Tom Vandeputte uit Ruiselede moet zijn mobiele frituur al bijna jaar gesloten houden

Redactie KW

In normale tijden schuimen Tom Vandeputte en zijn echtgenote Ariane Vannieuwkerke elk weekend tal van fuiven en feestjes af om met hun mobiele frituur een pak hongerige magen te spijzen. Maar ondertussen zitten ze zélf al bijna een jaar op hun honger. “En dat nijpt”, geeft het koppel toe.

Tom Vandeputte (50) beter bekend als ‘Tom Worst’ en Ariane Vannieuwkerke (42) zijn in de brede regio een begrip bij het feest- en vooral fuifminnend volkje. Zo goed als elk weekend trekken man en vrouw er met hun mobiele frituur op uit om menig feest en fuif op te luisteren, een traditie die nu al twintig jaar stand houdt.

“Ik was jarenlang hoofdleider van KLJ Aarsele en hielp toen af en toe een handje bij Bart Coopman, die toen de vaste snackverkoper op KLJ-fuiven was”, opent Tom zijn verhaal. “Ik deed dat wel graag en toen Bart aankondigde dat hij ermee zou ophouden, besloot ik dat gat in te vullen. Ik heb er nog geen moment spijt van gehad.”

Zijn allereerste ‘optreden’ was een barbecue verzorgen voor een Ruiseledenaar die een jaartje naar Ierland trok. “Het weekend daarna stonden we al op een KLJ-fuif in Aalter en sindsdien is het nooit meer gestopt. Fuiven, verjaardagsfeesten, huwelijksschietingen, babyborrels, communiefeesten… Noem het en we hebben er ooit al voor de catering gezorgd. Enkel koffietafels passeerden nog niet de revue”, grijnst Tom.

Vooral het sociale aspect van de job spreekt Tom zo aan. “Je zit altijd tussen het volk en in de leute, hé. Overal is het plezant en je levert ook nuttig werk: mensen lekker eten geven. En en passant wat zeveren en achteraf nog een pintje drinken, daar doe ik het voor. Ik haal er zeer veel voldoening uit.”

Maagdelijke agenda

Een klein jaar geleden werd er echter keihard op de pauzeknop gedrukt. “Het Krokusbal van KLJ Zwevezele, net voor de jaarlijkse carnavalsstoet, was onze laatste grote opdracht. De week nadien moesten we naar een grote KLJ-fuif in Meulebeke trekken, maar zover is het nooit gekomen. Ik voelde ook dat er iets op komst was. Tussen Zwevezele en Meulebeke heb ik mijn leveranciers gebeld en alle bestellingen even on hold geplaatst. Het bleek de juiste keuze, want op zaterdag 14 maart ging het land en eigenlijk de hele wereld op slot.”

Aanvankelijk had Tom er goeie hoop op dat hij na een maand opnieuw in actie zou kunnen schieten. “Het zou maar drie weken duren, kregen we overal te horen. Leuk, dacht ik, een beetje vakantie. Maar die eerste week van de lockdown werd ik met telefoontjes overstelpt. Ik had me beter een secretaresse aangeschaft, toen. Het regende annuleringen, maar de meeste mensen verplaatsten hun feest ook meteen. Die zijn ondertussen al vaak voor een tweede keer uitgesteld… En voor het eerst in twintig jaar tijd was mijn agenda weer maagdelijk blank. Dat voelt wel vreemd aan, want in normale jaren hebben we hoop en al vier vrije zaterdagavonden. Nu zitten we constant in ons kot.”

Tom mist vooral het directe contact met zijn klanten. “Die jonge gasten voor ons kraam, dat zorgt voor een unieke ambiance. Het is ondertussen een stevig deel van ons leven geworden. In het weekend zijn Ariane en ik samen op pad, nu lukt dat niet. Daar durf ik al wel eens ambetant van te lopen, ja. Het houdt ons ook jong. We spenderen meestal onze weekends tussen 16- tot 30-jarigen, we kennen hun leefwereld door en door. We hebben ons het voorbije jaar ook vaak afgevraagd hoe het met die jongens en meisjes gaat. Dat is allemaal weggevallen.”

Toch proberen Ariane en Tom contact te houden. “Dankzij sociale media, maar we krijgen ook berichtjes en telefoontjes. Normaal organiseren we in januari altijd onze eigen nieuwjaarsreceptie voor de vele verenigingen waar we onze frituur mogen opstellen, maar die is uiteraard ook niet kunnen doorgaan. Die dag heb ik toch eens stevig gevloekt, moet ik toegeven.”

Een jaar lang de mobiele frituur op stal laten, brengt ook financiële gevolgen met zich mee. “Dat is inderdaad zo”, onderstreept Tom. “Maar wij hebben het geluk dat we al twintig jaar bezig zijn. Onze vaste kosten lopen door, maar we hebben geen leningen meer te torsen. Sinds januari ben ik ook weer fulltime bij Latexco aan de slag, waar ik heftruck- en vrachtwagenchauffeur ben. Wanneer alles weer mag, zal ik weer terugvallen op vier vijfde. Ik ben mijn werkgever dankbaar, anders zit ik hier een dag per week niks te doen. En zo zit ik niet in elkaar.”

Bediening

Tom vreest wel dat de coronacrisis sporen zal nalaten in zijn sector. “Her en der zie ik dat collega’s hun kraampjes te koop stellen. Dat belooft weinig goeds. Wij staan in elk geval te popelen om er weer in te vliegen. Afgelopen zomer konden we op kleinere evenementen aan de slag, maar dat is hetzelfde niet. Wij zijn het gewoon om vaak meer dan 1.000 feestvierders voor onze neus te zien passeren, toen waren de ‘menigtes’ toch iets kleiner. We werkten toen ook met bediening om te vermijden dat er te veel mensen tegelijk aan onze frituur zouden staan aanschuiven. Zo coronaveilig mogelijk was en is ons devies. Ook voor Ariane. Zij werkt als ergotherapeute in het Sint-Andriesziekenhuis en ziet met eigen ogen welke schade Covid-19 kan aanrichten. We zijn zéér voorzichtig.”

Wannéér de mobiele frituur weer van stal zal kunnen gehaald worden, is ook voor Tom een open vraag. “En ik zal die voorlopig ook niet beantwoorden. Geen mens weet nog wat wanneer mogelijk zal zijn. Maar wees gerust: de kunst van het frietjes en hamburgers bakken, zal nog in onze vingers zitten. Dat is zoals zwemmen: ook al doe je het járen niet, eenmaal je in het water gegooid wordt, komt alles terug”, knipoogt Tom.

Het afgelopen jaar was allesbehalve evident, maar toch blijft Tom positief. “Ariane wijst me vaak op de leuke dingen die er wél nog zijn: onze kinderen Loucka (17) en Arno (15), onze ritjes met de Vespa en het feit dat we nog allemaal gezond zijn. En ooit komt alles goed en zal deze hele coronaperiode hopelijk slechts een nare herinnering zijn.”

(PV)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.