Stadsmagazine ‘Nieuwpoort, Uw Stad’ bestaat vijftig jaar: “lokale bijbel”

Redactie KW

Al vijftig jaar lang publiceert Nieuwpoort het stedelijk informatieblad ‘Nieuwpoort, Uw Stad’ (NUS). Twee belangrijke steunpilaren van deze tweemaandelijkse publicatie zijn Tom Bellefroid (28) en Kathleen Osaer (61).

“’Nieuwpoort, Uw Stad’ is een vaste, belangrijke waarde en referentiebron voor de Nieuwpoortenaar. Als inwoner is het leuk om hieraan te kunnen meeschrijven”, verklaart Tom die al sinds 2018 voor NUS schrijft.

“Het is eigenlijk gek dat het stadsmagazine in dit digitale tijdperk nog bestaat en gretig gelezen wordt.” Al beseft hij dat de papieren versie waarschijnlijk nog vooral succes kent omdat Nieuwpoort een iets oudere bevolking heeft. Toch drukte de digitalisering wel zijn stempel op het boekje.

Floppydisks

“De tijdswinst in vergelijking met vroeger is enorm”, weet Kathleen. Zij schrijft al sinds 1989. “Vroeger hadden we geen computers. De teksten werden getypt door de medewerkers van de dienst Toerisme en gekopieerd via floppydisks. Die disks en het fotomateriaal bezorgden we dan aan de drukkerij. Vervolgens verbeterde ik de drukproeven, waarna iemand van de drukkerij dit weer ophaalde. Dan pas kwam de effectieve uitgave. De wisselwerking met diverse drukkerijen was altijd aanpassen en wennen.”

“NUS blijft belangrijk omdat het een van de belangrijkste communicatiekanalen van de stad is”, vertelt Tom. “Alle evenementen, jubilea, nieuws puur voor en door Nieuwpoortenaren en meer komen aan bod. Dit is de lokale bijbel.”

275 edities

De stadsredactie kijkt erop toe dat elke editie aanspreekbaar is voor alle Nieuwpoortenaars, maar ook dat ze niet te simpel of te moeilijk is. Die missie lijkt al 275 edities lang geslaagd. Wie bij een Nieuwpoortenaar binnenstapt, zal vaak een NUS-editie zien liggen. Telkens worden er 6.800 nummers verdeeld. Een voor elk huishouden en een overschot voor in de toerismekantoren.

In de zomer worden er zelfs 200 à 400 extra boekjes gelegd, aangezien NUS ook toeristen kan bekoren. Vooral de pagina’s met geschiedenisstukjes en rubriekjes met een ons-kent-ons-gehalte zijn populair.

“Het was vroeger meer een infoblad. Nu is het een magazine. Veel mensen houden de boekjes bij”, zegt Kathleen. “Dankzij de digitalisering bevatten de nummers nu ook meer illustraties en fotomateriaal. Dat is belangrijk, want de meeste lezers zijn visueel ingesteld. Ook de mooie covers met inwoners in de hoofdrol zijn geslaagd en nodigen mensen uit om aandachtig te lezen.”

Historisch en sociaal

Elk nummer telt meestal een groot thema. De andere stadsdiensten sturen teksten op naar de stadsredactie die deze dan taalkundig stroomlijnt. Vervolgens wordt er met de graficus vorm gegeven aan het nummer. “Gewoonlijk zijn we voor de dag van publicatie een anderhalve week intensief bezig”, deelt Tom mee. Hij verzorgt vooral de historische rubrieken.

Kathleen houdt dan weer liever van het sociale aspect. “Het liefst deed ik de rubrieken ‘iemand van bij ons’. Ik leerde veel mensen kennen uit de sportwereld, cultuursector of diverse verenigingen en bedrijven. De huisbezoeken waren fijne momenten.”

Enkele belangrijke publicaties waren tijdens de herdenking van de Eerste Wereldoorlog. “Ook de herdenking van de Slag bij Nieuwpoort in 2000 werd uitvoerig belicht. We kregen beide keren koninklijk bezoek”, herinnert Kathleen zich. In januari vierde Nieuwpoort het jubileum van NUS door een editie uit te brengen volledig gewijd aan de geschiedenis van het magazine zelf.

(DV)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.