Nachos. Patatas bravas. Guacamole. Tapas. Zondag streek onder de naam Kantien Royal opnieuw het foodtruckfestival neer op het Maczekplein. Onze keuken is allang niet louter Vlaams meer. We eten couscous, nasi goreng, pita, pasta con vongole, sushi, tortilla en paella.

Zoals verschillende culturen zich de voorbije decennia bij de onze hebben gevoegd, zo is ook onze keuken kleurrijker geworden. Die evolutie ging snel: ik denk niet dat mijn grootmoeder (1909-1994) ooit spaghetti bolognaise heeft klaargemaakt. Ergens vind ik dat zijn charme hebben: er werd alleen met producten uit eigen grond gekookt en daar was iedereen tevreden mee. Sla er nu een recept in een gemiddeld kookboek op na en je moet al naar elfendertig winkels gaan om alle ingrediënten in huis te halen. Ik denk dat dat het blijvende succes van Ons Kookboek, de bijbel van de boerinnenbond, verklaart: de ingrediënten zijn vertrouwd. Ons Kookboek zou perfect als ondertitel kunnen hebben: 'Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg'. In een wereld waarin we aan constante verandering onderhevig zijn, heeft zo'n uitspraak iets troostends.

Zoals verschillende culturen zich de voorbije decennia bij de onze hebben gevoegd, zo is ook onze keuken kleurrijker geworden

Wat mijn lieve grootmoeder betreft, die kon koken zoals alleen grootmoeders dat kunnen: zij zou raar opkijken als ze op het foodtruckfestival was geweest. Ik herinner me met nostalgie en eindeloos veel liefde en vertedering hoe ze het fruit dat ze soms in Residentie Adagio als dessert kreeg voor mij bewaarde in haar broodtrommel, telkens in een servet gewikkeld. Wanneer ze een kiwi had gekregen, zei ze steeds opnieuw hetzelfde: 'Hier, meiske, ik heb nog een soort rare peer voor je liggen'. Telkens zei ik lachend dat het een kiwi was, maar die vreemde naam kon ze niet onthouden en dus bleef een kiwi voor eeuwig een peer.

Leve de wereldkeuken, leve de nieuwe smaken, geuren en kleuren, maar ik denk dat ik bovenal de eenvoud van mijn grootmoeders peer verkies.