"Pakt je ne kaffiekoeke, gow." Met de gastvrijheid die volgens veel Menenaars Winny al jaren typeert, worden we ontvangen in het kapsalon waar haar carrière begon. "Ik ben hier gestart met een salon toen ik amper 18 was", steekt ze van wal. "Als kind uit een ondernemersnest was het voor mij een absolute must om ook op eigen poten te kunnen staan. Als kapster kon ik mijn grootste dromen waarmaken."
...

"Pakt je ne kaffiekoeke, gow." Met de gastvrijheid die volgens veel Menenaars Winny al jaren typeert, worden we ontvangen in het kapsalon waar haar carrière begon. "Ik ben hier gestart met een salon toen ik amper 18 was", steekt ze van wal. "Als kind uit een ondernemersnest was het voor mij een absolute must om ook op eigen poten te kunnen staan. Als kapster kon ik mijn grootste dromen waarmaken."Een knappe verschijning, een warme persoonlijkheid en een gedrevenheid waar heel wat mensen jaloers op zijn. Haar succes stond eigenlijk al langer in de sterren geschreven. "Eigenlijk verliep mijn leven zoals dat van heel veel mensen. Tot die dag in 2010", glimlacht Winny. "Ik was de getuige van Patricia (Zeevaert, red.), de vrouw van wielrenner en oud-wereldkampioen Philippe Gilbert. Hun huwelijk was echt heel chic en eigenlijk had ik wat schrik om te gaan. Ik was bang dat ik er helemaal alleen zou staan. Dat zorgde wel voor een paniekmomentje. Uiteindelijk heeft Patricia me kunnen overtuigen. Het was voor haar uit den boze dat ik niet op haar huwelijk aanwezig zou zijn. (lacht) En net daar liep ik Vincent tegen het lijf."Vincent, dat is Vincent Wathelet, al jaren de manager van Philippe Gilbert. Als ze over hem spreekt, is de fonkel in Winnys ogen nooit ver weg. "Vincent was Philippes getuige. Hij was op slag verliefd, een coup de foudre zoals ze dat zo mooi zeggen in het Frans, en kwam me voortdurend aanspreken. Hij zag er een beetje verwilderd uit, maar was echt een gentleman. Die galante kant sprak me enorm aan. Na het huwelijk bleven we dan ook contact houden."Al snel volgde een eerste date. Een afspraakje waarvoor Vincent speciaal uit Monaco naar Menen kwam. "Hij had een uitnodiging om naar het circuit van Spa-Francorchamps te gaan. De avond voordien had hij me uitgenodigd om uit te gaan eten. Maar toen hij me kwam oppikken, kon ik niet naast zijn haar kijken." Ze moet lachen als ze eraan terugdenkt. "Hij zag er uit als een gekke professor. Pas moyen dat we zo op restaurant zouden gaan. Ik nam nog snel zijn snit onder handen, voor we vertrokken. We herinneren ons die eerste date nog altijd. En we zijn nog altijd samen." Monaco ligt natuurlijk niet meteen bij de deur. Na een langeafstandsrelatie om u tegen te zeggen, hakten Winny en Vincent zeven jaar geleden de knoop door. "We waren ondertussen al twee jaar een koppel en in die twee jaar moest ik echt aan een hels tempo leven en werken", vertelt ze daarover. "Tijdens de week stond ik klaar voor mijn klanten in mijn kapsalon, in het weekend trok ik naar Monaco. Mijn gezondheid begon er onder te lijden, waarop Vincent me voor de keuze stelde: bij hem komen wonen of stoppen met onze relatie. Hij kon niet toekijken hoe ik mijn lichaam aan het slopen was. Ik verklaarde hem gek. Alsof ik zomaar mijn kapsalon en mijn leven in Menen zou achterlaten. Trouwens, wat moest ik in godsnaam in Monaco gaan doen? Het dagelijkse leven is er heus niet zo sensationeel zoals op televisie wordt voorgesteld." Na lang wikken en wegen besloot Winny uiteindelijk toch de stap te zetten en te verhuizen naar het zuiderse prinsdom. "Vincent is mijn sprookjesprins. Ik moet nog maar denken aan iets en hij zorgt ervoor dat het gebeurt. Voor hem was het dan ook de normaalste zaak van de wereld dat ik een persoonlijke assistente had voor de was en de plas. Ik geloofde mijn ogen en oren niet. Als Vincent me gelukkig wilde houden, dan moest hij daar meteen een einde aan maken. We hebben daarvoor toch niemand nodig? Ik doe de was en ik ben ook niet te beroerd om zelf achter de potten en pannen te staan." "Ik besef dat ik een mooi leven heb en ben daar ook heel dankbaar voor. Maar vergis je niet: ik werk hier nog altijd, in de kledingwinkel van Karen Miller. Ik ben en blijf een echte West-Vlaamse. Mijn ouders hun levensmotto is: 'wij kweken geen luieriken'. Hier komen leven op kosten van iemand anders is dus absoluut niets voor mij. En dat zal het ook nooit zijn."