West-Vlamingen die naast waterloop wonen moeten voldoende ruimte vrij laten

De provincie West-Vlaanderen lanceerde dinsdag in Zwevegem de campagne ‘Bluuft e bitje van de beke’.


Die roept West-Vlamingen die in de buurt van een beek of een andere waterloop wonen, op om de nodige regels te respecteren en de nodige ruimte te laten naast een waterloop. Dat is nodig om het beheer makkelijker te maken en zo onder meer wateroverlast tegen te gaan.

Sinds vorig jaar is de provincie verantwoordelijk voor 3.653 kilometer waterlopen. Dat is bijna het dubbele van voordien. De provincie stond afgelopen winter voor de eerste keer in voor het beheer en onderhoud van dat uitgebreide waterlopennet.

Tijdens die werkzaamheden werden echter enkele problemen opgemerkt. Het onderhoud, zoals maaien, slibruimingen of oeverherstelwerken, werd bemoeilijkt omdat er niet voldoende vrije doorgang is voor de nodige machines. Zo moet er altijd een vrije doorgang in een zone van vijf meter naast de waterloop zijn en moet er minstens een meter afstand gehouden worden met gewasbescherming of bodembewerking. Als dat niet gebeurt kunnen oevers inschuiven, komt er slib in het water en wordt onderhoud bemoeilijkt. Uiteindelijk kan dat leiden tot wateroverlast.

Omdat grondgebruikers zelf mee verantwoordelijk zijn voor ‘hun’ waterloop start de provincie met de campagne ‘Bluuft e bitje van de beke’. Er werd onder meer in samenwerking met de provinciale kennisinstelling Inagro werk gemaakt van een handige brochure. Inagro zorgt ook voor de nodige begeleiding en ondersteuning voor de land- en tuinbouw.

(BELGA)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.