"Zonder Eduard Dierick geen schoenen in Izegem", klinkt Bart Blomme van de Vrienden van de Izegemse Musea (VIM) formeel. Meteen een reden voor de VIM om een gedenkplaat te maken. De VIM wil een schakel zijn tussen de musea en de bezoekers. Daarnaast willen ze ook fungeren als aanvullende denktank en helpen zorgen voor de begeestering van en het enthousiasme voor het Izegems erfgoed. Het aanbrengen van een extra gedenkteken op het oude kerkhof tussen de Roeselaarsestraat en de Nederweg past dus volledig in dit kader. Een plan dat mee gestalte kreeg door mus...

"Zonder Eduard Dierick geen schoenen in Izegem", klinkt Bart Blomme van de Vrienden van de Izegemse Musea (VIM) formeel. Meteen een reden voor de VIM om een gedenkplaat te maken. De VIM wil een schakel zijn tussen de musea en de bezoekers. Daarnaast willen ze ook fungeren als aanvullende denktank en helpen zorgen voor de begeestering van en het enthousiasme voor het Izegems erfgoed. Het aanbrengen van een extra gedenkteken op het oude kerkhof tussen de Roeselaarsestraat en de Nederweg past dus volledig in dit kader. Een plan dat mee gestalte kreeg door museum Eperon d'Or en heemkring Ten Mandere. "Eduard Dierick kun je beschouwen als de grondlegger van de Izegemse schoennijverheid", weet Bart Blomme. "Hij maakte laarzen voor de koning van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden in 1828 en voor Leopold I in 1835." Het vakmanschap dat hij aan boord legde, resulteerde in pareltjes. Hij legde zich bovendien niet neer bij wat was. Integendeel, hij verbeterde en verfijnde de technieken van het schoenmaken. Zo creëerde hij de eerste genagelde schoenen die waterdicht waren. Zijn klanten kwamen niet alleen uit Izegem, tot zelfs in het buitenland toe was er interesse. Zijn zoon Emiel noteerde alles minutieus. Zijn schrijfsels evolueerden tot het eerste handboek voor de cursus schoenmaken waaruit later de vakschool is gegroeid."En precies die vakschool gaf al een eerste aanzet om hulde te brengen aan Eduard Dierick. "Met een standbeeld notabene", zegt Bart Blomme. "Maar financieel bleek dit niet haalbaar. Wel werd in de jaren zeventig een straat naar hem genoemd." Met het gedenkplaatje krijgt de man nu toch nog de eer die hem toekomt. Al werd hierbij uiterst omzichtig tewerk gegaan."Er leefde in Izegem nog een man met exact dezelfde naam", verklaart Bart Blomme. "Om het nog wat moeilijker te maken liggen ze allebei begraven op het oude kerkhof. Bovendien is de inscriptie in het graf door de tand des tijds nog moeilijk te lezen." Het bordje sluit nu alle twijfels uit. Voor de officiële inhuldiging werd nog op zoek gegaan naar nazaten, maar die werden tot op heden niet gevonden. "Eduard Dierick woonde destijds in de Brugstraat. De woning bestaat trouwens nog altijd", zegt Bart Blomme. "Twee van zijn zonen werden priester en een dochter werd zuster. Nog twee dochters en een zoon uit het gezin waren niet gehuwd. Twee zonen deden dit wel, maar trokken naar Brussel. Daar hebben we nog geen sporen gevonden."Het gedenkplaatje zal niet het laatste zijn. "We willen er nog soortgelijke maken voor belangrijke Izegemnaars. Denk maar aan de familie Deryckere die aan de basis van de borstelnijverheid lag, of de familie Vandenbogaerde die van belang was voor de introductie van elektriciteit in de stad. Ook Strobbe mogen we niet vergeten. Je ziet dat we nog een tijdje weg kunnen." (MI)