Door Els Deleu
...

Door Els DeleuStudenten orthopedagogie Emma Vanryckeghem (21) uit Oostrozebeke en Jana Dumortier (21) uit Ingelmunster, studenten toegepaste psychologie Emma Folens (22) uit Gullegem, Joyka Gabriel (20) uit Ieper, Anouska Machtelinckx (22) uit Bever (Vlaams-Brabant) en Charlotte Verhaest (21) uit Poperinge, studente lager onderwijs Melanie Vercaemst (21) uit Deerlijk en studente sociaal werk Camille Taecke (22) uit Watou werkten gedurende acht weken samen aan een interdisciplinaire bachelorproef. "Het ging goed om met ons acht samen te werken", luidt het bij de meisjes. "We kenden elkaar vooraf niet maar we werkten goed samen en zijn er uit gekomen als goede vrienden." Een nadeel om met acht studenten aan een bachelorproef te werken is dat het discussiëren over bepaalde punten langer duurt. "We hebben allen een sterke persoonlijkheid. Het voordeel is dat we verschillende invalshoeken hadden, zowel uit onze opleiding als uit onze persoonlijke leefwereld en dat we nu met acht zijn om samen weg te gaan na de bachelorproef. We zien elkaar in ieder geval nog terug!"De opdracht die Johan Vanhauwaert van de Sint-Paulusschool formuleerde was een makkelijke manier vinden voor het uiten van gevoelens en emoties bij peuters en kleuters en met hen in interactie te gaan en dingen bespreekbaar maken. In de lagere school wordt er al gewerkt met de axenroos maar men wou een betere basis van in het kleuter."Het eerste wat we deden was een boekje maken om de visie van de school over te brengen naar de ouders en deze bespreekbaar te maken in een gezinscontext. Dan werkten we rond de axenroos, met tien dieren die elk hun goede en hun slechte eigenschappen hebben. Dat maakt het makkelijk voor de kinderen om over zichzelf en over hun gevoelens te spreken. We maakten een draaiboek voor de leerkrachten over welke dieren in de peuterklas en in de andere kleuterklassen kunnen uitgewerkt worden. We maakten ook een liedje."De studenten stellen voor om eerst te werken met themaweken waar de kindjes kennis maken met de dieren. "Dan maakten we ook gevoelskaartjes. Er wordt een diertje van de week toegekend aan de kinderen, ze krijgen ook een stempel op hun hand en er is een ouderboekej met de uitleg waarom het kind dit diertje gekregen heeft, zodat er ook thuis op kan ingespeeld worden."Ook dierenyoga werd gedaan met de kinderen, en dit gelinkt aan de axendieren. "We moesten kunnen nagaan welke bewegingen haalbaar zijn voor een peutertje. Bepaalde zaken moesten we aanpassen naar motoriek toe. We probeerden dit ook in een andere school uit."De studenten maakten ook een literatuurstudie. "De cursussen van verschillende vakken waren de basis van alles. Ons project is daaruit opgebouwd. We hebben niet lukraak ideeën geopperd over wat allemaal kan gedaan worden, maar het was natuurlijk ook theoretisch onderbouwd." Voor de studenten was het een uitdaging om in een korte tijd iets nieuws te ontwikkelen. Vanaf volgend schooljaar zal men in de Sint-Paulusschool, die een herstelgerichte school is beginnen werken met het project van de studenten. De nieuwsgierigheid wat er met het project verder zal gebeuren is er wel bij de studenten. "We zullen wel navragen hoe het verloopt als er met ons project gewerkt wordt en wat er mee gebeurt. Het is niet de bedoeling dat het zomaar in een kast belandt."De bachelorproef werd begeleid door Liesbeth De Winter. De begeleiders in de Sint-Paulusschool waren Johan Vanhauwaert en juf Charlotte Callens.