We treffen Ann op de Torhoutse campus Noord in de grote schoolkapel, die nog net uit de negentiende eeuw stamt. Daar werden maandagmiddag de afgevaardigden van de scholen uit de omvangrijke scholengroep verwacht om hun zogenoemde coronamateriaal op te halen: handgel, afzetlinten, ontsmettingsmiddel, kleefband voor de looplijnen, handpapier en noem maar op. De kapel biedt ruimte om alles ordentelijk te schikken en bij de verdeling afstand te houden. Het lijken wel tijden van oorlog, al is de vijand in dit geval geen volk, maar een virus. Eentje dat weliswaar gevaarlijk is en dodelijk kan zijn. En dat zich duidelijk niet snel gewonnen geeft.
...

We treffen Ann op de Torhoutse campus Noord in de grote schoolkapel, die nog net uit de negentiende eeuw stamt. Daar werden maandagmiddag de afgevaardigden van de scholen uit de omvangrijke scholengroep verwacht om hun zogenoemde coronamateriaal op te halen: handgel, afzetlinten, ontsmettingsmiddel, kleefband voor de looplijnen, handpapier en noem maar op. De kapel biedt ruimte om alles ordentelijk te schikken en bij de verdeling afstand te houden. Het lijken wel tijden van oorlog, al is de vijand in dit geval geen volk, maar een virus. Eentje dat weliswaar gevaarlijk is en dodelijk kan zijn. En dat zich duidelijk niet snel gewonnen geeft.De scholengroep heeft een stuurgroep opgericht een taskforce, zoals dat tegenwoordig heet om de concrete heropstart in zo goed mogelijke banen te leiden. En om de haalbaarheid in de gaten te houden. Die groep bestaat uit de overkoepelende directeurs Ann Stael, Stefaan Samaey en Katrien Delanghe, manager infrastructuur Stijn Devos en de preventieadviseurs Tine Mattelin en Dimitry Herreman."Alleen al puur praktisch wordt het een huzarenstukje om alles in de huidige omstandigheden weer op gang te trekken", zegt directeur Stael. "We hebben persoonlijke beschermingsmiddelen nodig, we hebben dubbel zoveel personeel vandoen om de klasgroepen te kunnen opsplitsen, we dienen het constant schoonmaken en ontsmetten van de lokalen te organiseren, we moeten over de handhygiëne waken en we dienen de beschikbare ruimte optimaal te benutten via looplijnen, concrete afbakening, eenrichtingsverkeer waar nodig, plexischermen, enzovoort. Met dan nog een niet te onderschatten verschil tussen het secundair onderwijs waar de gebouwen doorgaans ruimer zijn en sommige basisscholen met bijvoorbeeld smalle gangen."De leerlingen van het zesde jaar secundair onderwijs en het eerste, tweede en zesde leerjaar van het basisonderwijs mogen op vrijdag 15 mei opnieuw naar school. Twee weken later, op vrijdag 29 mei, komen daar vermoedelijk het tweede en vierde jaar secundair bij. De rest van de leerlingen onder meer de kleuters moeten nog thuis blijven. De kans dat de kleuters dit schooljaar niet meer naar hun juf of meester zullen terugkeren, is overigens reëel."Een uitdaging wordt het combineren van lesgeven in een aantal jaren en de opvang van de leerlingen van wie de ouders weer aan het werk zijn", beseft Ann. "Ik vrees dat het om grote aantallen zal gaan. We mogen gelukkig gebruikmaken van de parochiale centra en de gemeentelijke infrastructuur, al los je daarmee natuurlijk niet alles op. Er zijn grenzen aan wat het onderwijzend personeel aankan. Sowieso moeten de leraren aan alle leerlingen die nog niet naar school mogen, afstandsonderwijs blijven geven en dat is een zware opdracht. Dit alles combineren, wordt heel intensief. We zullen moeten waken over het mentale welbevinden van leerkrachten, leerlingen en ouders. En dan dienen we nog kwetsbare groepen leerlingen extra op te volgen opdat ze geen onherstelbare leerachterstand oplopen.""Sowieso stopt het schooljaar in onze scholengroep op dinsdag 30 juni. We zullen in het middelbaar de deliberaties beknopter organiseren - in minder dagen dus om de eigenlijke lestijd zo ruim mogelijk te houden. Laten we hopen dat we dan op 1 september het nieuwe schooljaar in normale omstandigheden kunnen starten.""Ik zei het al: we zijn klaar om op 15 mei te herbeginnen dankzij de goede wil van velen. Hoedje af voor de niet te onderschatten inzet van de leerkrachten, onze preventiedienst en de logistiek. Ook chapeau voor de ouders die zich, los van hun eigen werksituatie, voortdurend moeten aanpassen aan wisselende richtlijnen. En een woord van dank aan de gemeentebesturen, die ons waar mogelijk echt wel helpen."