In veertien nesten werden er in totaal tweeëntwintig jonge ooievaars geringd. De meeste nesten bevinden zich op paalnesten, maar sommige nesten zijn grote takkenplatforms in de toppen van de zeedennen, wat het moeilijk maakte om de jongen te bereiken. Om de jongen te ringen werd er gewerkt met een hoogwerker. Het ringwerk maakt deel uit van het wetenschappelijk onderzoek op de vogeltrek van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen.

(DM)