"Ziek maar goed uit. Neem je tijd. Kom niet te snel terug." Het is, als je een beetje empathische collega's en bazen hebt, het antwoord dat je krijgt als je op je werk laat weten dat je ziek bent en er dus (even) niet zal zijn. Ik stuur het ook naar mijn grieperige redacteur, als die met koorts...

"Ziek maar goed uit. Neem je tijd. Kom niet te snel terug." Het is, als je een beetje empathische collega's en bazen hebt, het antwoord dat je krijgt als je op je werk laat weten dat je ziek bent en er dus (even) niet zal zijn. Ik stuur het ook naar mijn grieperige redacteur, als die met koorts in bed ligt. Maar meen ik het wel? Sterker nog: menen wé het wel als we dat sturen? Het is niet dat die berichten niet oprecht zijn. Natuurlijk willen we dat iemand snel weer op de been is. Alleen, waarom is het zo moeilijk om zelf goed uit zieken, tijd te nemen en niet snel terug te komen als we zelf een keer in de lappenmand liggen? Ik stelde me zondagnacht de vraag, toen ik noodgedwongen mijn slaapkamer voor het toilet had ingeruild, omdat een stuk heerlijke - dacht ik bij het eten toch - bresiliennetaart, mijn hele binnenkant overhoop had gehaald. (Dat is trouwens niet om te lachen, bresiliennetaart is mijn lievelings en ik weet niet of ik er ooit nog één zal durven eten.) Daar zat ik dan. Vurig te hopen dat ik toch zou kunnen gaan werken. Dat ik mijn collega's niet in de steek zou moeten laten. Mezelf ook. Want ja, je zal maar een keer kwetsbaar zijn. Verstandig was het niet, maar toch ben ik in alle vroegte radio gaan maken. En ik ben vast niet de enige die het had gedaan. Maar zullen we dan nu een afspraak maken? Als je écht ziek bent, blijf dan gewoon thuis. Daar hoeft niemand zich slecht over te voelen.