Paul en Martine van ‘t Jagershof hangen de pollepel na 34 jaar aan de haak

Martine Blondeel en Paul Elewaut. © SD
Redactie KW

De pensioengerechte leeftijd, het coronaverhaal en het moeilijk vinden van personeel waren de drie puzzelstukken die de beslissing van Paul Elewaut (63) en Martine Blondeel (62) definitief maakten na 34 jaar bij ‘t Jagershof in Woumen.

Chef Paul was in zijn ganse carrière kok in hart en nieren. Voor het echtpaar naar Woumen kwam, was Paul uitbater van het bekende restaurant Den Tijl in Ruddervoorde. Na even de markt te hebben afgetast, besloot het koppel ’t Jagershof te kopen en te renoveren. In 1988 werd met man en macht gewerkt om het café om te vormen tot café en restaurant waar dagschotels aangeboden zouden worden. In augustus van hetzelfde jaar was de zaak klaar en kon er gedacht worden aan een feestelijke opening. September 1988 was voor Woumen een heel bijzondere maand. De tweede zondag was er opendeurdag in de volledig vernieuwde Sint-Andreaskerk (drie jaar eerder door brand verwoest, red.), de derde zondag werd de kerk plechtig ingewijd en met Woumen Kermis openden Paul en Martine de zaak. Bij de opening kon men over de koppen lopen: trouwe klanten van Ruddervoorde kwamen een kijkje nemen en ook heel wat Woumenaars piepten even binnen in het nieuwe restaurant. Eén week later stond er voor Paul en Martine nog iets nieuws op het programma: de eerste begrafenis in de feestzaal. Dit zou in de volgende jaren een vast activiteit worden.

Wat waren jouw specialiteiten in de zaak?

Martine: “In het restaurant gebruikten we enkel verse producten. Nooit diepvriesmateriaal. Dat maakte het eten ook zo lekker.”

Paul: “Ik wilde gewone gerechten met een bijzonder toetje aanbieden aan de klanten. Geen overdreven schilderijen,maar dagelijkse kost met een streepje van de chef. Het was vooral de paling die door de klanten gegeerd werden. De paling in looksaus was een succes. Veel klanten kwamen van heinde en ver om gerechten te kiezen met lekkere, verse looksaus. Zo waren bijvoorbeeld ook de kikkerbilletjes en de scampi’s heel populair. Van Rekkem tot Doornik en van Blankenberge tot Torhout werd er reclame gemaakt.

Duiken

In de winter was het gezellig in het kleine restaurant of in de grote feestzaal, maar ’s zomers kon het prachtige buitenterras met de schitterende bloemen – door de gastvrouw met liefde verzorgd – iedereen bekoren.

En wat gaan jullie nu doen?

Martine: “Eerst en vooral opruimen, sorteren wat blijft en verdwijnt, even op adem komen en genieten van vrije dagen die we in al die jaren nooit hadden. We blijven in ieder geval in dit prachtige dorp wonen. Hopelijk kunnen we de zaak snel overlaten, zodat het dorp en de passanten opnieuw kunnen genieten van een lekkere maaltijd in de Blankaartgemeente. We zien wel.”

Paul: “Ik zal nu wat meer tijd kunnen steken in duikclub Okeanos, waar ik al zolang lid van ben. Een hobby die me de nodige rust bezorgde tussen het vele kokkerellen door. Als instructeur kan ik nu meer aandacht hebben voor de opleiding van jonge, enthousiaste duikers, kan ik een handje helpen met de papierwinkel en wie weet misschien ook even in de potjes roeren voor de leden van de club.” (SD)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.