De douanesite Callicannes, op de N38 tussen Poperinge en het Franse Steenvoorde, werd in gebruik genomen in 1988. Na vijf jaar, op 1 maart 1993, vielen de Europese grenzen echter weg, en werd het complex verlaten. De Franse gebouwen worden nog gebruikt door de Franse douane en politie, maar de gebouwen aan de Belgische kant staan intussen al 24 jaar leeg. De site biedt dan ook een eerder troosteloze...

De douanesite Callicannes, op de N38 tussen Poperinge en het Franse Steenvoorde, werd in gebruik genomen in 1988. Na vijf jaar, op 1 maart 1993, vielen de Europese grenzen echter weg, en werd het complex verlaten. De Franse gebouwen worden nog gebruikt door de Franse douane en politie, maar de gebouwen aan de Belgische kant staan intussen al 24 jaar leeg. De site biedt dan ook een eerder troosteloze aanblik.In het kader van het Europese Interreg V-project Partons is er de voorbije jaren werk gemaakt van een masterplan om de site een nieuwe invulling te geven. Een van de cruciale elementen om het masterplan te kunnen opmaken is de aankoop van de parking, nu nog eigendom van het Vlaams gewest, en de grensgebouwen aan Belgische zijde, eigendom van de Belgische Staat. Die laatste gaf het Vlaams Gewest een mandaat, waardoor het beide eigendommen kan verkopen.De Provincie wil deze gronden en gebouwen aankopen om alle mogelijkheden open te houden om de ideeën van het masterplan uit te voeren : onder meer een beveiligde parking en een veilige weg- en fietsinfrastructuur behoren tot de mogelijkheden. Mocht een privépartner dit aankopen, dan zou deze opportuniteit weg zijn.Een eerste stap werd gezet met de opmaak van een princiepsovereenkomst met het Vlaams Gewest, goedgekeurd in de deputatie van donderdag 5 september 2019. Daarin staat dat de Provincie via de 50 procent cofinanciering van het project Qualicanes instaat voor de voorbereidende studie van de weginfrastructuur en dat ze ook verantwoordelijk is voor eventuele werken na aankoop van de grond en de gebouwen. Daarnaast engageert het Vlaams Gewest zich voor een investering van 571.000 euro in de weginfrastructuur.De betrokken diensten kregen tegelijkertijd de opdracht de aankoop op te starten en dit voor te leggen in de deputatie. De kostprijs bedraagt 406.920 euro. Mocht na de studie blijken dat de kosten hoger oplopen, dan gaan de beide partners opnieuw rond de tafel zitten om te beslissen hoe het met dit dossier verder moet.