Hoe kan dat, vraagt u zich ongetwijfeld af. Onvoldoende vuilnisemmers? Te laat geledigde vuilnisbakken? Overbevolkte stranden? Misschien wel. Maar eigenlijk niet. We zien het immers te vaak ook in de buurt van glascontainers en de komende weken zullen we het ongetwijfeld ook zien wanneer de wegbermen worden gemaaid: de hoeveelheid blikjes en plastic flessen die bij zo'n maaibeurt ineens zichtbaar wo...

Hoe kan dat, vraagt u zich ongetwijfeld af. Onvoldoende vuilnisemmers? Te laat geledigde vuilnisbakken? Overbevolkte stranden? Misschien wel. Maar eigenlijk niet. We zien het immers te vaak ook in de buurt van glascontainers en de komende weken zullen we het ongetwijfeld ook zien wanneer de wegbermen worden gemaaid: de hoeveelheid blikjes en plastic flessen die bij zo'n maaibeurt ineens zichtbaar worden, is al even onoverzichtelijk groot.Wie zijn die mensen die hun vuilnis achteloos en meestal straffeloos laten slingeren? Het zijn zeker niet allemaal klonen van de Familie Flodder, daar hoeven we zelfs niet eens voor naar bewakingsbeelden te kijken. Het zijn allicht mensen zoals u en ik, jongeren en ouderen, ouders en kinderen, voor wie het algemeen belang blijkbaar van geen tel meer is. De openbare ruimte, die we zo graag onze ruimte noemen, de ruimte van iedereen, is dan ineens van niemand.Niemand voelt zich ook geroepen om blikjesgooiers en vuilnisstrooiers terecht te wijzen. We nemen best geen risico, luidt het dan. Het is een vorm van verdraagzaamheid die eigenlijk onze onverschilligheid moet verbergen en die zeker geen moed vereist. Laat het ons maar bekennen: het is een soort van lafheid waarmee we bevuilers hun gang laten gaan.Overdrijven we nu niet een klein beetje? Moeten we daar nu echt zo'n staatszaak van maken, bij wijze van spreken? Ja, zeggen wij, omdat die onverschilligheid voor het algemeen belang sluipend gif kan worden voor onze samenleving. En omdat we diezelfde onverschilligheid moeten vaststellen bij het gros van de dames en heren politici die we op 26 mei als onze vertegenwoordigers hebben aangeduid. Hun zorg om het algemeen belang, hun bekommernis om 's lands reilen en zeilen, lijkt ver zoek. Wat voor de verkiezingen heel dringend en noodzakelijk was, lijkt ineens van geen tel meer. Het is de hoogste tijd, denken wij, om onverschilligheid uit ons denken en doen te bannen.