Op stap met Bart Tommelein in Oostende: “Er is lokaal geen toekomst voor traditionele partijen”

Bart Tommelein in zijn Oostende: “Misschien komen we hier in 2024 alleen op, maar zelfs dan zal het niet als Open VLD zijn.” © Christophe De Muynck
Paul Cobbaert
Paul Cobbaert journalist

In 2024 wil hij met een stadslijst opkomen, niet onder de vlag van Open VLD. Dat verklapt Bart Tommelein in de eerste aflevering van onze winterreeks. De voormalige minister is vandaag een ambitieuze burgemeester die bevlogen praat over zijn stad. Als het coronabeleid aan bod komt, is hij plots vlijmscherp. “Wie niet akkoord gaat met een beslissing, moet ontslag nemen. Dat geldt voor Vandenbroucke, maar ook voor virologen.”

Bart Tommelein

• Geboren op 4 mei 1962 in Oostende.

• Getrouwd met Sarah. Vader van vijf. Grootvader van vier.

• Graduaat in de Toegepaste Communicatie.

• Federaal staatssecretaris van 2014 tot 2016. Vlaams viceminister-president van 2016 tot 2018.

• Vlaams parlementslid voor Open VLD.

• Burgemeester van Oostende sinds 1 januari 2019.


Oostende, de koningin der badsteden. Het grauwe stadhuis, bouwjaar 1956, is de startplek van onze wandeling. “Het is dringend aan restauratie toe”, zegt Bart Tommelein wanneer we elkaar groeten. “Het stadhuis, maar ook andere iconen van de stad zoals het Kursaal, de Wellington en de Amandine. Dat is een prioriteit voor de komende jaren. Het investeringsbudget wordt opgetrokken. Je mag je iconen niet laten verloederen. En niet te vergeten: de Thermen. Het is mijn droom om daar een vijfsterrenhotel van te maken. Dat moet dé aantrekkingspool van Oostende worden.”

De burgemeester trekt een warme jas aan en wijst de weg naar buiten. Hij heeft een korte wandeling uitgestippeld, zegt hij. “Ik wandel zeer graag, maar na een brute val enkele jaren geleden lukt dat niet goed meer. Dat is bijzonder jammer. Ik zeg dikwijls tegen mijn vrouw dat ik het mis om lange wandelingen te maken aan de zee. Gelukkig kan ik nog fietsen. Dat is mijn ontspanning.”

Een schokgolf

De stembusslag van drie jaar geleden veroorzaakte een flinke schokgolf in de eigenzinnige badstad. Na meer dan twintig jaar heerschappij verloren de socialisten de sjerp. Meer nog: ze werden uit de coalitie gesmeten. Bart Tommelein, de grote winnaar, sloot een akkoord met N-VA, Groen en CD&V. We zijn halfweg de legislatuur. Of de stad al zijn stempel draagt? De liberaal denkt even na. “Oostende is een dynamische stad geworden. Er zit weer schwung in. (op dreef) De mensen willen hier komen: om te wonen, te werken, te genieten. Dat is niet alleen mijn werk. De aanzet is vorige legislatuur gegeven. Maar het is geen toeval dat de liberalen ook toen bevoegd waren voor ruimtelijke ordening. Waar ik het meest fier op ben? De renovatie van het woonpatrimonium. We zijn een forse inhaalbeweging aan het maken. Dat was een prioriteit, ook in het kader van armoedebestrijding, een hardnekkig probleem hier. En het loont.”

Tommelein mag dan wel van het nationale toneel verdwenen zijn, hij is niets van zijn bevlogenheid kwijt. De nationale politiek is een afgesloten hoofdstuk, zegt hij. Hij is een lokaal politicus geworden. “Het burgemeesterschap is een ongelooflijke eer, zeker voor iemand die hier geboren en getogen is. En de uitdagingen zijn groot. Een dag zonder zorgen bestaat niet voor een burgemeester.” (lacht) We wandelen door Winter in het Park, een van de weinige kerstevenementen die kan doorgaan. Aan de ingang wordt onze Covid Safe Pass gevraagd. “Dat van de burgemeester kleurt altijd rood, maar toch moeten we hem doorlaten”, knipoogt de steward. Tommelein schatert het uit. “Kom, we nemen een aperitief in de Yeti Bar”, zegt hij. “Ik ben heel blij dat de kerstmarkt kan doorgaan, ondanks corona. Onze stad leeft van evenementen zoals deze. Dit is zo belangrijk voor het toerisme.”

Het gekakel

Corona. De naam van het virus is gevallen. Hij noemt het de zwaarste crisis van zijn carrière. “Omdat het over mensenlevens gaat.” Dat de onvrede over het beleid opborrelt, beaamt hij, ook in zijn stad. “Dat is de schuld van de politiek en de virologen. Zij moeten beseffen dat hun gekakel de mensen woest maakt. Het opbod moet echt stoppen. Wij hebben in Oostende de stilzwijgende afspraak dat alleen de burgemeester communiceert over veiligheid en de pandemie. Dat werkt. Waarom doen ze dat in Brussel niet? (feller) Als het overlegcomité een beslissing neemt, dan moet die verdedigd worden. Wie niet akkoord gaat, moet ontslag nemen. Dat is hoe de politiek werkt. Dat geldt voor Frank Vandenbroucke, maar ook voor virologen. Zij geven advies. Prima. Maar nadien moeten ze geen kritiek geven. En als ze dat wel willen doen, dan moeten ze uit het adviescomité stappen.”

Bart Tommelein en journalist Paul Cobbaert.
Bart Tommelein en journalist Paul Cobbaert. © Christophe De Muynck

Het is de eerste keer dat hij zich opwindt in het gesprek. “De mensen zijn het écht kotsbeu, hoor. Ik heb ook de gouverneur gewaarschuwd. Ze pikken het niet meer. Het laatste overlegcomité was er te veel aan. Zelfs ik als burgemeester begrijp het niet meer. De nationale politiek moet zich dringend herpakken. Of dit kan slecht aflopen.”

Dikke Mathille

We wandelen verder. Onderweg wordt hij voortdurend aangesproken. Veelal positief. Mensen zwaaien, steken een duim omhoog. De Kennedy van Oostende is graag gezien in zijn stad. Ik wijs de Dikke Mathille aan, het befaamde beeld van een naakte vrouw aan het cultuurcentrum De Grote Post. Wat het verhaal is van deze wulpse vrouw, vraag ik hem. Tommelein moet voor het eerst het antwoord schuldig blijven. “Ik weet wel wie even verderop staat. Kom, we steken de baan over.” Hij wijst het borstbeeld aan van Auguste Beernaert. “Een belangrijk, maar onderschat staatsman. Geboren in Oostende. Was ooit premier en won zelfs de Nobelprijs voor de Vrede. Je ziet: ik weet iets, maar helaas niet alles.” (lacht)

Lof is niet altijd zijn deel. Tommelein krijgt ook veel kritiek. De zonnepanelensaga kleeft aan hem. Vooral op sociale media, zegt hij. “Dat is gelukkig een kleine minderheid. De meeste mensen beseffen wel dat ik niet persoonlijk schuldig ben. De regering is intussen ook met compensaties over de brug gekomen. Ik krijg trouwens ook nog altijd telefoontjes van mensen die raad vragen over zonnepanelen. Ik zeg nog altijd: dóen.” Ook over corona is hij soms de pispaal. Hij heeft zelfs doodsbedreigingen gekregen. “Op een dag belde de juf van mijn zoontje van negen. Hij had haar blijkbaar een brief geschreven. Hij was bang dat ze ons huis zouden bestormen en zijn papa zouden doden. Dat is schrikken, hoor.” (stil)

Man, man, man

Wie Oostende zegt, denkt garnaalkroketten. We stappen de Brassi binnen, het restaurant naast het casino en de winnaar van het eerste Garnaalkrokettenfestival. Van wat, denkt u? Echt waar: dat bestaat. Een dikke pluim voor de dienst toerisme. “Je had daarbij moeten zijn”, vertelt Tommelein enthousiast. “Man, man, man. Tweeduizend tickets in een mum van tijd de deur uit. Onwaarschijnlijk. De garnaalkroket zit in het DNA van Oostende. We willen het graag laten erkennen als streekproduct. Het is ook een van mijn lievelingsgerechten.”

Weer naar het beleid. Of hij kan raden wat de grootste kritiek van oppositieleider John Crombez (Vooruit) is? “Dat ik alleen maar communiceer, maar niets doe, zeker”, zegt hij droog. Fout. Dat hij de zorg uitverkoopt aan de privé. De burgemeester zucht even. “Ik ben van oordeel dat thuiszorg geen kerntaak is van een stad. Meneer Crombez wel. Dat is een ideologisch verschil. Dat mag. Maar op de fusie van de Oostendse ziekenhuizen zou hij beter geen kritiek leveren. Hij was aanvankelijk ook akkoord. De fusie is goed voor de inwoners, de stad en de wijde regio.”

Geen lijst van Open VLD

Zelfkennis is het begin van alle wijsheid. Daarom vragen we de burgemeesters om zichzelf een cijfer op tien te geven. Tommelein denkt goed na. “Een zeven. We hebben al goed werk geleverd, maar we zijn er nog niet. Ik zou op het einde van de rit graag een acht verdienen. Door corona hebben enkele projecten vertraging opgelopen. Die moeten nu afgewerkt worden. Gelukkig is de financiële impact van de crisis minder groot dan in andere steden. Dat komt omdat wij vooral afhankelijk zijn van onroerende inkomsten. Ook daarom is het woonbeleid zo belangrijk.” Hij somt de vele prioriteiten op voor de tweede helft van de legislatuur: zorg, werk, onderwijs, armoede, het komt allemaal aan bod. “Onze ambities zijn groot. Wij willen Oostende klaar maken voor de toekomst.”

Bart Tommelein en journalist Paul Cobbaert.
Bart Tommelein en journalist Paul Cobbaert. © Christophe De Muynck

Halfweg de legislatuur denken politici ook al aan de volgende verkiezingen. Wie iets anders beweert, liegt. Tommelein windt er geen doekjes om. Hij wil graag een tweede termijn. Of hij onder de vlag van Open VLD zal opkomen? Opnieuw is zijn antwoord opvallend helder. “Neen. Het wordt hoogstwaarschijnlijk een stadslijst met verschillende partijen.” Of dat met de vier coalitiepartners zal zijn, kan hij niet bevestigen. “Ik weet het nog niet. Het kan ook met twee partijen zijn. Of met drie. Of misschien komen we alleen op, maar zelfs dan zal het niet als Open VLD zijn. Er is geen toekomst meer voor de traditionele partijen in de lokale politiek. De verschillen zijn er te klein. Een stadslijst is ook eerlijker dan een voorakkoord, want je toont vooraf met welke partijen je samengaat en welk programma je wil uitvoeren. Dat is transparanter voor de burger. Let wel: je vergeet daarom je ideologische achtergrond niet. Ik blijf een liberaal en ik blijf ook lid van Open VLD.”

Wisselende emoties

We wandelen de hoek om naar de zee, een plek om te mijmeren. Het was op persoonlijk vlak een bewogen jaar voor Bart Tommelein. Dat hij Anneleen Fransen de West-Vlaming van het jaar noemt (zie kader), is niet zomaar. Hij heeft de vrouw achter de vzw Boven De Wolken goed leren kennen. De dochter van Tommelein is in mei haar baby’tje verloren. “Het kindje zou niet levensvatbaar geweest zijn”, vertelt hij met een krop in de keel. “Ze heeft wel een prachtige naam gekregen: Jeanne. Ze is een sterrenkindje nu. Vroeger werd een miskraam verzwegen. Voortdoen, zeiden ze. Vandaag is dat anders. Mede dankzij Anneleen is het taboe aan het verdwijnen. Ze heeft prachtige foto’s van Jeanne genomen. (even stil) Twee van mijn dochters waren tegelijk zwanger. Enkele weken nadien is mijn andere dochter bevallen van een gezond kindje. Ik was zó gelukkig, maar tegelijk zo triest. Je wordt heen en weer geslingerd tussen emoties.”

We blijven even staren naar de zee. Ik wil afsluiten met een positieve noot. Ik herinner hem aan het lachend kakske, de wereldberoemde emoji op het strand van Oostende. Tommelein lacht. “Ik heb die emoji zelf gekozen. Mijn vrouw was geen voorstander. Op wat trekt dat nu, Bart?, zei ze. Ga jij nu stront op uw strand zetten? (lacht) Maar zie: toen het gestolen werd, waren we wereldnieuws.”


2021 in drie vragen

Wie is de West-Vlaming van het jaar? “Anneleen Fransen van de vzw Boven De Wolken. Zij woont in Oostende. Een ongelooflijke vrouw die het verschil maakt voor veel gezinnen.”

Wat was het dieptepunt van het jaar? “De vroeggeboorte van mijn derde kleinkind, Jeanne. Zij is nu een sterrenkindje.”

Wat was het mooiste moment van het jaar? “De geboorte van Ida, mijn vierde kleinkind, enkele weken later.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.