Hilde Crevits hervat na anderhalve maand haar functie als Vlaams minister: “We moeten de traagheid weer leren omarmen”

Johan Sabbe

Hilde Crevits (55) is weer aan de slag gegaan. Na anderhalve maand verplichte rust en volledige ‘deconnectie’, zoals ze dat zelf noemt. Vijftien jaar toppolitiek had zijn tol geëist en deed de Torhoutse politica tegen haar grenzen aanbotsen. Of hoe de Vlaamse minister van Welzijn plots voor haar eigen welzijn diende te zorgen. “Het is te vroeg om deze bladzijde als definitief omgeslagen te beschouwen”, blijft ze voorzichtig. “Maar ik voel me prima en merk dat mijn politieke vuur niet geblust is.”

Plots betaal je de rekening

Eind september viel de minister flauw tijdens een gesprek met de regeringskern. Ze kreeg na een grondige check-up in het ziekenhuis de raad om het enkele dagen rustig aan te doen. Ze was zo verstandig om hulp te zoeken bij een gespecialiseerde arts, weliswaar met de gedachte om zo snel mogelijk weer aan het werk te kunnen.

“Ik zag op dat moment nog niet in dat er een dieper probleem kon zijn”, zegt ze. “Zoiets zou mij toch niet overkomen?! Toen ik van de dokter de boodschap kreeg om vier weken verplicht te rusten, omdat ik fysiek en mentaal uitgeput was, kwam dat binnen als een grote schok. Ik ben van nature hyperactief en opgewekt en had zoiets totaal niet verwacht.” (lees verder onder de Facebookpost)

Waren er de maanden voordien dan geen signalen geweest dat het de verkeerde kant uitging? “Jawel, maar ik bleef er blind voor. Of noem het naïef. Ik liep al geruime tijd vermoeid rond. Zo kon ik de 10 kilometer van de Torhoutse sporthappening Nacht van Vlaanderen nauwelijks uitlopen, hoewel ik een toch wel getrainde jogger ben. Ik worstelde ook al enige tijd met slaapproblemen, wat op mijn humeur woog en me kribbiger maakte. Ik had het gevoel nooit helemaal te kunnen loskoppelen.

“Je gaat in het rood en, zonder dat te beseffen, blíjf je dat doen. Totdat je onderuitgaat”

“Ik doe al ruim 15 jaar aan toppolitiek natuurlijk. Ik ben minister sinds mijn 40ste verjaardag op 28 juni 2007. Dat valt niet te onderschatten. Heel die periode heb ik weinig rust en weinig vakantie genomen. Ik ben van nature een controlefreak en trek me elk dossier persoonlijk aan. Dat weegt en plots betaal je de rekening, heb ik nu ondervonden.”

“Je gaat in het rood en, zonder dat te beseffen, blíjf je dat doen. Totdat je onderuitgaat. Achteraf gezien, had ik de signalen sneller moeten herkennen en kiezen voor mijn gezondheid. Maar voor iemand die altijd met 200 kilometer per uur heeft geleefd en gewerkt, is dat niet simpel. Je denkt dat je er immuun voor bent en het jou niet zal overkomen.”

Enorme drempel

Pas na enkele dagen verplicht nietsdoen, opgelegd door de arts, begon Hilde te voelen hoe doodop ze wel was. En hoe ze met haar gezondheid had gewoekerd.

“Ik moest ruimte maken in mijn hoofd en tot rust proberen te komen. Ik heb voor het eerst in mijn leven geleerd om de kranten en de journaals los te laten. Ik diende los te komen van het nieuws, de politiek, de sociale media. En dat heeft echt wel geholpen, die volledige deconnectie. Geen mails, geen uitnodigingen, geen vergaderingen, geen Facebook of Twitter. Wel af en toe een telefoontje met mijn kabinet, maar erg beperkt. Het was de stekker eruit trekken. Uiterst moeilijk, maar noodzakelijk.”

“Je ziet er normaal uit, maar je bent wél met ziekteverlof. Wat gaan de mensen ervan denken als je buitenkomt?”

Hoe je zoiets voor mekaar krijgt? “De beste therapie bleek met regelmaat slapen, lange wandelingen maken aan zee, traag en lang joggen, fietsen, erover praten met familie en vrienden en… boeken lezen. Dat laatste lukte me vanaf het begin meteen goed, wat volgens de arts een gunstig teken was.”

“Dat klinkt allemaal logisch, maar het is niet evident. Alleen al uit je huis durven te komen, beseffende dat iedereen weet dat je met verplichte rust thuis zit, is een opgave. Je ziet er normaal uit, maar je bent wél met ziekteverlof. Wat gaan de mensen daarvan denken? Toch is de remedie om te herstellen net veel buiten zijn, dus anderen tegen het lijf lopen en gezien worden. Dat is een enorme drempel. Een berg zelfs, waar je hoe dan ook overheen moet.”

Crevits tijdens een Ventilus-protest in Brugge begin september, enkele weken voor haar ziekteverlof.
Crevits tijdens een Ventilus-protest in Brugge begin september, enkele weken voor haar ziekteverlof. © KURT DESPLENTER BELGA

“Ik heb het gedaan. Eerst in kleine cirkels, in het eigen Torhout. Dan wat verder, naar zee om te fietsen en te wandelen, zelfs tot in Frankrijk. Eenmaal je die drempel genomen hebt, sta je verbaasd van de vele warme reacties van de mensen. In de eerste plaats je eigen netwerk natuurlijk, vrienden die aanbieden om tot rust te komen in hun huisje aan zee of in de bossen. Maar ook wildvreemden die je enkel kennen van naam, maar die je moed inspreken en een hart onder de riem steken.”

“Ik heb een paar weken nodig gehad om fysiek te herstellen, mentale rust te vinden en weer wat energie te voelen. Daarna kwam de goesting om de kranten te lezen vanzelf terug, maar ik ben toch nog twee weken langer bewust nauwelijks met politiek bezig geweest.”

Geen omgeslagen bladzijde

Na een maand kreeg de minister groen licht om twee weken later te herstarten. “Geleidelijk aan heb ik mijn politieke leven weer opgenomen, nog altijd zonder de sociale media weliswaar. Ik trok een paar dagen naar Brussel en voelde dat de zin om er opnieuw tegenaan te gaan, aan het terugkeren was. Mijn collega’s in de Vlaamse regering Jo Brouns en Benjamin Dalle hebben me op een fantastische manier vervangen.”

“Attent en bezorgd, me informerend zonder me te overladen met dossiers. Ook de vele steunbetuigingen van mensen dichtbij en verderaf hebben me enorm deugd gedaan en het genezingsproces zonder twijfel bespoedigd. Sommigen lieten me weten net hetzelfde te hebben meegemaakt. Iedereen heeft zijn eigen verhaal, zoveel is duidelijk. ”

“Ik heb meer dan ooit ondervonden hoe belangrijk het is om een warme thuis te hebben met mensen die je door en door kennen”

“Uiteraard ben ik diegenen dankbaar die me zo goed begeleid hebben. Ik beloof dat ik hun wijze raad zal blijven opvolgen. Ze hebben me geleerd om grenzen te trekken. Want één ding is zeker: dit is géén omgeslagen bladzijde. Het is een proces dat tijd vraagt. Ik zal in de toekomst waakzaam moeten blijven en mijn limieten goed bewaken. Ik besef dat ik het geluk heb gehad om een hecht en steunend netwerk rond mij te hebben. Niet iedereen heeft dat en niet iedereen kan onmiddellijk de juiste hulp vinden. Dat besef ik maar al te goed.”

“Ik wil vooral mijn man en familie bedanken. Ik heb meer dan ooit ondervonden hoe belangrijk het is om een warme thuis te hebben met mensen die je door en door kennen en door dik en dun steunen. Veel praten, wandelen met de kleinkinderen, gewoon in gezinsverband samenzijn… Ik heb ooit het advies gekregen om van tijd tot tijd een zogenoemde pyjamadag in te bouwen in het leven. Ik heb die raad nooit opgevolgd, maar ik moet zeggen: het kan goed helpen om de batterijen weer op te laden.”

Politiek vuur onblusbaar

En de toekomst? “Ik heb daar natuurlijk serieus over nagedacht. Vrij snel heb ik gemerkt dat het politieke vuur in mij onblusbaar is. Ik heb bijgevolg veel zin om opnieuw aan de slag te gaan. Met evenveel geloof en vertrouwen, met empathie en engagement. Maar met wat meer mate, evenwicht en overweging.”

“Onze samenleving is de voorbije jaren enorm veranderd. De snelheid van het nieuws, de inhoud en de toon van veel berichten: vrolijk word je daar niet altijd van. Plus: constant snel en online bereikbaar zijn. Dat brengt een mens uit evenwicht. Ik ben ervan overtuigd dat we collectief de traagheid weer moeten leren omarmen. Voldoende ruimte en zuurstof creëren in ons leven, onszelf geregeld rust gunnen.”

“De snelheid van het nieuws, de inhoud en de toon van veel berichten en altijd bereikbaar moeten zijn: vrolijk word je daar niet altijd van”

“Gelukkig komt het mentale welzijn de laatste tijd almaar meer op de agenda. De coronapandemie heeft ons met de neus op de feiten gedrukt. De openheid om er over te spreken, is groter geworden. En toch, toch ben ik als minister van Welzijn tegen de muur gelopen. Het bewijst dat we nog een lange weg af te leggen hebben en ik wil daarin een voortrekkersrol spelen. Om mensen ervan te overtuigen om het mentale welzijn bespreekbaar te maken, indien nodig de stap naar professionele begeleiding te zetten en even uit de ratrace te stappen. We moeten leren inzien wat ons lichaam en onze geest nodig hebben om de stress van alledag de baas te kunnen. Het is dé weg naar een lang en gelukkig leven.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.