50 procent van de toeristen, 5 procent van de subsidies: alles en iedereen komt naar West-Vlaanderen, behalve de centen

Olaf Verhaeghe

Meer dan de helft van de toeristische overnachtingen vinden in een West-Vlaams bed plaats. En toch komen er al jaren amper Vlaamse subsidies naar het West-Vlaamse toerisme. Dat blijkt aan de vooravond van de verlengde kerstvakantie uit cijfers van parlementslid Steve Vandenberghe (Vooruit). Die extra week vakantie voor het basisonderwijs laat zich overigens amper voelen aan de kust of in de toeristische steden.

“Toeristisch West-Vlaanderen wordt benadeeld. En dat terwijl onze provincie niet alleen het meest mensen aantrekt voor een vakantie, maar ook voor een enorme werkgelegenheid in de sector zorgt.” Steve Vandenberghe, Vooruit-parlementslid en burgemeester van Bredene, is not amused. Uit cijfers die hij wist te verzamelen, blijkt dat onze provincie al jaren minder Vlaamse subsidies voor toeristische projecten krijgt dan de rest van Vlaanderen. Sinds 2015 vloeide amper 3.414.716 euro naar West-Vlaamse hefboomprojecten, goed voor een schamele 5 procent van het totaalbedrag. Ter vergelijking: de provincies Oost-Vlaanderen en Antwerpen haalden respectievelijk 26,1 en 19,2 miljoen euro binnen.

Meeste overnachtingen

Het subsidiesysteem met die hefboomprojecten werd op poten gezet door Vlaams minister Ben Weyts (N-VA). Hij was tussen 2014 en 2019 bevoegd voor toerisme en koos er in 2015 voor om heel concrete projecten binnen drie thema’s – Vlaamse Meesters, kernattracties en infrastructuur voor vergaderingen en meetings – te subsidiëren. “Daarvoor kregen bestemmingen als de Kust, de kunststeden en de verschillende toeristische regio’s in gelijke mate Vlaamse middelen”, legt kustburgemeester Steve Vandenberghe uit. “Het budget werd vroeger een stuk eerlijker verdeeld dan vandaag het geval is. Sinds de invoering van Weyts’ subsidiebeleid is West-Vlaanderen duidelijk onderbedeeld.”

Onze provincie wordt duidelijk onderbedeeld – Steve Vandenberghe (Vooruit)

Nochtans is West-Vlaanderen dé motor van het toerisme en vakantieleven in Vlaanderen. Zo is de kustprovincie goed voor de helft van het aantal toeristische overnachtingen in 2020 en lokten onze toeristische troeven volgens cijfers van Westtoer vorig jaar maar liefst 14,8 miljoen dagjestoeristen naar West-Vlaanderen. Daarnaast ligt zowel het aantal gastenkamers, het aantal campingterreinen, het aantal hotels en hostels én het aantal vakantiewoningen (waartoe ook commercieel verhuurde appartementen behoren, red.) in West-Vlaanderen veruit het hoogst.

In dat alles ziet de Bredense burgemeester dan ook een duidelijke graadmeter voor het toeristisch belang van zijn provincie. “Helaas tonen zowel de beleidsnota als het relanceplan, dat in april werd voorgesteld, aan dat ook huidig toerismeminister Zuhal Demir (N-VA) weinig aandacht schenkt aan die belangrijke rol”, zegt Steve Vandenberghe. Hij roept minister Demir dan ook op om toeristisch West-Vlaanderen niet enkel met mooie woorden, maar ook effectief met daden en financiële middelen te ondersteunen. “Ik wil de minister daarvoor binnenkort uitnodigen, samen met de andere kustburgemeesters en vertegenwoordigers van de andere toeristische spelers in West-Vlaanderen.”

Nieuwe projectoproepen

Het kabinet van Zuhal Demir nuanceert de “onderbedeling” van West-Vlaanderen. “Het beleid van onze minister wil op een ambitieuze manier de relance van de toeristische sector ondersteunen. Zo ging vorig jaar 500.000 euro naar het project Feniks 2020 rond de wederopbouw na de Eerste Wereldoorlog en voorziet de minister 2,5 miljoen euro voor een project rond oorlogskerkhoven en -monumenten. Er worden volgend jaar ook heel projectoproepen gelanceerd, waarvoor West-Vlaanderen over heel wat troeven beschikt.”

“Maar we mogen ook niet vergeten dat dit geen normale tijden zijn”, klinkt het nog. “De toeristische sector kreunt onder de gevolgen van covid en het wegblijven van buitenlandse toeristen. Zodra we opnieuw zonder veel beperkingen buitenlandse gasten kunnen ontvangen, zal Toerisme Vlaanderen fors investeren in buitenlandse promotie. De voorbije twee jaar deden we dit ook voor het binnenland. West-Vlaanderen, en zeker de kust, heeft hier de vruchten van kunnen plukken.”

Vervroegde kerstvakantie zorgt niet voor extra boekingen


Die toeristische spelers zijn intussen in volle voorbereiding op de kerstvakantie. Die duurt door de corona-afkoelingsweek in het basisonderwijs dit jaar uitzonderlijk drie weken. “De invloed van die extra week vakantie voor kleuters en lagereschoolkinderen laat zich niet echt voelen in de boekingscijfers in de vakantiewoningen en hotels aan de kust”, zegt Sabien Lahaye-Battheu, voorzitter van Westtoer. “Voor de hotels weten we dat mensen wel wat langer wachten om te boeken en dat velen afwachten wat het Overlegcomité van 22 december beslist. Het feit dat de echte feestdagen dit jaar in het weekend vallen, heeft ook een invloed. Uit het verleden weten we dat als die buiten het weekend vallen, we meer bezoekers mogen verwelkomen. Dit jaar ligt het dus ook daar wat moeilijker.”


In Brugge is het effect van de verlengde vakantie al evenmin voelbaar, zo geeft Dimitri Thirion, voorzitter van de vereniging van Brugse hoteliers, aan. “In de boekingen zien we zo goed als geen effect”, zegt hij. “De kerstvakantie zelf oogt beter, zeker de week tussen Kerst en nieuw. Voor de tweede week van januari verwachten we wel nog wat lastminuteboekingen, maar de winter van 2021 zal sowieso amper beter zijn dan die van vorig jaar. In december komen we voorlopig aan een bezettingsgraad van 33 procent, terwijl dat in een gewoon jaar richting de 90 procent gaat. Het aantal effectieve overnachtingen zal in Brugge wel hoger liggen dan in 2020, maar dat komt door het feit dat er gewoon meer hotels open zijn dan toen.”


In de Westhoek is de kerstvakantie sowieso al minder druk, geeft Valérie Heyman, regiomanager van Toerisme Westhoek, aan. “De kust is een vierseizoensbestemming, de Westhoek is dat niet. Tussen 15 november en de krokusvakantie zijn er in onze regio sowieso minder bezoekers. December en januari zijn elk jaar de kalmste verblijfsmaanden”, zegt ze. Er is dan ook nog wel wat ruimte voor boekingen in de kerstvakantie. “De vakantiewoningen doen het vandaag het best, jeugdlogies en B&B’s hebben het moeilijker. En dan heb je natuurlijk de logies die zich op de Britse markt richten: een aantal hotels in Ieper sluiten bewust een paar weken de deuren. Andere blijven net wel open en hebben nog ruimte voor boekingen.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.