'Alles van waarde is weerloos', dichtte Lucebert ooit. Vaak moet ik instemmend knikken als ik me die verzen voor de geest haal. Ik denk eraan als ik langs de gebouwen van de Regina Pacis-school in onze stad passeer, die ook al niet ontsnappen aan de tand des tijds. Letterlijk zelfs, want grijpgrage bulldozers zetten hun scherpe tanden in gebouwen waar een pak mensen in Tielt herinneringen aan heeft.
...

'Alles van waarde is weerloos', dichtte Lucebert ooit. Vaak moet ik instemmend knikken als ik me die verzen voor de geest haal. Ik denk eraan als ik langs de gebouwen van de Regina Pacis-school in onze stad passeer, die ook al niet ontsnappen aan de tand des tijds. Letterlijk zelfs, want grijpgrage bulldozers zetten hun scherpe tanden in gebouwen waar een pak mensen in Tielt herinneringen aan heeft.Wanneer ik voor deze column een foto van de sloopwerken ga nemen, komt Paul Verhalle naast me staan - de man die vroeger een bekende elektrozaak had in de Kortrijkstraat, en wiens dochter in dezelfde straat een pralinewinkel uitbaat. 'Ik ben hier vaak geweest om mijn kleinkinderen van school te halen', zegt hij. 'Ik heb dus goeie herinneringen aan deze plek. Maar nu is het voorbij. (stilte) Alles gaat voorbij, hé.' Ik knik. 'Weet jij wat er in de plaats komt?', wil Paul weten. Wel, ik weet het ook niet goed. De enen zeggen dat er een doorsteek komt van de collegesite naar de Ieperstraat. Al lijkt het met die collegesite wel zoals in het boek Wachten op Godot (lezen!) van Samuel Beckett: Godot kwam ook nooit opdagen. Anderen zeggen me dat er appartementen komen, waarop ik enigszins cynisch antwoord dat er dan onderaan vast véél plaats gereserveerd wordt voor het zoveelste immo- of interimkantoor.Net als Paul heb ook ik goeie herinneringen aan de Regina Pacis. Mijn groottante Denise bracht er de laatste jaren van haar leven door. Ze was de zus van mijn grootmoeder Paula Van Hauwaert, en kloosterzuster. Veel mensen van het Sint-Jozefscollege kennen haar: een van haar taken was de soep aan de leraren te bedelen. Omdat ze zorgzaam was en al eens een grapje maakte, was ze graag gezien. Toen haar onafscheidelijke vriendin zuster Margriet om gezondheidsredenen het college moest verlaten, kwam 'tante nonne' in de Regina Pacis terecht. Ik ging er met mijn ouders regelmatig op bezoek. Als gisteren herinner ik me hoe ze met een kar met daarop koffie en koekjes naar de kamer liep, waar ze familie en vrienden mochten ontvangen. De laatste keer dat ik haar zag, een paar maanden voor haar dood, liep ze langs de plek waar nu 'haar' gebouwen met de grond gelijkgemaakt worden. 'Het beste, hé, Anntje', sloot ze zoals altijd ons gesprek af.Ik hoop dat straks met het braakliggende stuk grond van wat ooit een prima school was ook het allerbeste gebeurt.