Bruggeling Benoit Kervyn de Volkaersbeke was van 1988 tot 2017 de algemeen coördinator van de processie. Zijn voorvaderen waren lid van de Edele Confrérie. In zijn boek behandelt hij drie thema's: devotie, de bewaring van de relikwie in vredes- en oorlogstijd, en de ommegang van de processie door de eeuwen heen.
...

Bruggeling Benoit Kervyn de Volkaersbeke was van 1988 tot 2017 de algemeen coördinator van de processie. Zijn voorvaderen waren lid van de Edele Confrérie. In zijn boek behandelt hij drie thema's: devotie, de bewaring van de relikwie in vredes- en oorlogstijd, en de ommegang van de processie door de eeuwen heen.PlunderingDe relikwie, die na de plundering van Constantinopel in 1203 tijdens de Vierde Kruistocht in Brugge belandde, werd in de loop der eeuwen een echte stadsrelikwie. Het stadsbestuur deed er alles aan om via die relikwie zoveel mogelijk pelgrims naar Brugge te lokken. De grote internationale doorbraak voor de processie kwam er in 1310 met de bul van paus Clemens V, die de verering van het Heilig Bloed officieel erkende.Auteur Benoit Kervyn staat in zijn boek uitvoerig stil bij het feit dat Bruggelingen zowel in de Geuzentijd als tijdens het Frans bewind de relikwie van het Heilig Bloed in hun huis verborgen hielden, omdat zij bang waren dat de bezetters deze katholieke relikwie zouden vernietigen. GedenkstenenVan 1793 tot 1825 vond de relikwie van het Heilig Bloed een onderkomen in meerdere Brugse private woningen. Een priester ensceneerde zelfs een fake diefstal van de relikwie om de Franse bezetter op een dwaalspoor te brengen. Vier gedenkstenen in het Brugse straatbeeld herinneren aan de geheime schuilplaatsen. Savina van Caloen vroeg aan Guido Gezelle om verzen te schrijven voor deze gedenkstenen. Pas in mei 1819, met de heroprichting van de onder de Franse bezetting opgedoekte Edele Confrérie van het Heilig Bloed, ging de processie na dertig jaar opnieuw uit in Brugge. Op donderdag 30 - Hemelvaartdag - is het opnieuw zover....