Jan Verheyen en Lien Willaert: “We maken samen met onze dochter een film”

Bert Vanden Berghe

Regisseurskoppel Jan Verheyen en Lien Willaert keek vorig jaar reikhalzend uit naar de release van ‘Red Sandra’, de film die ze samen draaiden. Een jaar later, na een annus horribilis voor hun sector, blijkt dat de twee niets aan enthousiasme en positivisme hebben ingeboet. Meer nog, met wat geluk verschijnt er later dit jaar zelfs een twééde film van het gezin Verheyen. Eentje waar nota bene hun dochter het scenario voor bedacht. “We hebben de afgelopen periode nog maar eens geleerd dat we niet zoveel nodig hebben.”

Exact een jaar geleden leek het leven nog verrassend eenvoudig toen onze krant mocht nieuwjaren ten huize Jan Verheyen en Lien Willaert in Baliebrugge bij Ruddervoorde. De vierde Kampioenenfilm was goed op weg om potten te breken in de bioscoop en er werd uitgekeken naar de release van hun eerste filmkindje samen: Red Sandra . Niemand van ons had dan ook maar kunnen voorspellen, laat staan inbeelden, dat vandaag zo goed als de hele filmsector stil zou liggen en bioscopen gesloten blijven tot nader order.

Het was voor veel mensen, op alle vlakken, een heftig jaar. Ook voor het koppel, al wil Jan dat meteen nuanceren. Dat ze eigenlijk niet mogen klagen. Dat een uitgestelde film verbleekt bij de zorgen van een horecabaas, de stress bij het zorgpersoneel, ondernemers en de vele families die getroffen worden. “Jan is goed om dat in perspectief te zien”, weet Lien. “Maar waar ik tijdens de lockdown het nieuws volgde omdat het wel leek alsof de wereld verging, sliep Jan dan net weer geweldig goed omdat hij het fijn vond om niet meer in de file te moeten staan.” ( lacht )

Zijn jullie veranderd?

Jan: ( tot Lien ) “Zijn we veranderd?”

Lien: “Vorig jaar, kort na nieuwjaar, had ik een soort griepje. En toen schoof ik toch aan bij het nieuwjaarsfeestje van mijn schoonouders. Ik heb niemand gekust en het werd erg geapprecieerd dat ik mijn best deed om er bij te zijn, maar ik zie mezelf dat niet meer doen, nee.”

Jan: “Maar of we ons nu meer bewust zijn van de zogenaamde eindigheid van het leven? ( blaast ) Ik ben 57 jaar, dus ik weet dat ik niet meer de afgewerkte Oosterweelverbinding zal meemaken. ( lacht ) Ik heb altijd gulzig in het leven gestaan, dus dat is niet veranderd. Wij hebben in een normaal jaar een behoorlijk druk leven, dus op zich vonden we het niet erg – cliché, ik weet het – om even te resetten. En veel te wandelen.”

Lien: “Het viel mij vooral op hoe mooi het hier eigenlijk wel is tijdens dat wandelen. Ik heb nog maar eens ontdekt dat we eigenlijk niet veel nodig hebben.”

Jan: “In de tweede lockdown hebben we ons aan Streamz gewaagd en een reeks of vijf, zes gebinged. Dan ging de familie Verheyen-Willaert na de eerste aflevering in conclaaf, om te stemmen of we verder wilden kijken. Succession vond ik top.”

Lien: “Van The Crown waren we al fan. En ook The Marvelous Mrs. Maisel vond ik heel tof.”

Jan: “De kerstvakantie is in ons vak ook de vakantie waar er echt niét gewerkt wordt en alles stil ligt. Dan vieren wij hier thuis kerst in al zijn glorie. Met een grote kerstboom, Home Alone , Die Hard , alles erop en eraan, van een meligheid die je je bijna niet kan voorstellen. Dat was echt heel aangenaam, maar ik besef ten volle wat er aan de hand is in de wereld.”

Lien: “Je moet er gewoon het beste van maken en niet zagen als je geen reden hebt om te zagen. En laat ons eerlijk wezen: wij hadden geen reden om te zagen.”

Hoe ging jullie dochter daar mee om als 15-jarige?

Lien: “Heel goed, eigenlijk. Ze werkt volgens het systeem: een week thuis, een week school. Ze gaat heel efficiënt te werk en voor haar lukt dat aardig.”

Het koppel over de coronacrisis: “Je moet er gewoon het beste van maken en niet zagen als je geen reden hebt om te zagen. En laat ons eerlijk wezen: wij hadden geen reden om te zagen.”
Het koppel over de coronacrisis: “Je moet er gewoon het beste van maken en niet zagen als je geen reden hebt om te zagen. En laat ons eerlijk wezen: wij hadden geen reden om te zagen.”

Ze is dus een ijverigere student dan jij indertijd, Jan?

Jan: “Ik was inderdaad geen student. Ik was heel snel leermoe, ik wist wat ik wou doen later. Het feit dat ik desondanks niet aan lager wal ben geraakt, hangt nu als een zwaard van Damocles boven onze hoofden. ( lacht ) Nu kan ik niet zomaar zeggen dat ze haar best moet doen.”

Lien: “Wat ze wel heeft van jou, is dat ze ruim op voorhand plant. Anna heeft haar paniekaanval meestal drie of vier weken voor de examens, plant dan alles zorgvuldig en gaat met een gerust hart naar de examens. Ik was zelf, euh, nogal last-minute.”

Jan: “Ik was té last-minute. ( lacht ) Maar Anna doet dat heel goed.”

Jullie werken ook samen aan een nieuwe film?

Jan: “Ja! Dat is eigenlijk heel organisch gegaan, als een soort gezinsproject. Het is gebaseerd op een idee van Anna.”

Lien: “Jan kijkt graag met haar naar tienerkomedies van vroeger, maar voor Anna voelde het teveel aan dat ze geschreven waren door volwassenen.”

Jan: “Dus zei ik: doe het dan zelf, hé. ( lacht ) Waarna ze dus effectief met iets op de proppen kwam.”

Lien: “Anna had een moeilijke periode achter de rug op school en dat was heel herkenbaar. Voor mij, voor mensen uit mijn omgeving, vriendinnen… Ik heb mij daarin wat verdiept. Zo was er het boek Meidenvenijn in het basisonderwijs van Anke Visser, dat zich ook afspeelt in de humaniora, wat het extra confronterend maakte.”

Jan: “Een Vlaamse film genre Mean Girls of Ferris Bueller’s Day Off kennen we niet in Vlaanderen, terwijl films als After We Collide en The Fault in our Stars bewijzen dat jongeren een trouw cinemapubliek zijn. Dat stemt mij ook hoopvol, dat de generatie van Netflix en kleine schermpjes ook nog graag naar de cinema gaat. Dat was ook duidelijk tussen de twee lockdowns in: het was net dat publiek dat het minst bang was om naar de cinema te gaan.”

Lien: “Waar Red Sandra – omdat ik er aan schreef – een beetje aanvoelt als mijn kindje, is deze film echt wel het kindje van ons samen.”

Jan: “Het verhaal komt van Anna, de humor en talloze referenties naar andere tienerfilms van mij, terwijl die psychologische onderbouw van Lien komt. Als ouder was het geweldig interessant en confronterend. Euh, Anna weet dus al wat dit woord betekent?” ( lacht )

Lien: “Op vlak van seks bijvoorbeeld dachten we een paar keer van: euh, ok dan.” ( lacht )

Veel collega’s hebben het lastig. Vorig jaar keek je nog uit naar ‘Zillion’ dat Robin Pront zou draaien, maar die mocht letterlijk een week voor de eerste opnamedag alles stilleggen.

Jan: “Dat moet echt vreselijk zijn. Of de film Dealer , die halfweg moest stoppen. ( blaast ) Voor Red Sandra hebben we nu al twee keer toegeleefd naar de release, maar nu is het uiteindelijk eind oktober. Dat is frustrerend, ja, want je wil je werk zo snel mogelijk laten zien.”

Lien: “De film uitstellen naar een latere datum bleek achteraf wel de enige juiste beslissing.”

Jan: “Maar nog eens: ik besef heel goed dat er vandaag veel ergere zaken in de wereld zijn dan wij die onze film zien uitgesteld. Het zijn wel boeiende tijden in ons vak. Het landschap is ook enorm veranderd, zeker het laatste jaar. De bioscoop is niet langer zaligmakend. Het is nog altijd een goeie locomotief voor alles wat daarna komt. Als je kijkt naar de laatste Kampioenenfilm, dan haalde die een half miljoen bioscoopbezoekers, via video on demand werden er nog een paar honderdduizenden mensen bereikt en als ze het uitzenden op tv, haalt het ook makkelijk 1,2 miljoen kijkers.”

“De definitie van succes is dus niet langer alleen het cijfer van in de bioscoop. En dat gaat de komende jaren wat duidelijker worden. Ja, de bioscoop gaat nu door een crisis, maar dat is vergelijkbaar met de allereerste crisis: toen tv opkwam. Daar deden de filmstudio’s toen erg krampachtig over, dat was de vijand. Later hebben ze dezelfde fout gemaakt met de komst van home video, terwijl VHS en later dvd de studio’s uiteindelijk alleen maar groter en rijker hebben gemaakt. Ook nu moeten die krachtverhoudingen zich weer wat gaan zetten, maar ik ben ervan overtuigd dat de cinema daar versterkt zal uitkomen. Nee, ik zie het niet negatief. Er werd het afgelopen decennium nog nooit zoveel gedraaid, ook bij ons.”

Is het de bedoeling, Lien, dat je nu nog meer films gaat maken?

Lien: “Ja, het is mij heel goed bevallen. Ik ben echt vanuit het verhaal vertrokken, voor de beide films. Ik leef nogal vanuit de buik daarin. Maar heel dat proces is leuk. Dat is een van de redenen waarom ik indertijd regie heb gekozen. Ik vind het heel leuk om te schrijven, op de set te staan, in de montage te zitten.”

Jan: “Het is best verslavend eigenlijk. Het is ook zo’n mooi avontuur, van begin tot einde.”

Ben je ook zo fanatiek als Jan of hoe zijn de verhoudingen tussen jullie?

Lien: “We zijn fanatiek op een andere manier. Jan bekijkt veel meer films dan ik. Hij leest ook meer én sneller. ( lacht ) Jan kan heel snel en efficiënt werken. Hij kan een versie van een scenario schrijven in drie dagen, waar ik dan weer drie weken zou over doen. Maar waar Jan op een gegeven moment stopt, zou ik toch nog blijven sleutelen, schaven en proberen. Ook tijdens het draaien zat ik ‘s nachts nog aan mijn bureau om soms nog iets te veranderen.”

Jan: “Daarom is Red Sandra een betere film geworden dan als ik het alleen had gedaan. Jij bijt je vast in iets, terwijl ik al snel met vier of vijf dingen bezig ben. Maar we vullen elkaar heel goed aan. Dat was belangrijk op de set. Het heeft ook weinig zin om twee technische regisseurs op de set te zetten.”

Wie had het laatste woord op de set?

Lien: “Jan!”

Dat kwam er wel heel vlot uit.

Jan: “Ik ben even verrast als jij.” ( lacht )

Lien: “De taakverdeling was zo dat Jan de set leidde, terwijl ik me volledig focuste op de drie hoofdacteurs. Als ik vond dat een tweede take nodig was, kon ik hem overrulen.”

Jan: “We hadden onderling, samen met de cameraman, een apart communicatiesysteem. Mensen onderschatten dat vaak: zo’n film is een machine die je gaande moet houden. Het was een ongelooflijke luxe dat Lien de tijd kon nemen om met de acteurs bezig te zijn. Want als je regisseert, kan je je het niet permitteren dat die machine stilvalt. Je moet ontzettend veel balletjes tegelijk in de lucht houden. Met twee is dat dus echt gewoon handiger.”

Lien: “En ik kon ervoor zorgen dat de acteurs zeker in het juiste gevoel zaten.”

Jan Verheyen: “Eerlijk, Lien is een veel schoner mens dan ik.” (Foto Christophe De Muynck)
Jan Verheyen: “Eerlijk, Lien is een veel schoner mens dan ik.” (Foto Christophe De Muynck)

Ik denk dat dat ook een sterkte is van een vrouwelijke regisseur.

Jan: “Nu ben je wel wat genderbevestigend aan het denken.” ( lacht )

Ik zeg het omdat uit cijfers blijkt dat 16 procent van de 100 meest winstgevende films in Hollywood vorig jaar gedraaid werden door een vrouw. Een verbetering tegenover de 4 procent twee jaar eerder, maar het aantal vrouwen achter de schermen, van schrijvers tot cameramensen, blijft wel bedroevend laag. In die zin dat Hollywood nu quota oplegt vanaf 2024.

Lien: “Daar heb ik dan weer moeite mee. Dan heb je iets als: is het omdat ik een goeie kijk heb op de zaken of omdat ze aan een quota moeten geraken?”

Bots je op meer vooroordelen dan Jan?

Lien: “Nee, nog nooit. ( denkt na ) Het moment dat wij samen waren, heeft mijn telefoon wel efkes stilgestaan. Nadat we getrouwd waren ook, alsof ze dachten dat mijn hoofd er niet naar stond. Maar het kan toeval geweest zijn ook. Ik heb ook een eindje pauze genomen. Toen Anna twee, drie jaar was, draaide ik David en De Rodenburgs op locatie. Die combinatie lukte, maar ik zag me dat ook geen jaren doen. Dan heb ik dat uitstapje gemaakt door kookboeken te schrijven en van thuis uit te werken. Nu is Anna wat ouder en kan het wel weer.”

Moet je nu weer strijden om je plek te verdienen?

Jan: “Dat is niet geheel onlogisch. Er wordt enorm veel gedraaid in Vlaanderen, maar als producent kan je ondertussen ook probleemloos pakweg tien mensen oplijsten die een set kunnen leiden, visueel een meerwaarde zijn en technisch competent zijn, ook al omdat er intussen een nieuwe generatie is opgestaan. Als je er een tijdje uit bent, is het logisch dat je onderaan die lijst belandt, maar dat is bij andere sectoren ook zo.”

Waar blinkt Lien als regisseur in uit?

Jan: “Ze heeft oog voor detail, is zorgvuldiger dan ik en kan zich ongelooflijk concentreren op de zaak. Ze heeft ook geen greintje cynisme. Voor mij is dat echt een gevecht. Ik heb haar ook nog nooit iets gemeens horen zeggen over iets of iemand in de sector. Zij is een veel schoner mens dan ik. Als we al eens ruzie hebben, dan is dat omdat zij vindt dat ik te hard ben over dit vak.”

“Wat De Kampioenen straks ook beslissen, ik sta er helemaal achter”

Jullie verloren het voorbije jaar allebei twee mensen die jullie nauw aan het hart lagen: William Massart, de inspiratiebron voor ‘Red Sandra’, en Johny Voners, die wereldberoemd werd in Vlaanderen dankzij ‘De Kampioenen’.

Lien: “Van William wisten we al tijdens het draaien dat het niet zo goed ging. ( blaast ) Dat één gezin zoveel pech kan hebben… Het is zo slecht verdeeld. Ik ben bezorgd om zijn vrouw Olga. Eerst haar kind verliezen, dan haar man. En Johny… dat was zo’n lieve mens.”

Is het hoofdstuk van ‘De Kampioenen’ nu afgesloten voor jou, Jan?

Jan: “Ik ben op dat vlak aangetrouwde familie van De Kampioenen . Welke beslissing ze nu ook nemen over hun toekomst, het zal de juiste zijn. Ik ben vooral blij dat ik ze niet moet nemen, want er zijn voor beide standpunten stoppen of doorgaan heel goede argumenten. Hoe dan ook, zonder Johny zal het nooit meer hetzelfde zijn. Of een nieuwe film nog mogelijk is? Ja, dat wel. Het gaat niet over niet kunnen, maar over willen. Als ze opnieuw bij mij aankloppen, top. Stopt het? Ook top.”

Wat hopen jullie voor dit jaar?

Lien: “Ik hoop vooral dat dit niet het nieuwe normaal wordt. Stel je voor dat we moeten blijven afstand houden van elkaar.”

Jan: “Ik hoop vooral dat er een normaal komt, dat we allemaal weer verder kunnen. En voor de rest: meer van hetzelfde: op professioneel vlak, maar ook privé. Maar ik ben hoopvol: de mensheid heeft in het verleden al vaker zijn veerkracht getoond. Het komt wel goed.”

Red Sandra verschijnt normaal gezien op 27 oktober in de bioscoop.