Niet iedereen die plaatsneemt in de hut van de commandant voor onze interviews heeft een band met de Mercator. Jan Seys wél: "Ik ben geboren en getogen in Brugge, maar dat had even goed Oostende kunnen zijn. Dat heeft te maken met deze plaats, namelijk met het College hier vlakbij. Mijn vader is bioloog en heeft heel zijn carrière les gegeven, waaronder ook in het College. Uiteindelijk keerde hij terug naar Brugge, maar hij had hier ook kunnen blijven. Dan zou ik een Oostendenaar geweest zijn (lacht). Oostende als kind, dat was voor mij: de Mercator, dikke Mathille en de Kapellestraat."
...

Niet iedereen die plaatsneemt in de hut van de commandant voor onze interviews heeft een band met de Mercator. Jan Seys wél: "Ik ben geboren en getogen in Brugge, maar dat had even goed Oostende kunnen zijn. Dat heeft te maken met deze plaats, namelijk met het College hier vlakbij. Mijn vader is bioloog en heeft heel zijn carrière les gegeven, waaronder ook in het College. Uiteindelijk keerde hij terug naar Brugge, maar hij had hier ook kunnen blijven. Dan zou ik een Oostendenaar geweest zijn (lacht). Oostende als kind, dat was voor mij: de Mercator, dikke Mathille en de Kapellestraat."Heb je een sterke band met de zee?"Toch wel, maar: je hebt van die mensen die van kleins af aan al weten dat ze iets met de zee willen doen. Dat heb ik nooit gehad. Ik had wel een mateloze passie voor natuur, maar dat was meer algemeen. De zee was daar een deeltje van. Tussen al mijn hobby's als kind was de natuur, naast voetbal, echt nummer één. Thuis hielden wij allerlei dieren in terraria: slangen, hagedissen, salamanders, padden... waar ik voor zorgde. Op een bepaald moment had ik een kameleon. Ik ging daar mee op wandel met het dier op mijn arm, op zoek naar vliegen. (lacht) Dat ik iets met dieren en planten zou doen, dat stond wel al vast. Ik had een heel mooie jeugd: vanuit Brugge tot in Oostende of Zeeland, trokken wij erop uit met onze fietsen, de natuur gaan observeren."Eigenlijk ben je dus in de voetsporen van je vader getreden."Voor een stuk wel, ja. Die passie voor biologie heb ik zeker van hem mee. Maar ook van mijn moeder, want mijn ouders hebben elkaar leren kennen in een ornithologische vereniging. Zelf heb ik altijd drie dingen gevoeld: ik wil de samenhang tussen alles begrijpen. Wat heeft het weer met migratie van dieren te maken, bijvoorbeeld. Maar ik heb ook altijd de drijfveer gehad om alles te kunnen delen. Hardcore wetenschapper ben ik tien jaar geweest, maar er werd voor mij te weinig gedeeld. Het derde aspect is het maatschappelijke. Wij werken nu bijvoorbeeld samen met burgerwetenschappers. Dat is ook vanuit die bezorgdheid: wetenschap doe je niet meer alleen, maar sámen."Hoe ben je bij het VLIZ beland?"Ik heb er gesolliciteerd bij de start in 2000. Toen waren we met tien mensen, vandaag zijn we met meer dan honderd. Voordien heb ik tien jaar onderzoek gedaan en twee jaar in Kenia gewerkt, ook in de zeewetenschappen. Heel boeiend. Ik ben daar met mijn vrouw en dochter naartoe gegaan. Dat was fantastisch: een huisje aan de zee, onder de wuivende palmbomen... In Kenia legden we onder andere nieuwe mangrovebossen aan en leerden een vrouwengroep oesters kweken. Ik ben daar wel een beetje voor de leeuwen gegooid. Ik moest mijn plan trekken, met een budget dat groter was dan het budget van dat hele instituut. Ik begreep niets van dat Engels met het typische lokale accent, kon niemand uit elkaar houden... Maar uiteindelijk, door je te gooien en je ding te doen, heb ik daar heel veel bijgeleerd. Vandaag teer ik nog altijd op die ervaring: springen, zwemmen en kijken waar je uitkomt."Mis je het échte wetenschappelijk werk niet?"Nee. Want een wetenschapper doet heel veel bandwerk. Om gegevens bij elkaar te halen moet je altijd maar hetzelfde doen. Zoals ik gedaan heb: op zee gaan om zeevogels te tellen. Met elk schip dat voer en mij wilde meenemen, ging ik mee. In de praktijk was dat heel vaak met de RMT-ferry's. (enthousiast) De eerste keer was dat fantastisch. Een hele dag naar vogels kijken mijn hobby én ik werd er voor betaald! Maar de twintigste keer, wanneer het acht beaufort is, wanneer de golven over het schip slaan en het ijskoud is... Het ergste was nog wanneer alle vogels in volle zomer op hun nest zaten en er geen enkele vogel te zien was (lacht). Ik deed trouwens heel origineel werk. Dat onderzoek loopt vandaag nog altijd."Wat vind je het boeiendste aan je job?"Ik vind de zee fantastisch. Het is een heel complex gegeven, waar er van alles bij komt kijken. Denk maar aan hoe belangrijk de zee is in het klimaatdebat. Ik hou ook van de variatie in mijn job. De ene dag zijn we bezig met archeologie van de zee, de volgende dag zetten we een expo op rond Wereldoorlog I op zee... Elke dag heeft met de zee te maken, vanuit zeer uiteenlopende disciplines. Eigenlijk snoep ik vandaag enkel van de mooie dingen van de wetenschap."Ben je buiten je job nog altijd zo bezig met de natuur?"Ja, toch wel. Ik hou van wandelen en fietsen in de natuur. En ook aan vogel- en vlindertellingen doe ik ook graag aan mee. Die passie zal nooit weg gaan. We leven in moeilijke tijden, toegegeven: plastic vervuiling, de klimaatverandering, corona. Maar eigenlijk leven we ook in een tijd met fantastische mogelijkheden. Het is fascinerend wat er op pakweg technologisch vlak nog op ons afkomt. Met wat optimisme, de nodige wetenschappelijke onderbouwing en veel constructieve samenwerking kunnen we de uitdagingen van morgen aan, daar geloof ik rotsvast in."