Een kleine tien jaar geleden kozen Carl en Tessa voor een radicale ommezwaai: ze stapten toen af van de traditionele landbouw, en sloegen de weg van de korte keten in. "Tessa had daar een frisse kijk op", zegt Carl, "maar de overstap was ook uit noodzaak: in 2010 kregen we een barslecht najaar dat ervoor zorgde dat we constant op het veld moesten ploeteren en onze grond volledig om zeep hielpen. In 2011 zagen we echt zwarte sneeuw: door het veel te droge voorjaar, zagen we een derde van onze opbrengst verloren gaan. We hadden toen nog wel een buffer, maar het moest en zou ons geen tweede keer overkomen."
...

Een kleine tien jaar geleden kozen Carl en Tessa voor een radicale ommezwaai: ze stapten toen af van de traditionele landbouw, en sloegen de weg van de korte keten in. "Tessa had daar een frisse kijk op", zegt Carl, "maar de overstap was ook uit noodzaak: in 2010 kregen we een barslecht najaar dat ervoor zorgde dat we constant op het veld moesten ploeteren en onze grond volledig om zeep hielpen. In 2011 zagen we echt zwarte sneeuw: door het veel te droge voorjaar, zagen we een derde van onze opbrengst verloren gaan. We hadden toen nog wel een buffer, maar het moest en zou ons geen tweede keer overkomen." Ondertussen is hun hoevewinkeltje een vaste waarde in de polders. "Dat blijft een groeiverhaal", vertelt Carl, die nu onder het motto 'think global, act local' met iets nieuws uitpakt. "Het concept? Iedereen boer. Ik kreeg hier als kind mijn lapje grond waarop ik mijn eigen sla en boontjes kweekte. Die kwamen dan thuis op tafel en met wat ik overhad, ging ik leuren bij de buren. Dat is ook de filosofie achter FERM-e: als we dan toch drie keer te veel produceren, kunnen we dat maar beter lokaal herverdelen."Mensen uit de buurt kunnen in Hof ter Meulen binnenkort hun eigen groentjes komen kweken. "We stellen onze boerderij open en bieden een aantal perceeltjes grond, water en mest aan om samen een mooi aanbod te creëren. Ik wil naar een permacultuur waarbij mens en natuur samenwerken, en waarbij elke schakel uit de kringloopcyclus even belangrijk is. Zo vond ik bijvoorbeeld ook al iemand bereid om hier bijenkasten te zetten", legt Carl uit.FERM-e staat voor een gesloten kringloop, maar behelst volgens Carl ook het omarmen van moderne technologieën. "Zo droom ik bijvoorbeeld van een eigen boerderij-app die de voedselverspilling tegengaat. En de -e staat tegelijk ook voor 'elektrisch': we bekijken momenteel de mogelijkheid om onze producten met een elektrische fiets tot bij de klanten te krijgen. Diversiteit en duurzaamheid zijn de sleutelwoorden, maar dit is géén geitenwollensokkenverhaal."Het is voor Carl ook een strijd tegen de overproductie. "Zelfs in de tijd van onze ouders speelde dit al. Maar in die dertig jaar daartussen, is de identiteit van het product verder verloren gegaan. Vroeger werd een varkentje gewoon thuis geslacht, nu gebeurt dit achter gesloten deuren. Als we opnieuw meer voeling kunnen krijgen met het product, zouden al die voedingslabels op termijn eigenlijk weer overbodig worden, en in principe zíjn we ook perfect in staat om de klok terug te draaien naar de pre-industriële tijd. Daarvoor moeten we dan wel naar een vraaggerichte productie: vandaag boeren we wereldwijd al op drie keer zoveel hectare als we in een toekomstig gesloten kringloopsysteem zouden nodig hebben."Wat destijds ook meespeelde in hun beslissing om het roer om te gooien, is dat Carl en Tessa twee jonge kinderen hebben. "De klimaatopwarming, wereldwijd de oorzaak van heel wat problemen, is onherroepelijk. Maar we kunnen het nog binnen de perken proberen te houden, en daarvoor moeten we ook zelf onze verantwoordelijkheid nemen voor het te laat is. Tessa en ik willen niet dat onze kinderen later moeten zeggen: jullie wisten het, maar je hebt er niets aan gedaan. Iedereen wéét dat we het klimaat om zeep aan het helpen zijn."Carl en Tessa promoten met hun concept ook gewoon een andere manier van leven. "FERM-e is voor iedereen die graag weet en beleeft wat we op ons bord krijgen, voor iedereen die graag buiten is en er niet tegenop ziet om zijn handen vuil te maken. In het verhaal van 'iedereen boer' wordt de boerderij eigenlijk een soort dienst: wat je op overschot hebt, verkopen wij gewoon voor jou in onze hoevewinkel. Zo gaan die prei of patatjes zeker niet verloren. Noem het gerust een lokaal initiatief van de boer, die inziet dat hij het niet verder alleen kan. We willen ook de lokale politiek en scholen uit de buurt hierbij betrekken", besluit Carl.