Ben je zelf afkomstig uit een onderwijsmilieu?
...

Ben je zelf afkomstig uit een onderwijsmilieu?Bernadette Delaere: "Neen, samen met mijn drie broers ben afkomstig van Izegem-Emelgem waar mijn ma werkzaam was in de bekende schoenensector terwijl mijn vader als timmerman werkzaam was. Maar 'aan sport doen' was vanzelfsprekend bij ons thuis. Zo was mijn broer Krist een tijdlang eerste keeper van FC Izegem. Zelf sloot ik op vraag van een vriendin aan bij turnclub De Salto's. Als junior en senior zette ik me ook in om beginnende turnsters op te leiden en hen onze ervaring door te geven. Ik deed dat bijzonder graag, waardoor bij mij de wens groeide om ooit leerkracht bewegingsopvoeding te worden."Had je een voorliefde voor een welbepaalde sport?"Zoals reeds aangehaald was sporten in ons gezin vanzelfsprekend. Niet zozeer om prestaties na te streven, maar eerder om fit en gezond te zijn en te blijven. In de gymclub De Salto's ontdekte ik dat ik wel wat talent had voor het toestelturnen. De vaak moeilijk aan te leren technieken eisen dat je ook over een uiterst goeie conditie moet beschikken. In dit opzicht ervaar ik het toestelturnen een beetje als de moeder van alle sporten. Als je graag beweegt, dan zijn alle sporten leuk, en we probeerden alles uit waar we de kans toe kregen, maar met atletiek, volleybal, zwemmen, fietsen en rolschaatsen kreeg je me altijd uit de zetel. Dat kwam goed uit want tijdens mijn opleiding regentes lichamelijke opvoeding - bewegingsrecreatie kwam een heel gamma sporten aan bod. Voor elke sport stelde men vaak hoge beheersingseisen."Heb je in je beginjaren in veel verschillende scholen gewerkt?"In het vroegere KOR (Katholiek Onderwijs Roeselare), wat nu Arkorum is, heb ik in zowat alle scholen lesgegeven. Later, toen we van Izegem naar Beveren verhuisden, ben ik in de meisjesschool van Beveren gestart waar mijn dochter toen begon in de derde kleuterklas. Mijn zoon startte toen in het eerste leerjaar van de jongensschool. Sedert die tijd heb ik quasi de rest van mijn loopbaan in de scholen van Beveren-Roeselare gewerkt."Was je een veeleisende sportleerkracht?"Laat ons zeggen dat ik streng was, maar zeker rechtvaardig. Ik stond er op dat er in elke les wel iets 'geleerd' werd of dat er voldoende fysieke inspanning werd geleverd, ook al ging het om het inoefenen van vaardigheden die vroeger al werden geïnitieerd. Ik eiste ook voldoende aandacht voor de attitudes die de leerlingen moesten hebben: inzet, fair play, behulpzaamheid, gezonde wedijver, elkaar helpen, beleefdheid en vriendschap. Dat waren immers de basisvoorwaarden om goeie schoolse prestaties op vlak van motoriek te behalen. Ik eindigde graag mijn les met de synthesevraag à la Piet Huysentruyt: 'En wat hebben we vandaag geleerd?'" (lacht)Heb je nog contact met sommige oud-leerlingen?"Oh ja. Op schoolfeestjes, op het einde van het schooljaar, op toevallige momenten in de stad, straat of winkel spreken oud-leerlingen mij vaak spontaan aan voor een gemoedelijke babbel. Het gaat dan meestal over hoe hun opleiding verder verliep, wat ze nu doen en waar ze werken, of ze gelukkig zijn, als ze zelf al kinderen hebben, kortom, de vragen des levens. Dat zijn altijd gezellige babbels. Heel wat oud-leerlingen, sturen nu hun eigen kinderen ook naar De Bever. Dat maakt dat die oud-leerlingen dus de ouders zijn van mijn huidige leerlingen en zo hebben we dus met die ouders een uitstekende sociale band. Tenslotte krijg ik soms oud-leerlingen op de gymvloer die nu hun stage komen afwerken."Kreeg je soms 'sporthulp' op school van jouw man?"Ook mijn man Luc Lagae is regent lichamelijke opvoeding-biologie. De motivatie daarvoor vond hij ook bij toestelturnclubs zoals Flink en Fris, De Salto's en Vaste Vuist Lauwe. Het spreekt dus voor zich dat onderwijs en bewegingsopvoeding onderwerpen waren die in ons gezin bijna dagelijks aan bod komen. Vaak hielpen we elkaar bij voorbereidingen, sportdagen, evaluaties, doorlichtingen, schoolfeesten en bosdagen. Mijn man groeide in zijn loopbaan ook door tot pedagogisch begeleider, directeur van diverse basisscholen en van een school voor buitengewoon onderwijs. De onderwijsmicrobe zit hem nog wel altijd in het bloed, ook al is hij al even op rust."Je had je afscheid waarschijnlijk anders en beter voorgesteld?"Ja, leuk is anders natuurlijk. Ik had me voorgesteld om me te kunnen inzetten tot de laatste dag en in schoonheid afscheid te nemen van schoolbestuur, directies, collega's en kinderen. Vooral die laatste groep zal ik toch wel missen. Zelf ben ik eigenlijk niet zo gewonnen voor grote en emotionele afscheidsmomenten. Ik ben niet dood, hé, en ik verheug me nu al op de informele ontmoetingen en bezoekjes met de ex-collega's en ex-leerlingen. Nu was die overgang wel heel speciaal en zeer alternatief, maar ik weet dat ik altijd welkom ben in De Bever."Wat ga je nu doen met de vrijgekomen tijd?"Ik heb ondertussen vijf oogappels van kleinkinderen die volop in ontwikkeling zijn. Ik zou hen graag onze belevenissen, ervaringen, vaardigheden en levensvisie meegeven voor zover zij dit willen meepikken. Want ik wil ook respect hebben voor hun individuele persoonlijkheid en aard. Voor zover deze coronaperiode dit toelaat, wil ik hen graag opvangen om mijn eigen kinderen en hun partners te ondersteunen. Sporten blijft uiteraard ook nog steeds een deel van mijn leven. Vroeger heb ik van mijn hobby mijn beroep mogen maken en had ik de zorg voor mijn gezin. De keuze voor een echte hobby zat er ook dan niet meteen in. De laatste jaren nam ik een deel van de zorg voor mijn moeder op mij en was er ook niet echt tijd voor een bijkomende hobby. Ik krijg nu wellicht de tijd om meer familie-uitstapjes te doen, korte reisjes te maken, gezond te koken en... te sporten natuurlijk."