Waar de passie voor de de medische en forensische wereld vandaan komt, daar heeft Evy De Boosere (45) ook zelf het raden naar. "Mijn mama werkte haar hele carrière op de dienst radiologie van de Sint-Jozefskliniek in Izegem, maar dat is dan ook de enige medische link in mijn familie", glimlacht ze. Evy groeide bij haar ouders Marleen Landuyt en Eric De Boosere op in Ingelmunster, maar woont sinds haar 18de in Brussel. Daar bouwde ze een intussen indrukwekkende carrière als wetsdokter op. "Op mijn dertigste ben ik afgestudeerd met een specialisatie anatomopathologie en gerechtelijke geneeskunde op zak en kon ik meteen onder de vleugels van een ervaren wetsdokter aan de slag."
...

Waar de passie voor de de medische en forensische wereld vandaan komt, daar heeft Evy De Boosere (45) ook zelf het raden naar. "Mijn mama werkte haar hele carrière op de dienst radiologie van de Sint-Jozefskliniek in Izegem, maar dat is dan ook de enige medische link in mijn familie", glimlacht ze. Evy groeide bij haar ouders Marleen Landuyt en Eric De Boosere op in Ingelmunster, maar woont sinds haar 18de in Brussel. Daar bouwde ze een intussen indrukwekkende carrière als wetsdokter op. "Op mijn dertigste ben ik afgestudeerd met een specialisatie anatomopathologie en gerechtelijke geneeskunde op zak en kon ik meteen onder de vleugels van een ervaren wetsdokter aan de slag."Haar job sindsdien: het onderzoeken van overleden en levende patiënten en afstappingen ter plaatse. "Ik treed in actie bij verdachte overlijdens, bij mensen die gewelddadig om het leven komen of waarbij de doodsoorzaak onduidelijk is. Op basis van mijn vaststellingen beslist het parket dan om de zaak verder te onderzoeken."Dat lijkt me een serieuze verantwoordelijkheid."Dat is het ook, maar ik baseer me altijd op de puur objectieve feiten om mijn conclusie te vormen. Wat ik zie, is wat telt."Herinner je je nog je allereerste zaak?"Dat was meteen een moord. Een dame was samen met een vriend van haar op straat in Anderlecht doodgestoken. Meteen twee slachtoffers te onderzoeken. Zoiets vergeet je niet snel. Via mijn job kom ik met veel gruweldaden in aanraking en gaandeweg bouw je in je hoofd wel een spreekwoordelijke knop in. Mijn emoties schakel ik nooit helemaal uit - je moet immers altijd een zekere betrokkenheid voelen - maar ik bewaar toch een zekere afstand tijdens het onderzoek. Het gebeurt niet vaak dat ik écht van de kaart ben door een zaak."Wanneer is dat wel het geval?"Wanneer de omstandigheden me ook persoonlijk aangrijpen. Mensen die in eenzaamheid leven en pas enkele weken na hun dood gevonden worden, bijvoorbeeld. En dat zijn lang niet allemaal ouderen die niemand meer rondom zich heen hebben."Ga je ook op zoek naar het verhaal achter het slachtoffer of overledene?"Dat moet je doen, want het zorgt voor een beter beeld van het grote plaatje. Wie was de man of vrouw die voor me ligt? Hoe leefde hij? Bij een verhanging verneem je bijvoorbeeld dat iemand depressief was. Maar wat was de trigger? Dan hoor je dat die mens een kind heeft verloren tijdens een woningbrand. Of dat hij door een zware echtscheiding al een hele tijd zijn kinderen niet meer mocht zien."Zorgt je onderzoek soms voor een doorbraak in een onderzoek?"Ik ben daar erg bescheiden in, maar dat gebeurt wel. Zo was er ooit een zaak rond een hoogbejaard koppel. De vrouw was met een Engelse sleutel het hoofd ingeslagen, de man lag in de badkamer met snijwonden, maar leefde nog. Hij vertelde dat ze slachtoffer waren geworden van een roofmoord, maar het verhaal klopte aan geen kanten. De vrouw was er bruut het hoofd ingeslagen, de snijwonden van de man waren veel oppervlakkiger. Ik had meteen door dat er iets niet pluis was. Ik meldde de speurders dat de man zijn wonden ook zelf kon hebben toegebracht en op zijn broek zat hersenweefsel van zijn echtgenote. Uiteindelijk heeft die man de moord toegegeven. Op zo'n moment voel je wel voldoening, want dan weet je dat je ook daadwerkelijk een verschil hebt gemaakt."Vraag je je nooit af waarom iemand een mens vermoordt?"Bij elke case. En dat hoeven heus geen zware redenen te zijn. Een banaal feit kan als trigger werken. De spreekwoordelijke druppel die de emmer doet overlopen."Schuilt er in elke mens een potentiële moordenaar?"In principe wel. Als alle omstandigheden en factoren 'goed' zitten, weet je nooit wat er kan gebeuren. Maar of we allemaal ook effectief in staat zijn om zo'n misdaad te plegen, is een andere zaak."Je behandelt tussen de 350 en 400 zaken per jaar. Sluipt er soms routine in je werk?Neen. Ik behandel elke opdracht alsof het mijn allereerste zaak ooit is. Iedere situatie is ook anders en vereist je volle aandacht. Ik wil ook niks over het hoofd zien, want een klein detail kan een wereld van verschil betekenen. Maar denk nu niet dat we CSI-gewijs te werk gaan. Het gaat er helaas een pak primitiever aan toe dan in de Hollywoodwereld. Dat zorgt voor een vertekend beeld van wat ik doe. Daarom zijn reeksen als Wetsdokters nuttig. Ze zorgen voor een blik achter de schermen in een anders afgesloten sector."Is dit je droomjob?"Waarschijnlijk wel, want ik heb nog nooit iets anders gedaan. (lacht) Maar ik vloek dagelijks wel eens. Als je 's nachts of in het weekend opgeroepen wordt om een crime scene te onderzoeken, dan doe je dat niet altijd met een brede glimlach. Je weet ook dat je niet op de meest propere plaatsen zal terecht komen. Als ik van één iets geschrokken ben, is het wel dat veel mensen in erg schrijnende omstandigheden wonen. Panden waar het water van de muren loopt, waar geen elektriciteit ligt en de vuilnis tot aan het plafond reikt. De mens is een raar beestje, zoveel is zeker."Hoe verzet jij je gedachten?"Iedereen weet ondertussen al dat ik mijn hoofd leegmaak door confituur te maken. Dan vergeet ik even de wereld rondom mij. Maar ik kan ook perfect genieten van de kleine dingen des levens. Wat tuinieren, koken of wandelen is al voldoende. Back to basics."Drie jaar geleden werd je opgeroepen voor de bomaanslag in het metrostation van Maalbeek. Wat deed dat met je?"Die beelden staan op mijn netvlies gebrand, voor de rest van mijn dagen. Surrealistisch, een ander woord heb ik er niet voor. Ik heb toen 24 uur aan een stuk gewerkt. In het metrostation zelf en nadien zag ik de slachtoffers terug op mijn autopsietafel. Zonder twijfel de zwaarste dag in mijn carrière. Nadien hebben we met ons team veel gepraat. Ons hart even luchten, wat ventileren. Dat had ik ook écht nodig. Als ik één iets niet meer wil meemaken, is het een dag als die in Maalbeek. Ik heb die slachtoffers ook met het allergrootste respect onderzocht. Dat hoort zo, vind ik. Een autopsie uitvoeren is nog altijd de kern van mijn job, maar ik vergeet nooit dat ik met een mens aan het werk ben. Het is altijd iemands zoon, dochter, vader, zus... Maar tegelijk moet je je werk doen. Tijd voor sentiment is er dan niet.Heeft je job je harder gemaakt?"Dat denk ik wel. Ik sta nu anders in het leven dan vijftien jaar geleden. Ik zal wel wat cynischer geworden zijn, maar kan ook veel beter relativeren. Ik word dagelijks met keiharde feiten geconfronteerd, dan weet je de hoofdzaak wel van de bijzaak te scheiden. Nu neem ik jaarlijks ook een langere vakantie. Een drietal weken even radiostilte, dat doet wonderen."