Dat weten we intussen. Maar dat de klimaatverandering ook wel eens een fatale 'drooglegging' zou kunnen betekenen, daarover hebben we het nog maar zelden gehad. Behalve in het hart van de zomer, dan kan het gebeuren dat we naar regen snakken. Maar voor de rest: laat de zon maar schijnen!

Niet dus. De voorbije winter viel er te weinig regen om die kurkdroge zomers van de voorbije twee jaar te blussen en het voorjaar was al even gierig op dat hemelwater. Het ziet er dus niet goed uit voor de zomer die komt. 'Landbouwers zien de bui al hangen' is in deze context wel een zeer ongelukkige zegswijze. Maar het is zo goed als zeker dat we ook nu weer beperkende maatregelen krijgen voor ons watergebruik.

Ze zeggen wel, de natuur herstelt zich, maar de natuur zegt nooit wanneer

Erg? Ja. Want we hadden het al kunnen vermijden. Deels toch. En het vergt niet eens hoogtechnologische kennis of dure spitsvondigheden. Gewoon: vang maximaal op wat uit de lucht komt vallen en hou het vast voor als we ' t nodig hebben. Bufferbekkens. Nog een geluk dat het provinciebestuur hiervoor eerder al initiatieven nam, maar er mogen, er moeten meer bufferbekkens komen in onze provincie. En dat daarvoor natuur- of landbouwgrond nodig is, tja, dat is niet te vermijden. Goed aangelegde bekkens kunnen zich ook ontwikkelen tot interessante biotopen voor plant en dier.

Ze zeggen wel dat de natuur zich altijd herstelt en dat zal wel zo zijn, maar de natuur laat zelden in haar kaarten kijken en we weten nooit op voorhand wanneer ze zich zal herstellen. Ze beschikt over meer tijd dan wij. Dus nemen we best voorzorgen en bufferen we het water maximaal én preventief. Iedereen heeft daar baat bij. En in elk geval leidt het tot meer dan nietsdoen en klagen en zeuren. West-Vlaanderen droogt misschien uit, maar we hoeven ons niet te laten 'afdrogen', zoals sporters bij ons een nederlaag noemen.

Benieuwd of dat soort preventie ook in de partijprogramma's opduikt.