De quota worden jaarlijks in december vastgelegd door de Europese Commissie in een zogenaamde Visserijraad. De beslissingen van de Visserijraad worden onderbouwd door wetenschappelijke adviezen. Onderzoeksinstellingen, waaronder het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO), verzamelen gegevens over de aangroei van de visbestanden, het aantal geslachtsrijpe jonge dieren en de hoeveelheid die opgevist kan worden binnen het toegekend vangstrecht of quotum.

Daaruit blijkt dat er goed nieuws is voor de Belgische vissers die vissen in de Noordzee. De bestanden van tong, kabeljauw, rog en pladijs in de Noordzee zijn gezond, wat geleid heeft tot een verhoging van het quotum voor tong met 22 procent, voor kabeljauw met 15 procent, voor rog met 5 procent en een status quo voor pladijs. Het bestand voor pladijs bevindt zich de afgelopen vijf jaar op een historisch hoog niveau. Niet onbelangrijk voor de Belgische reders, want dit zijn voor hen de belangrijkste vissoorten.

Tevreden reders

De Rederscentrale kan zich vinden in de nieuwe vangstquota voor volgend jaar en de visserijmogelijkheden, zegt Urbain Wintein, voorzitter van de Rederscentrale. "We beseffen dat de wetenschappelijke modellen niet perfect kunnen weergeven wat de realiteit op zee is, maar de inspanningen van de vissers - in heel West-Europa - en het respecteren van afspraken, hebben duidelijk resultaat opgeleverd."

"Het aantal vissersvaartuigen is de laatste decennia meer dan gehalveerd, de stocks verbeteren zichtbaar en de nu vastgelegde quota voor volgend jaar, zullen bijdragen aan het traject naar maximaal duurzame opbrengsten, hét streefdoel van het visserijbeleid. Dit reflecteert dat vissers de gemaakte afspraken volgen en dat iedereen er mag op rekenen dat elke vis die aangeboden wordt op een verantwoorde manier is gevangen", aldus Emiel Brouckaert, directeur van de Rederscentrale.

(Belga)

De quota worden jaarlijks in december vastgelegd door de Europese Commissie in een zogenaamde Visserijraad. De beslissingen van de Visserijraad worden onderbouwd door wetenschappelijke adviezen. Onderzoeksinstellingen, waaronder het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO), verzamelen gegevens over de aangroei van de visbestanden, het aantal geslachtsrijpe jonge dieren en de hoeveelheid die opgevist kan worden binnen het toegekend vangstrecht of quotum.Daaruit blijkt dat er goed nieuws is voor de Belgische vissers die vissen in de Noordzee. De bestanden van tong, kabeljauw, rog en pladijs in de Noordzee zijn gezond, wat geleid heeft tot een verhoging van het quotum voor tong met 22 procent, voor kabeljauw met 15 procent, voor rog met 5 procent en een status quo voor pladijs. Het bestand voor pladijs bevindt zich de afgelopen vijf jaar op een historisch hoog niveau. Niet onbelangrijk voor de Belgische reders, want dit zijn voor hen de belangrijkste vissoorten.De Rederscentrale kan zich vinden in de nieuwe vangstquota voor volgend jaar en de visserijmogelijkheden, zegt Urbain Wintein, voorzitter van de Rederscentrale. "We beseffen dat de wetenschappelijke modellen niet perfect kunnen weergeven wat de realiteit op zee is, maar de inspanningen van de vissers - in heel West-Europa - en het respecteren van afspraken, hebben duidelijk resultaat opgeleverd." "Het aantal vissersvaartuigen is de laatste decennia meer dan gehalveerd, de stocks verbeteren zichtbaar en de nu vastgelegde quota voor volgend jaar, zullen bijdragen aan het traject naar maximaal duurzame opbrengsten, hét streefdoel van het visserijbeleid. Dit reflecteert dat vissers de gemaakte afspraken volgen en dat iedereen er mag op rekenen dat elke vis die aangeboden wordt op een verantwoorde manier is gevangen", aldus Emiel Brouckaert, directeur van de Rederscentrale.(Belga)