Vroeger stond dicht bij de plek waar ik bovenstaande foto maakte ook een telefooncel. Een woordje uitleg voor de jongeren onder ons, geboren in de jaren negentig: dat was een hokje - al dan niet met een deur - waarin een telefoon met, jawel, drukknoppen hing. Je haalde de hoorn van de haak, stak muntstukken in een gleuf (vurig hopend dat ze er niet meteen weer zouden uitvallen) en vormde het nummer van degene die je wilde bellen. Merkte je dat je niet lang genoeg zou kunnen praten, dan stopte je tijdens je gesprek tijdig extra muntstukken in de gleuf. Jazeker, jongens en meisjes, zo ging dat eraan toe in de tijd dat de ...

Vroeger stond dicht bij de plek waar ik bovenstaande foto maakte ook een telefooncel. Een woordje uitleg voor de jongeren onder ons, geboren in de jaren negentig: dat was een hokje - al dan niet met een deur - waarin een telefoon met, jawel, drukknoppen hing. Je haalde de hoorn van de haak, stak muntstukken in een gleuf (vurig hopend dat ze er niet meteen weer zouden uitvallen) en vormde het nummer van degene die je wilde bellen. Merkte je dat je niet lang genoeg zou kunnen praten, dan stopte je tijdens je gesprek tijdig extra muntstukken in de gleuf. Jazeker, jongens en meisjes, zo ging dat eraan toe in de tijd dat de dieren nog konden spreken.De telefooncel op de Tieltse markt is intussen al een jaar of tien verdwenen. Iedereen belt vandaag mobiel, zoals vandaag ook steeds meer post digitaal verzonden wordt. Met de regelmaat van de klok verdwijnen brievenbussen uit het straatbeeld. Vaak vraag ik me af of degene die nu op de markt staat er binnen tien jaar nog zal zijn. Ik hoop van wel, want ik hou van de 'analoge' post. Ik heb het niet over de rekeningen of belastingbrieven die we in de bus krijgen, of over de klachtenbrieven die we zelf in zo'n prachtige vuurrode brievenbus deponeren. Ik heb het over de post die we allemaal graag krijgen en die deze tijd van het jaar zo bijzonder maakt: kerst- en nieuwjaarskaarten. Handgeschreven kaarten of brieven zijn altijd een plezier voor hart en oog, want het zien van een handschrift geeft het gevoel dat de afzender eventjes dicht naast je komt staan. Zelf schrijf ik nog regelmatig brieven met de hand. De grootste charme daarvan is dat zo'n brief noopt tot een zorgvuldige formulering van gevoelens en gedachten, wat ook komt door de fysieke daad van het schrijven met de hand: het gaat langzamer dan tokkelen op een klavier. Weloverwogen, langzame zinnen weet ik in tijden van twitteratuur en woordanorexia in mails en afgekapte sms'jes ten zeerste te waarderen. Ik heb, vanuit mijn liefde voor het handgeschreven woord, twee oproepen voor u. Ten eerste: stuur geen digitale maar échte kerst- en nieuwjaarskaarten. Ten tweede: schrijf binnenin de kaart niet zomaar een herhaling van wat al op de voorkant staat. Vaak krijg ik kaarten waarop vooraan staat: 'Prettige feestdagen en een gelukkig nieuwjaar!'. Om dan binnenin te lezen: 'Gelukkig nieuwjaar!' Mag het een klein beetje meer moeite kosten? Als u een kaart stuurt naar iemand die u kent - en daar ga ik toch vanuit als u die moeite doet - probeer dan een persoonlijk woordje te schrijven. Als hij of zij kooklessen volgt, wens hem of haar heerlijke gerechten in 2019. Als de geadresseerde een echte muziekfan is, wens hem of haar onvergetelijke albums of optredens in het nieuwe jaar. Het zijn net die persoonlijke woorden die een kerst- en nieuwjaarskaart bijzonder maken. Dat, en de tocht naar de brievenbus waarin we onze post laten glijden, wetend dat postbodes ze door weer, wind en straks hopelijk sneeuw op de juiste bestemming zullen laten aankomen.