De claim voor extra middelen voor onderzoek en ontwikkeling in West-Vlaanderen is niet nieuw. Maar het is voor het eerst dat er concrete cijfers en concreet becijferde argumenten naar voren komen. En die zijn op zijn minst opzienbarend.

Per jaar, zo becijferde het forum, krijgt onze provincie 150 miljoen euro te weinig van de Vlaamse regering. Over een hele bestuursperiode van vijf jaar gaat het om 800 miljoen euro.

Inhaalbeweging

Het gaat, zo stellen de West-Vlaamse initiatiefnemers vast, om een structurele onderfinanciering van het hoger onderwijs in onze provincie en in belangrijke mate ook van het bedrijfsleven bij ons op vlak van innovatie, onderzoek en ontwikkeling.

Het forum pleit onomwonden voor een inhaalbeweging.

In verhouding tot andere provincies krijgt West-Vlaanderen niet het deel waar het recht op heeft voor hoger onderwijs. Het West-Vlaamse aandeel is de voorbije jaren zelfs nog verminderd: in 2016, zo rekenden de West-Vlamingen uit, kreeg het hoger onderwijs nog 2,7 procent van de Vlaamse onderzoeksmiddelen, in 2017 was dat nog maar 2,2 procent. Dat aandeel staat fors in contrast met het feit dat in onze provincie ruim 17 procent van de Vlaamse studenten wonen en dat 9 procent van de Vlaamse studenten in West-Vlaanderen hogeschool loopt.

Onderzoek en ontwikkeling

Maar ook de financiering van onderzoek, ontwikkeling en innovatie bij de bedrijven loopt mank voor onze provincie. West-Vlaanderen telt één vijfde van de ondernemingen in Vlaanderen, maar er stroomt amper 17 procent van de onderzoeksmiddelen naar onze bedrijven. Ook hier dus, merkt het forum op, is er sprake van een structurele onderfinanciering.

Het forum merkt ook nog op dat niet één centrum van de Strategische Onderzoekscentra voor Vlaanderen in onze provincie een hoofdzetel heeft. Aangezien die centra hoofdzakelijk zijn ingebed rond universiteiten... en die liggen natuurlijk buiten West-Vlaanderen, zullen ook de middelen die de overheid daarvoor voorziet, weinig of geen effect hebben in onze provincie.

Toponderzoek

Voor de West-Vlaamse sociale partners, waaronder de werkgeversorganisaties en de vakbonden, is de bijsturing van Vlaamse middelen voor de West-Vlaamse economie die behoort tot een van de meest ondernemende regio's in West-Europa van groot belang. Om die positie aan te houden moet er verder worden geïnvesteerd in toponderzoek in onze provincie en academische STEM-opleidingen (wetenschappelijke en technische) die gelinkt zijn aan West-Vlaamse speerpuntsectoren moeten meer ruimte krijgen. De sociale partners willen ook dat de masteropleidingen bij ons worden uitgebreid met die van burgerlijk ingenieur en bio-ingenieur, dat de huidige academische bacheloropleidingen Toegepaste Economische Wetenschappen (TEW) en handelsingenieur worden vervolledigd met de masterjaren. En dat er een volledig cyclus handelswetenschappen wordt ingericht. Tot slot pleit men ervoor om meer te investeren in levenslang leren en meer durf te laten om internationaal te gaan, onder meer door internationaal toptalent aan te trekken.

Een schare van West-Vlaamse topondernemers heeft de claim van de sociale partners ondertekend.