Liesbeth Inghelram (39) is conservator van het Bakkerijmuseum: “In de toekomst richten we ons op het verhaal van de bakker zelf”

Leisbeth Inghelram foto MG
Leisbeth Inghelram foto MG
Redactie KW

Liesbeth Inghelram (39) is sedert 2013 conservator van het Bakkerijmuseum Veurne en ze noemt het nog steeds haar droomjob. De bakkerij was haar al niet vreemd toen zij startte in het Bakkerijmuseum, want zowel haar vader als haar grootvader waren bakker.

Het Bakkerijmuseum maakte de laatste jaren een grote evolutie mee en werd veel professioneler. Straks komen er nog grote vernieuwingen aan. Redenen genoeg om een babbel te slaan met deze conservator die werkt in Veurne, maar woont in Diksmuide.

Toen Liesbeth haar loopbaan startte in het Bakkerijmuseum was dit een hernieuwde kennismaking, want ze was er al eens in april 1985. “Eerlijk? Ik herinner me niet zo veel van die eerste kennismaking, want ik was nog een klein meisje. Bij de opening van het museum mocht ik een broodje vasthouden met daarin een sleutel. De toenmalige minister van cultuur Karel Poma haalde de sleutel eruit en opende het museum. Ik kreeg die eer toen omdat mijn vader bestuurslid was van het museum en ze een klein meisje nodig hadden om de plechtigheid op te fleuren”, lacht Liesbeth.

Ik ben een bakkersdochter, maar ben allergisch aan bloemstof

Op vandaag is ze de vijfde conservator van dit bekende Bakkerijmuseum van Veurne en ze kent de stiel ook. Ze werd als het ware geboren in de bakkerij, want zowel haar vader als haar grootvader waren gekende bakkers in de regio. Zelf het beroep uitoefenen zag ze niet onmiddellijk zitten en daar was wel een grondige reden voor. “Ik mag dan wel een bakkersdochter zijn, ik ben allergisch aan bloemstof”, zegt Liesbeth. “Ik ben bovendien al mijn hele leven geïnteresseerd in geschiedenis. Vandaar ook dat ik eerst aan de KULAK in Kortrijk en daarna in Leuven geschiedenis ging studeren. Mijn thesis ging over de culinaire geschiedenis van de nieuwe tijd. Ik heb ook een graduaat cultuurmanagement op zak. Ik ben trouwens ook gestart als wetenschappelijk medewerkster in het Bakkerijmuseum, voor ik conservator werd.”

23.000 stukken

Haar interesse in de geschiedenis en haar kennis van de bakkersstiel duwden haar in de richting van het Bakkerijmuseum en de job die ze nu doet. Liesbeth werkt samen met acht personeelsleden en 15 vrijwilligers. Belangrijk is dat iedereen heel goed op de hoogte is van het reilen en zeilen en voor elkaar kan inspringen. Zij is de vijfde conservator, Walter Plaetinck mocht indertijd de spits afbijten. Het museum telt op vandaag meer dan 23.000 collectiestukken en heel wat bakkerstijdschriften die allemaal worden geïnventariseerd. Het is ook erkend als regionaal museum.

Andere opstelling

Er zijn nu heel wat vernieuwingen op til. “Het Bakkerijmuseum is nu vooral een technisch verhaal, maar we willen naar de toekomst toe meer het verhaal van de bakker zelf brengen, meer over de persoon en zijn privé, zeg maar de mens achter de technieken”, onthult Liesbeth. “Er komen ook meer thema’s en ook de opstelling van de collectie zal veranderen. Er komt een nieuwe onthaal- en workshopruimte en in de schuur krijgt het museum een nieuwe scenografie. Er wordt ook gewerkt aan de omgeving. Nu is er veel grasland, maar daar komt verandering in en zijn er onder meer een tuin en een boomgaard voorzien.”

Iedere maand is er ook ‘Truken van de foor’, waar een bakker de bereiding van een gebak demonstreert en truken verklapt. Door de coronapandemie gebeurt dit nu meestal online. Het Bakkerijmuseum is gelegen in de Albert I-laan 2 in Veurne.

(PB)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.