Heropening en herdenkingsplechtigheid voor de slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog in Vladslo

Redactie KW

Op vrijdag 7 oktober werd de Duitse Militaire Begraafplaats in Vladslo plechtig heropend. Tal van hoogwaardigheidsbekleders waren er te gast en legden bloemenkransen bij het bekende beeld ‘Het Treurend Ouderpaar’ van Käthe Kolwitz.

Onder hen onder meer de Duitse ambassadeur voor België Rüdiger Lüdeking, de Amerikaanse ambassadeur voor België, Denise Campbell Bauer, de burgemeesters van de zustersteden van Diksmuide, van het Duitse Rotach-Egern en het Britse Ellesmere, afgevaardigden van de Belgische deelstaten, commissaris generaal Herdenking van de Eerste Wereldoorlog Paul Breyne, gouverneur Carl Decaluwé, burgemeester Lies Laridon en schepenen en leden van het gemeentebestuur van Diksmuide. Daarnaast ook tal van militairen en vaderlandse verenigingen.

De Vernieuwingen

Het inkomgebouw werd gerestaureerd, de toegangsweg werd verbreed, nieuwe parkeerstroken werden aangelegd, de toegankelijkheid en het onthaal werden geoptimaliseerd. Daarbij werden ook een aantal landschappelijke werken uitgevoerd, heraanleg van het gazon, werken aan de bomen en zachte reiniging van de graftekens zorgen ervoor dat deze begraafplaats niet enkel een plaats is voor herdenking van de 25.664 soldaten die hier begraven liggen, maar ook een plaats voor bezinning. De werken kostten 150.898 euro.

Werelderfgoed

Voor de begraafplaats in Vladslo zal in januari een dossier worden ingediend om het te laten erkennen als UNESCO Werelderfgoed. Er wordt gehoopt om in 2018 uitsluitsel hieromtrent te krijgen.

Hauke Homeier van de Volksbund Deutsche Kriegsgräberfürsorge en Yvan Vandenbosch, gevolmachtigde Duitse Begraafplaatsen, leidden de plechtigheid. Sprekers waren achtereenvolgens burgemeester Lies Laridon, Duits ambassadeur Rüdiger Lüdeking, professor Rolf Wernstedt en Cindy Verbrugge in naam van de minister-president van de Vlaamse Regering. Katelijne Vervarcke samen met een aantal leerlingen van de scholen in De Panne, Koekelare en Diksmuide gaf een lezing en verzorgde een voordracht. Soetkin Collier zong een drietal aangepaste liederen onder vioolbegeleiding van Wiet Van de Leest en fanfare St Cecilia van Vladslo zorgde voor onder andere de nationale hymnen. Daarna werden kransen neergelegd bij het ‘Treurend Ouderpaar’ van Käthe Kollwitz. Na de 2 uur durende plechtigheid die door een 170-tal genodigden en familie van de op deze plaats begraven soldaten werd bijgewoond, was er door het stadsbestuur een ontvangst voorzien op het stadhuis.

(ACK)