Gitarist ‘Misten’: “De muziek gaat maar niet uit mijn hoofd”

Muzikant Misten: “Mijn liefde voor muziek zit zo diep...” © Davy Coghe Davy Coghe
Hannes Hosten

Gitarist, pianist en zanger Maurice Duyvejonck- alias ‘Misten’ – is al zo’n 45 jaar een vaste waarde in de Oostendse muziekscène. Een absolute topper werd hij nooit, maar ‘Misten’ behoort wel tot de gewaardeerde subtop en staat komende zomer weer op de Paulusfeesten met The Hois. Misten wordt wel eens vergeleken met Robert Plant, de legendarische zanger van Led Zeppelin. En dat komt niet alleen door zijn typerende krullen.

Ook al woont hij al zijn leven lang in Oostende, Misten is nog nooit op de Mercator geweest. “Zelfs niet op schooluitstap, nee. We zouden eens gaan met school, maar de leraar was ziek en dat ging niet door. En daarna is het er niet meer van gekomen. Ook met de zee heb ik niets bijzonders. De zee trekt me aan en we hebben een strandcabine met de familie, maar ik ben geen zonneklopper. Ik heb geen zittend gat, zeg maar. Ik heb meer met muziek. Op zonnige dagen vraagt mijn vriendin soms: ‘Waarom zit je binnen, bij zo’n mooi weer?’ Dan ben ik muziek aan het spelen.”

Hoe lang ben je al muzikant?

“Ik was 19 toen ik echt begon te spelen. Maar de interesse was er al veel langer. Als kind ging ik soms mee op ronde met mijn vader, die melkboer was. Ik ben dus echt van de melkboer (gniffelt). In de Ooststraat was een muziekwinkel en als we daar passeerden, bleef ik aan het raam staan kijken naar de accordeons en de gitaren. Maar van mijn ouders mocht ik geen muziek spelen. Op mijn 16de kocht ik mijn eerste gitaar, maar die bleef toch nog enkele jaren liggen voor ik echt mijn gitaarakkoorden leerde.”

Welke genres speelde je zoal?

“Altijd Engelstalige poprock. Mijn favoriete muziek is niet te zacht, maar zeker ook geen heavy metal. Er moet een melodie in zitten. En daar ben ik altijd bij gebleven.”

Je speelde in heel veel groepjes.

“Ja, zelfs een tijdlang bij vier tegelijk. Dat loopt echt door elkaar. Ik was het langst bij Revenge 88, de groep van Dubbe, maar die ligt nu al twee of drie jaar stil en ik weet niet of we nog terugkomen. In de jaren ‘80 speelde ik een jaar bij Partizan, de groep van Paul Couter en Ferre Baelen. Ik zat altijd in de sublaag, ik stond nooit aan de top en werd nooit voltijds muzikant. Dat heb ik me wel beklaagd. Die liefde voor muziek zit zo diep… Maar ik ben jong getrouwd, kreeg kinderen… Het was moeilijk om dan nog die stap te zetten.”

Welke herinneringen heb je aan Paul Couter?

“Hij was een bijzonder goede bluesgitarist met eigenzinnige ideeën voor nummers. Een markant figuur. Arno, de andere helft van het duo Tjens Couter, kan ik moeilijk een voorbeeld noemen. Ik speelde wel nog samen met zijn broer Peter. Maar Arno is er altijd geweest. Toen ik begon, was hij al jaren bezig. Arno moet je niet proberen na te doen.”

Denk je soms: mijn leven had er anders kunnen uitzien?

“Ja, maar misschien zou het niet goed afgelopen zijn. Er kan heel wat gebeuren met je. Als je nog een ander beroep uitoefent, heb je speling. Niets moet dan en je bent vrij om te spelen wat je wil. Ik heb nu ook een homestudio om mijn eigen opnames te maken. Met Revenge 88 haalden we de finale van Humo’s Rock Rally. Dat leverde heel wat optredens op en we mochten ook het voorprogramma van Status Quo spelen. Maar mij werd het te losbandig. Het is verleidelijk om je te laten gaan. Ik weet niet of je zo verder geraakt. Je krijgt ook drugs aangeboden… Misschien is het beter dat het zo niet gelopen is.”

Bij welke groepen speel je nu?

“Met The Hois, waar ik zanger en gitarist ben, staan we op 15 augustus op het groot podium van de Paulusfeesten. Pascal Seys is bassist, Luc Steen drummer en sinds kort hebben we met gitarist Matti Saesen een vierde man. We brengen poprock. Daarnaast speel ik nog bij de bluesrockgroep Stone Age Cadillac. Met dat bandje repeteren we in Koekelare, al zijn de groepsleden allemaal van Oostende.”

Muziekgroepjes staan bekend om hun meningsverschillen en hun steeds wisselende bezettingen. Zijn muzikanten eigenzinnig?

“Je wil je gedacht hé. Dat zal voor mij ook wel gelden, al kan ik ook wel luisteren naar andere mensen. Ik hou het lang vol bij een groep. Als er een groep stopte waar ik toe behoorde, dan was het omdat er iemand verhuisde, of een nieuwe relatie had, of te weinig tijd… Er is nog geen enkele band die ik in ruzie verlaten heb.”

Hoeveel tijd stop je in muziek?

“Ik speel elke dag en schrijf ook al onze liedjes zelf, zowel muziek als tekst. Soms moet ik mezelf wat afremmen, want ik heb wel eens het gevoel dat ik te veel tijd in mijn muziek steek. Het andere leven gaat ook verder hé. Maar die muziek gaat maar niet uit mijn hoofd. Ik zal muziek maken tot ik erbij neerval. Als ze me dat afnemen, val ik in het zwarte gat.”

Heb je nog een grote muzikale droom?

“Mocht er eens een nummertje van ons gedraaid worden op de grote zenders, dan zou ik daar zeker geen nee tegen zeggen. Ik heb nog genoeg inspiratie en blijf nieuwe nummers maken. We zien wel. Ik ben al heel blij dat we na een periode met weinig optredens door corona weer kunnen rondtoeren in West- en Oost-Vlaanderen. En ook al is het de eerste keer dat we op het groot podium van de Paulusfeesten staan, het is toch echt iets om naar uit te kijken.”

Bio

Privé: geboren in Oostende op 9 december 1957. Woont in Stene. Heeft een vriendin Karen, vier volwassen kinderen en drie kleinkinderen.

Opleiding en loopbaan: studeerde mechanica en volgde ook vier jaar notenleer aan het conservatorium. Werkte in een winkel van auto-onderdelen en in de UCB – het huidige Proviron – en heeft sinds jaren een eigen zaak die licht- en klankinstallaties verhuurt. Speelt al zo’n 45 jaar muziek in diverse groepen.

Vrije tijd: muziek en de kleinkinderen. (Hannes Hosten)