandiëlaan. Velen die er nu met hem op de foto willen, zijn Duitsers. "Einstein zou ervan schrikken hoeveel Duitsers hier wel zijn", monkelt Thierry Schuybroek. "Maar los van nationaliteit, kleur of religie, is iedereen hier discreet. Iedereen heeft respect voor mekaar." Zijn grootouders hadden hier al een optrekje voor WO I en zelf is hij al 12 jaar bezitter van L'Escale, een unieke, modernistische villa uit 1934 in de Prins Boudewijnlaan. L'escale betekent de tussenstop, "maar ons krijgen ze hier niet snel meer weg", besluit Schuybroek.