ANALYSE – Wat staat er in het nieuwe rapport over Ventilus?

Laurens Kindt

Het veelbesproken rapport van de Duitse professor Dirk Westermann over Ventilus staat integraal te lezen op de website van het Departement Omgeving van de Vlaamse Overheid. Wij lichten er de vier belangrijkste conclusies uit.

In september werd professor Dirk Westermann van de Technische Universiteit van Ilmenau in Duitsland, op voorstel van de West-Vlaamse burgemeesters, aangesteld door de Vlaamse regering. Over zijn opdracht heerst enige onduidelijkheid. Volgens de Vlaamse regering moest de man een dubbelcheck doen van het rapport van intendant Guy Vloebergh, die eerder al tot de conclusie kwam dat een bovengrondse aanleg van Ventilus de preferred option is. Volgens de burgemeesters zat er echter nog een tweede luik aan die opdracht: een doorlichting van het eigen voorstel van de burgemeesters en burgerplatformen – opgesteld door onderzoeker Filip Vanaeken – over een ondergronds scenario. Dit zijn de vier voornaamste conclusies die te trekken zijn uit het rapport van Westermann.

1. De intendant had gelijk

Bijna twintig keren staat het woordje ‘correct’ in het twaalf pagina’s tellende rapport van professor Westermann. De professor treedt de intendant Guy Vloebergh dan ook bij in zowat al zijn eerder genomen conclusies. Over het feit dat er in Europa geen ervaring is met de commerciële uitbating van dergelijke systemen ondergronds, over het feit dat de gelijkstroomtechnologie wellicht pas in 2030 op punt zal staan voor dit soort projecten, over het feit dat er geen betrouwbare data is over de betrouwbaarheid van lange ondergrondse kabels in gelijkstroom: professor Dirk Van Hertem had het in het rapport van intendant Guy Vloebergh allemaal bij het rechte eind, zegt Westermann. Conclusie: een bovengrondse aanleg in wisselstroom is de te verkiezen optie.

2. Robuust netwerk is nodig

Het lijdt volgens professor Westermann geen twijfel dat een robuuster netwerk tussen de Stevin-lijn en Avelgem broodnodig is. “De Stevin-Avelgem-verbinding sluit een gat in het transmissienetwerk, wat een positieve bijdrage is aan de robuustheid van het netwerk”, schrijft Westermann. Over welke technologie daarvoor kan gebruikt worden – wisselstroom bovengronds of gelijkstroom ondergronds – is hij ook duidelijk. Gelijkstroom zou duurder uitvallen, omwille van de kost van het koper voor de kabels, en zou vooral minder betrouwbaar zijn. In het rapport spreekt professor Westermann zelfs over een black-out van de energievoorziening voor heel Vlaanderen en een impact op die voor het hele Europese elektriciteitsnetwerk. Al laat hij ook een mogelijkheid open. “De gelijkstroomoplossing voor Ventilus wordt beschouwd als minder robuust dan wisselstroom. Hoewel, er zijn al technologische alternatieven die gekozen kunnen worden binnen de criteria van robuustheid”, klinkt het. Voor de burgerplatformen is dit het bewijs dat Westermann wel degelijk een ondergrondse optie mogelijk acht, maar dat niet met zoveel woorden kan of mag zeggen.

3. Alles kan dan toch ondergronds

In zijn rapport beantwoordt professor Westermann ook een zestal vragen van de burgemeesters: Kan gelijkstroom gebruikt worden om de energie van windmolens op zee aan land te brengen? Is het haalbaar om 6 gigawatt ondergronds aan te takken zonder Stevin? Is een netwerk in gelijkstroom in staat om de extra capaciteit van windmolens op land aan te sluiten? Kan de bijkomende verbinding van 1,4 gigawatt met het Verenigd Koninkrijk aangesloten worden? Kan de huidige 150 kilovolt-lijn ondergronds gebracht worden? Kan de capaciteit in Izegem verdubbeld worden zonder bijkomende hoogspanningsmasten? Op zowat alle vragen moet Westermann, soms met enige kanttekeningen, bevestigend antwoorden. Ja, al die zaken kunnen ondergronds in gelijkstroom gerealiseerd worden, zo blijkt maar als je alle plandoelstellingen samen wil realiseren, blijft de professor de voorkeur geven aan bovengrondse wisselstroom.

4. Het alternatief is niet onderzocht

Dit is het grootste struikelblok voor de burgemeesters en de burgerplatforms. Het alternatief scenario dat zij samen met expert Filip Vanaeken voorleggen, is niet onderzocht geweest. In dat alternatief scenario worden de plandoelstellingen van Ventilus van elkaar losgekoppeld en wordt voor elke plandoelstelling een alternatief voorgesteld. Professor Westermann schrijft dat hij een Duitse vertaling heeft gekregen van het rapport-Vanaeken, maar dat hij dit rapport louter ziet als ‘bijkomende informatie’. “Het is noch mijn taak noch de doelstelling van dit rapport om een analyse te maken of commentaar te geven op de inhoud van het rapport geschreven door Filip Vanaeken”, schrijft hij.

Lees hier het integrale rapport van professor Westermann.

Lees meer over: