Een oor in het hart van onze stad. Het was een beeld dat even deed schrikken, tot ik, op een plakkaat aan de voet van het kunstwerk, zag dat het de weg wees naar een tentoonstelling van academiestudenten in de beeldende kunst.

Ik hoorde verschillende en vooral negatieve reacties op 'het oor'. Dat het lelijk is; dat het in de weg staat; dat iederéén toch zoiets kan maken. Zelf heb ik het ook soms moeilijk met beeldende kunst, waarbij het vaak eerder gaat om de uitleg die bij het werk past dan om de schoonheid ervan.

Maar waarom zou zoiets niet mogen? 'Mooi' zou ik het oor niet noemen, maar het zette me wel aan tot nadenken. Kijkt u even naar de blauwe symbolen op de oorlel. Een PAUZE- en een PLAY-knop zoals we die bijvoorbeeld op onze mobiele telefoon zien wanneer we een lied beluisteren.

Beeld u in dat we ook aan ons oor zulke knoppen hadden. Dat we op PAUZE konden drukken wanneer de omringende geluiden ons te veel worden

Beeld u in dat we ook aan ons oor zulke knoppen hadden. Dat we op PAUZE konden drukken wanneer de omringende geluiden ons te veel worden. Dat we het voorbijrazende verkeer kunnen uitschakelen, de muziek in de treinwagon, het gekwebbel door een mobiele telefoon wanneer je 's avonds in het park tot rust wilt komen.

Ik kan het me zo voorstellen: je drukt op je oorlel en de wereld om je heen wordt stil. Je bent alleen met jezelf. De afwezigheid van geluid maakt ruimte voor andere geluiden. Degene die je zélf wilt horen en waarvoor je enkel je verbeelding moet activeren - iets waarvoor niemand een knopje nodig heeft. Je hoort de aanrollende golven bij valavond op het strand. Je hoort de stem van je geliefde die zegt dat hij je na al die tijd nog steeds mist wanneer je een dag weg bent. Je hoort de lach van je grootmoeder van wie je zo vaak haar stem wilde opnemen met je eerste cassetterecorder, maar je deed het nooit, en toch kan je je haar stem nog herinneren alsof je weer naast haar zat.

Wie weet kan het ooit in de toekomst, je gehoor even uitschakelen. Voorlopig zijn we aangewezen op oordoppen. Of nog beter: plekken opzoeken waar de stilte koning is, te beginnen met onze eigen Poelberg of met de geweldige Meikensbossen.