Het Zwin is niet altijd het natuurdomein geweest dat we nu kennen. In de middeleeuwen speelde de geul een belangrijke rol in de ontwikkeling van Brugge. De geul waarrond vandaag het Zwin Natuurcentrum is opgetrokken, is het laatste restant van een ooit imposante getijdegeul die in de middeleeuwen fungeerde als slagader van de internationale handel. De Zwingeul vormde een langgerekt havensysteem waarlangs goederen en mensen Vlaanderen in en uit voeren.

Na de middeleeuwen en na de 'gouden' veertiende eeuw verzandde het havencomplex. Vandaag is er nauwelijks nog iets van te zien.

Maar nieuwe technieken kunnen het complex in kaart brengen. Het onderzoek gebeurt in opdracht van het agentschap Onroerend Erfgoed, de Universiteit Gent voert het onderzoek uit. De universiteit onderzoekt de ondergrondse bewaringstoestand en gaat na of enkele locaties in aanmerking komen voor een bescherming als archeologische site.

Opvallend is dat er daarvoor amper moet gegraven worden. De bodem zal gescand worden met nieuwe technieken, zoals elektromagnetische golven. Ook drones worden ingezet. Er kunnen wel nog proefsleuven worden getrokken en manuele boringen worden uitgevoerd, en met metaaldetectoren kunnen metalen vondsten worden achterhaald.

Vlaanderen trekt 120.000 euro uit voor het onderzoek en het in kaart brengen van het complex. De resultaten worden pas in 2019 verwacht.

(Belga)