Het is overduidelijk, in Slypskapelle voelt Filiep zich echt thuis. In de natuur, tussen de paarden met Lore, Wout (4) en Ella-Sue (5). "We hebben hier plaats voor tien paarden, vijf zijn van ons, de andere vijf zijn hier op logement. Hier loop ik de helft van de tijd rond in gummilaarzen", lacht hij.
...

Het is overduidelijk, in Slypskapelle voelt Filiep zich echt thuis. In de natuur, tussen de paarden met Lore, Wout (4) en Ella-Sue (5). "We hebben hier plaats voor tien paarden, vijf zijn van ons, de andere vijf zijn hier op logement. Hier loop ik de helft van de tijd rond in gummilaarzen", lacht hij."Mijn eerste horeca-ervaring deed ik op in JC Ten Goudberge", begint Filiep zijn verhaal. "Als achttienjarige trok ik naar Gent om er mijn bachelorsdiploma Chemie te behalen. Het eerste jaar was een miskleun. 'Als je verder wilt studeren zal je zelf een cent bij moeten verdienen', vertelde mijn vader mij. Ik ging aan de slag in Café Den Atelier - een berucht café in Sint-Martens-Latem. Daar werkte ik 35 uur per week, de patron was een voorbeeld, van hem heb ik de stiel geleerd." Wat onderscheidt een goede van een minder goede cafébaas? Volgens Filiep is het moeilijk uit te leggen. "Je hebt het of je hebt het niet", probeert hij. "Je moet graag sociaal bezig zijn, mee kunnen gaan in het verhaal van de mensen aan de andere kant van de toog."Drie jaar later behaalde Filiep zijn diploma. Toen al wist hij dat zijn toekomst niet in een of ander labo lag. Na zijn legerdienst ging hij aan de slag bij Histalux. 's Avonds verdiende nog bij in café Alfa en in het weekend bij Brasserie de Mouterij in de Kapucijnenstraat in Kortrijk. Met dat ene grote doel voor ogen: zijn eigen café te openen. In 1994 nam hij zijn intrek in café De Mythe op de hoek van de Moorselestraat en de Menenstraat."Eindelijk was het zover", kijkt Filiep terug. "Ik had genoeg voor anderen gewerkt om mijn eigen zaak te beginnen. Aanvankelijk verliep het moeizaam maar geleidelijk maakte ik naam binnen en buiten de gemeente. Onder meer door de optredens die ik er organiseerde." Er passeerden heel wat lokale en Vlaamse sterren de revue. In 1997 kwam ook Luc De Vos langs. "Een memorabel moment was toen hij zich middenin het optreden herinnerde dat zijn moeder die dag jarig was. Mag ik even bellen, vroeg hij mij. Ik had zo'n draagbaar toestel - gsm's bestonden nog niet - en het publiek kon het gesprek volgen. Luc kreeg er van langs omdat hij niet aanwezig was op haar verjaardag. "Ik ga het goed maken", zei hij, "het hele café zal happy birthday voor je zingen". Wat ook gebeurde. Schitterend toch?" Later traden ook nog Johan Verminnen, Raymond van het Groenewoud en The Whiskey Priests op. Stuk voor stuk artiesten die je toen enkel op grote podia en festivals zag. Filiep bleef ambitieus en verlegde zijn café naar het centrum. De 'nieuwe Mythe' was opnieuw een voltreffer, met meer aandacht voor snacks en een knus terras. In 2014 deed hij het van de hand en twee jaar later baatte hij De Groene Wandeling uit in Rollegem. Maar na zeven maanden hield hij het daar ook voor bekeken. De laatste jaren houdt hij café Alfa open maar volgende week gooit hij de handdoek in de horecaring. "De tijdsgeest is veranderd", zegt Filiep. "Er is een kwalijke perceptie ontstaan ten opzichte van cafébezoekers. Roken is niet meer aan de orde en hetzelfde geldt geleidelijk aan voor het drinken van een glas bier. Ik krijg de kans om voltijds aan de slag te gaan bij Roularta, in een job die ik heel graag doe. Dat is niet langer te combineren met avondwerk achter de bar."Zondag 17 november wordt de laatste dag van Filiep in café Alfa. En de laatste dag in de wereld van de horeca? "Ik heb een mobiele tapinstallatie op het oog waarmee ik aan de slag wil gaan op de vrije momenten", bekent hij. "Dus helemaal gedaan zal het wel nooit zijn", lacht Filiep.