Het overgrote deel waren vogels die voor het eerst een ring om de poot kregen. Een klein deel waren hervangsten in het Zwin of elders. Het merendeel van de geringde vogels waren trekvogels die kort halt hielden in het Zwin. De vogeltrek wordt in belangrijke mate gestuurd door weersomstandigheden. Subtiele verschillen in het weer hier bij ons, maar ook de gebieden waar de trekvogels vandaan komen, kunnen voor wisselende aantallen van jaar tot jaar zorgen.

In totaal kregen 52 verschillende soorten een ring om de poot. De top drie van meest geringde soorten bestond uit de zwartkop (3.515), de goudhaan (1.240) en de roodborst (899). De zwartkop en de roodborst stonden vorig jaar ook al in de top drie. De goudhaan heeft de plaats van de kleine karekiet ingenomen. Van die laatste soort werden er dit jaar minder gevangen, terwijl goudhanen net opvallend talrijk waren door een sterke instroom half oktober.

Roodkeelnachtegaal en witkeelgors

Daarnaast werden ook opmerkelijke vogelsoorten geringd. Het meest in het oog springend waren een roodkeelnachtegaal en een witkeelgors. Twee superzeldzaamheden die op de koop toe ook nog op dezelfde dag werden geringd! Voor beide soorten was het pas het tweede geval ooit in België. Daarnaast waren er nog heel wat andere opvallende soorten en/of aantallen: 55 waterrallen, bokje en ransuil, 6 ijsvogels, 4 draaihalzen, boomvalk, 97 Cetti's zangers, 3 Siberische tjiftjaffen, 28 bladkoningen en grote karekiet, 4 sperwergrasmussen, 298 vuurgoudhanen, 2 bonte vliegenvangers, 7 nachtegalen, 15 gekraagde roodstaarten en kleine barmsijs.

Bij de hervangsten kwamen een aantal vogels voor die al in het buitenland van een ring waren voorzien: Noorwegen, Duitsland, Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Het vogelringwerk past in het kader van wetenschappelijk onderzoek. De eindresultaten van het vogelringen zullen volgend jaar worden gepubliceerd in het Zwin natuurrapport 2020.

(DM)

Het overgrote deel waren vogels die voor het eerst een ring om de poot kregen. Een klein deel waren hervangsten in het Zwin of elders. Het merendeel van de geringde vogels waren trekvogels die kort halt hielden in het Zwin. De vogeltrek wordt in belangrijke mate gestuurd door weersomstandigheden. Subtiele verschillen in het weer hier bij ons, maar ook de gebieden waar de trekvogels vandaan komen, kunnen voor wisselende aantallen van jaar tot jaar zorgen. In totaal kregen 52 verschillende soorten een ring om de poot. De top drie van meest geringde soorten bestond uit de zwartkop (3.515), de goudhaan (1.240) en de roodborst (899). De zwartkop en de roodborst stonden vorig jaar ook al in de top drie. De goudhaan heeft de plaats van de kleine karekiet ingenomen. Van die laatste soort werden er dit jaar minder gevangen, terwijl goudhanen net opvallend talrijk waren door een sterke instroom half oktober. Daarnaast werden ook opmerkelijke vogelsoorten geringd. Het meest in het oog springend waren een roodkeelnachtegaal en een witkeelgors. Twee superzeldzaamheden die op de koop toe ook nog op dezelfde dag werden geringd! Voor beide soorten was het pas het tweede geval ooit in België. Daarnaast waren er nog heel wat andere opvallende soorten en/of aantallen: 55 waterrallen, bokje en ransuil, 6 ijsvogels, 4 draaihalzen, boomvalk, 97 Cetti's zangers, 3 Siberische tjiftjaffen, 28 bladkoningen en grote karekiet, 4 sperwergrasmussen, 298 vuurgoudhanen, 2 bonte vliegenvangers, 7 nachtegalen, 15 gekraagde roodstaarten en kleine barmsijs.Bij de hervangsten kwamen een aantal vogels voor die al in het buitenland van een ring waren voorzien: Noorwegen, Duitsland, Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Het vogelringwerk past in het kader van wetenschappelijk onderzoek. De eindresultaten van het vogelringen zullen volgend jaar worden gepubliceerd in het Zwin natuurrapport 2020.(DM)