"Hier hebben ze meer dan voldoende plaats voor hun tentenkamp. En ook in de loods kunnen ze zeker hun ding doen. Behalve als we onze koeien moeten melken, dan is het hier van ons." (lacht luid)
...

"Hier hebben ze meer dan voldoende plaats voor hun tentenkamp. En ook in de loods kunnen ze zeker hun ding doen. Behalve als we onze koeien moeten melken, dan is het hier van ons." (lacht luid) Geert Van Hecke (53) en Carine Cornu (54) leiden ons met een grote glimlach rond op hun boerderij in het weidse Oudenburg. Eind juli strijkt Chiro Itterbeek uit de Vlaams-Brabantse gemeente Dilbeek hier tien dagen neer. Een 70-tal leden en leiders, goed voor twee kampbubbels. "Natuurlijk zijn ze hier welkom", vertelt Carine. "Wij hebben geen seconde getwijfeld om onze boerderij open te stellen." Geert en Carine tekenden net als 72 andere West-Vlaamse land- en tuinbouwers en grondeigenaars in op de SOS Zomerkamp-oproep die Vlaams minister van Jeugd Benjamin Dalle (CD&V) samen met de Boerenbond lanceerde. In heel België kwamen er op die manier meer dan 300 kampplaatsen bij. Een kwart van die extra plaatsen ligt dus bij ons. "Dat verrast me niet", glimlacht minister Dalle. "Het toont nog maar eens hoe begaan de West-Vlaamse land- en tuinbouwers zijn met de jongeren. In mijn ogen hebben de landbouw en het jeugdwerk veel raakvlakken: enthousiasme, creativiteit, de blik op de toekomst en de liefde voor de buitenlucht. Ik denk ook dat dit verhaal van samenwerking na corona zal blijven bestaan. Veel jeugdbewegingen én boeren zullen de voordelen zeker zien."Het platform op zich bestaat al langer en brengt jeugdbewegingen die op zoek zijn naar een kampplaats in contact met mensen die ruimte hebben voor die zomerkampen. Door de coronacrisis zaten heel wat jeugdbewegingen vrij kort voor de zomer plots met de handen in het haar. Buitenlands kamp kan niet, tenzij je maximaal 150 kilometer van de Belgische grens bivakkeert. En op heel wat Waalse kampplaatsen zorgde de onduidelijkheid over de organisatie en de bubbels voor een njet.Zo moest ook de Oost-Vlaamse Chiro Nele uit Lede halsoverkop op zoek naar een nieuwe locatie. De leden zouden normaal naar Hongarije op kamp vertrekken, een bijzonder jubileumkamp. Die plannen vielen volledig in het water. "Wij zijn vroeg beginnen zoeken", zegt hoofdleider Eva Raes (22). "En gelukkig konden we met onze 155 meisjes, toch een grote groep, terecht op de weides van de familie Vercruysse-Delmotte in Dentergem. Een zalige locatie. Tussen de koeien, ja. Het is net iets anders dan Boedapest." (lacht)Mee op de tractor, spelen in de grote weides en af en toe de koeien eten helpen geven: het zijn heerlijke tijden voor de kinderen van Chiro Nele. "Het kamp is nog maar net begonnen en je merkt aan het enthousiasme dat het hier ideaal is", kijkt Eva rond. "Uiteindelijk is dat wat telt: de meisjes laten ravotten, zich laten uitleven. Het vraagt wat aanpassing, zeker met die bubbels, maar dit worden de tien mooiste dagen van de zomer. " Hoewel de wetgeving bepaalt dat in agrarisch gebied geen recreatie mogelijk is, geldt in Vlaanderen een specifieke uitzondering voor jeugdkampen. Grondeigenaars, land- of tuinbouwers hoeven geen toestemming te vragen aan de lokale overheid om hun grond 75 dagen per jaar te verhuren aan jeugdbewegingen of andere begeleide groepen. De komst van een jeugdbeweging even melden aan de burgemeester volstaat. In een mum van tijd kregen Geert en Carine zo meer dan twintig aanvragen. Maar bijna iedereen vroeg naar de tweede helft van juli. "Het was overweldigend, echt waar", zegt Geert. "Van overal in Vlaanderen waren jeugdbewegingen op zoek. We hadden heel graag iedereen geholpen, maar jammer genoeg is dat onmogelijk." "Het wordt wel moeilijker voor de leiding, met alle beperkingen", zegt Carine. "En stel dat er in een bubbel echt iemand ziek wordt en positief test, dan moet iedereen naar huis. Dat is het ergste wat er kan gebeuren."Zelf zijn Geert en Carine allebei overtuigde KLJ'ers. En ze gaven de microbe door aan hun vier kinderen. "De twee jongste, Senne (19) en Marrit (22), zijn nog altijd lid van KLJ Oostende-Houtave. We zijn een jeugdbewegingsfamilie, dat kan je wel stellen", glimlacht Geert. "Toen we hoorden dat er jeugdbewegingen zonder kampplaats dreigden te vallen, hebben we ons meteen kandidaat gesteld", pikt Carine in. "We hebben hier acht jaar geleden al eens een KLJ-groep op bezoek gehad, maar die waren toen via via bij ons gekomen. Dit jaar is het de eerste keer dat we onszelf effectief aanbieden." (lacht)"Voor iemand die gewoon is van in Wallonië op kamp te gaan, hebben wij gelijkaardige voorzieningen. De weides natuurlijk, de hangaar waar ze kunnen koken en eten indien nodig. We hebben ook water en elektriciteit. Alleen het sanitaire blok zullen ze zelf meebrengen", schetst Carine. "Vanwaar ons engagement? We zijn en blijven KLJ'ers, hé. Onze kinderen, zelfs zij die niet meer thuis wonen, gaven meteen aan dat we dat moésten doen. Dat sterkt je toch in je overtuiging.""Het jong geweld bezig zien, dat is gewoon geestig. Zo'n kamp brengt veel leven in de brouwerij", vindt ook Geert. "De meesten kennen ook niet veel van het landbouwleven. Dat je die gastjes - zeker de jongsten onder hen - daar dan even kan in onderdompelen, is wel leuk.""Ze zitten hier letterlijk op het erf, ze spelen op de binnenkoer. Dat brengt ambiance. Voor ons is het ook een mooie ontspanning", aldus Carine nog. "Ik denk, met de hand op het hart, dat een kamp bij de boer het mooiste kamp is. Absoluut."