We zijn verwend in Vlaanderen als het op fictie aankomt. Op zondagavond krijgen we nu acht weken lang Grenslanders voorgeschoteld. Daarin krijgen we het relaas van een mysterieuze politiezaak in de afgelegen grensstreek tussen Nederland en Vlaanderen. Een Belgische gerechtspsychiater trekt zich het lot aan van een zwaar getraumatiseerd meisje, terwijl de Rotterdamse politie-inspecteur een bloederige schietpartij op een plezierjacht onderzoekt.

Grenslanders heeft alles in huis om een klepper te worden. Alleen, is dat ook genoeg?

De reeks heeft alles in huis om een klepper te worden: een schitterende setting, klasbakken van acteurs/actrices en een spannend verhaal met een clash tussen twee werelden. Alleen, is dat ook genoeg? Het hangt er vanaf hoe je het bekijkt. Grenslanders is de perfecte zondagavondfictie: een klassiek intrige, waar we elke aflevering een stukje van de puzzel krijgen met daarbij personages die behoorlijk getormenteerd zijn. Alleen, dat hebben we al vaak gezien. Te vaak misschien.

Kan je stellen dat je het personage van Koen De Bouw, hoewel goed vertolkt, nog niet eerder gezien hebt? Is het realistisch dat een politie-inspecteur een crime scene betreedt zonder eerst haar collega's of een forensische afdeling erbij te halen? En is haar kennismaking met de Belgische politie überhaupt wel geloofwaardig? Sommige stukken tekst lijken veel weg te hebben van een flauw geschreven politiethriller. Regelmatig hoor je zinnen zeggen die misschien goed klinken op papier, maar die je geen zinnig mens hoort uitspreken vandaag. En dat haalt je vaak uit de flow. Want Grenslanders lijkt nochtans hard te willen inzetten op authenticiteit door de ruige omgeving, de uitgesproken emoties en het dialect dat te horen is.

Ligt de doorsnee Eén-kijker daar wakker van? Eerlijk, vast niet. Alleen lijkt het een beetje vermoeiend dat een zender de geest van een reeks als Witse blijft najagen. En dat Grenslanders ook het huidige televisielandschap weerspiegelt, of toch op vlak van fictiereeksen.

Op safe spelen

In maart kondigde het Mediafonds, dat subsidies voorziet voor televisiereeksen, aan dat het geld voor dit jaar al opgesoupeerd was. Dat betekent dat scenaristen en producenten moeten wachten tot begin volgend jaar om hun project opnieuw in te dienen en hopen dat er een deel van de (magere) koek hun richting uitgaat. Alleen: er wordt intussen naarstig verder geschreven, dus blijven de projecten zich opstapelen.

En dan gaan zenders eerder op safe spelen. Krijgen we dat wel commercieel verkocht? Een te donkere premise à la Marsman? Toch maar liever niet. Of toch wel, als je het kan linken als een maatschappelijk thema als kanker zoals bij Gevoel voor tumor. Slechts één seizoen? Zouden we dat wel nog doen? En we kunnen op zijn minst toch even over de grens kijken? Dan krijgen we een reeks gemaakt met Nederlandse steun en kunnen we mikken op een groter publiek.

Of dacht u dat iemand als Koen De Bouw gecast was omdat die rol helemaal op zijn lijf was geschreven? Hetzelfde zien we min of meer bij Over Water en Undercover. Geef ons dan maar fictie als Beau Séjour en Tabula Rasa, origineel, gedurfd en beklijvend. Het is geen toeval dat dergelijke series het ook goed doen op Netflix. Zij laten overigens heel wat goeie fictie op de kijker los in de zomermaanden, op het moment dat het Vlaamse televisielandschap zo desolaat aanvoelt als het decor van Grenslanders.

Maar goed, we dwalen af. Is Grenslanders de moeite om te blijven volgen? Toch wel. Het verhaal dendert aardig voort, we krijgen maar niet genoeg van de streek en alleen al Wim Willaert en Sebastien Dewaele zijn opnieuw om van te smullen. En jij, wat vond jij ervan?

Sebastien Dewaele heeft na Eigen Kweek, Bevergem en De Dag opnieuw een stevige rol beet. © © VRT - Nyklyn, Column, Eyeworks
Koen De Bouw speelt een psychiater uit Antwerpen. © © VRT - Nyklyn, Column, Eyeworks
Jasmine Sendar in de rol van een rechercheur uit Rotterdam. © © VRT - Nyklyn, Column, Eyeworks
De West-Vlaamse Anne-Laure Vandeputte. © © VRT - Nyklyn, Column, Eyeworks