Ook, en dat is nog veel belangrijker, de sector was ruim vertegenwoordigd. Wim Lannoey, CEO van Remofrit, Jan Ingelbeen, Managing Director van Greenyard Division en Marc Feyaerts, Co-owner van EColoRO onderlijnden tijdens het officiële gedeelte wat daarna op het netwerkmoment door zoveel ondernemers herhaald werd: er is een hoge nood aan VEG-i-TEC. Aan samenwerking tussen bedrijven en de universiteiten. Voor veel bedrijven in deze sector is de omzetting van wetenschappelijke bevindingen naar technologische innovaties op hun productievloer vaak (te) groot of complex. Daardoor raakt veel onderzoek niet waar het moet komen: op de vloer van de vele ondernemingen in de voedingssector, die zo belangrijk is voor onze streek.
...

Ook, en dat is nog veel belangrijker, de sector was ruim vertegenwoordigd. Wim Lannoey, CEO van Remofrit, Jan Ingelbeen, Managing Director van Greenyard Division en Marc Feyaerts, Co-owner van EColoRO onderlijnden tijdens het officiële gedeelte wat daarna op het netwerkmoment door zoveel ondernemers herhaald werd: er is een hoge nood aan VEG-i-TEC. Aan samenwerking tussen bedrijven en de universiteiten. Voor veel bedrijven in deze sector is de omzetting van wetenschappelijke bevindingen naar technologische innovaties op hun productievloer vaak (te) groot of complex. Daardoor raakt veel onderzoek niet waar het moet komen: op de vloer van de vele ondernemingen in de voedingssector, die zo belangrijk is voor onze streek. VEG-i-TEC wil dat oplossen, door een toegankelijke proeftuin op te zetten voor voedingsbedrijven. Die ondernemers zijn cruciale doelgroep, we zijn er voor hen. We stellen proefinstallaties ter beschikking voor toegepast onderzoek, training en demonstraties (Living lab). We brengen kennis en expertise van verschillende instellingen samen, uit binnen- en buitenland. Maar ook wij zullen leren uit de contacten en vragen van de bedrijven.Het is dus tegelijk ook een belangrijke investering in ons onderwijs, in de opleiding van de (ingenieurs)studenten. Trouwens, we concentreren niet enkel het onderzoek maar ook het onderwijs aan UGent in de bioprocestechnologie op Campus Kortrijk. Deze concentratie en specialisatie sluit ook helemaal aan bij de speerpuntclusterstrategie AgriFood, zoals gedefinieerd door Flanders' FOOD, komt tegemoet aan de noden van de streek en bouwt verder op de expertise die we in Kortrijk al opbouwden.VEG-i-TEC is dus veel meer dan een gebouw, het staat voor een ambitieus project waarin vele partners rond specifieke uitdagingen samenwerken. Naast UGent zijn nog heel wat anderen actief in VEG-i-TEC, zoals Howest, VLAKWA (Vlaams Kenniscentrum Water, deel van VITO, Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek), TUA-West, INRA (het Franse Institut National de la Recherche Agronomique), Adrianor (het Franse Centre d'expertise alimentaire), de POM West-Vlaanderen, het VLAIO (Vlaams Agentschap Innoveren & Ondernemen), enzovoort.Momenteel lopen al verschillende onderzoeksprojecten (bijvoorbeeld over water en voeding), die straks, met nieuwe die de komende jaren gelanceerd worden, in het nieuwe gebouw samengebracht worden aan de Graaf Karel De Goedelaan in Kortrijk. Al die partners zorgen voor R&D op labo- en op semi-industriële schaal. Het gaat om onderzoek en ontwikkeling rond de verwerkingsprocessen van groenten en aardappelen enerzijds, en om energie- en watermanagement in de agro-voedingsindustrie anderzijds.Het gebouw moet tegen het eind van de zomer van 2020 klaar zijn en zal bestaan uit twee hallen: één voor proces- en afvalwaterbehandeling, specifiek voor de (voedings)industrie en één voor de verwerking van groenten en aardappelen, van net na de oogst tot en met verpakt product. Dat gebeurt in een (semi-)continue proceslijn. In het onderzoeksgebouw is ook een stockeerruimte voorzien waarin de voedingsmiddelen bij diverse temperaturen opgeslagen kunnen worden, een fermentatieruimte voor solid state en (fed-)batch fermentoren en een ondersteunend analytisch/microbiologisch labo.Het hele project kost 7.493.948 euro, het wordt door verschillende partners samen gebracht, met provinciale, Vlaamse en Europese steun. Het unieke onderzoeksgebouw komt op de grond van UGent en zal ook door UGent geleid worden.In het onderzoekscentrum kunnen bedrijven, studenten en onderzoekers terecht voor de ontwikkeling, op pilootschaal, van allerlei innovatieve technologieën, bijvoorbeeld rond de kwaliteit van het eindproduct (het effect op de houdbaarheid met gewenste geur-, smaak- en visuele kwaliteiten en voedselveiligheid), het hygiënisch ontwerp van de proceslijnen, het water- en energieverbruik, sensoren voor het monitoren van pesticiden of ontsmettingsmiddelen, geautomatiseerde gegevensverwerking voor de evaluatie van de milieueffecten op pilootschaal... Ook de economische, ecologische (duurzaamheid) en/of sociale impact van technologieën wordt nagegaan.Deze multidisciplinaire aanpak laat toe om bedrijven een volledig antwoord te geven als ze vragen welke technologieën ze het best gebruiken. Bovendien zijn ook de andere expertises van Campus Kortrijk in VEG-i-TEC te vinden: onze specialisten energie mechatronica en industrieel ontwerpen zijn ook betrokken en staan mee ten dienste van de bedrijven en de gemeenschap.VEG-i-TEC is dus om vele redenen een belangrijk project: voor de verankering van UGent in West-Vlaanderen, voor de uitbouw van Campus Kortrijk en Kortrijk als onderwijsstad, voor het wetenschappelijk onderzoek en vooral voor de versterking van een voor onze regio zo belangrijke sector.