We vinden het bos op een stevig eind van de autoweg. Op diverse plaatsen hebben bomen stormen niet overleefd, zo leren de open plekken in het groen. Het weer is herfstig, er kruisen maar weinig wandelaars ons pad. Wat brengt een jonge vrouw uit Zuienkerke naar zo'n plek in de stille en nu vooral natte Kempen? Haar antwoord is kort én veelzeggend: De liefde. "Ik woonde in Nieuwmunster, een deelgemeente van Zuienkerke", zegt Amarylis De Gryse. "Er was een school en ik herinner me van toen ik nog klein was dat er ook een kleine winkel en een café waren. Maar die heb ik weten verdwijnen. Na het middelbaar in Brugge trok ik naar Gent, waar ik ook na mijn studententijd bleef. En toen ben ik mijn vriend gevolgd, naar Antwerpen en uiteindelijk zijn we, omwille van de rust, hier beland. Ik studeer nu biologische landbouw." Of ze zich hier of in de buurt later als bioboerin zal vestigen, laat Ama...

We vinden het bos op een stevig eind van de autoweg. Op diverse plaatsen hebben bomen stormen niet overleefd, zo leren de open plekken in het groen. Het weer is herfstig, er kruisen maar weinig wandelaars ons pad. Wat brengt een jonge vrouw uit Zuienkerke naar zo'n plek in de stille en nu vooral natte Kempen? Haar antwoord is kort én veelzeggend: De liefde. "Ik woonde in Nieuwmunster, een deelgemeente van Zuienkerke", zegt Amarylis De Gryse. "Er was een school en ik herinner me van toen ik nog klein was dat er ook een kleine winkel en een café waren. Maar die heb ik weten verdwijnen. Na het middelbaar in Brugge trok ik naar Gent, waar ik ook na mijn studententijd bleef. En toen ben ik mijn vriend gevolgd, naar Antwerpen en uiteindelijk zijn we, omwille van de rust, hier beland. Ik studeer nu biologische landbouw." Of ze zich hier of in de buurt later als bioboerin zal vestigen, laat Amarylis nog in het midden. "Ik wil ooit wel iets ondernemen in de landbouw, maar wat het precies wordt, hebben we nog niet beslist", zegt ze. In Gent studeerde ze af als sociaal assistente en werkte ze onder meer in de asiel- en migratiesector.Maar het is natuurlijk haar debuutroman Varkensribben waarvoor we op een zaterdagmiddag richting Kempen rijden. Het boek ligt pas in de winkel. Het is een bijzonder boek met aangrijpende scènes, maar ook met taferelen die net zo goed in een horrorreeks op hun plaats zouden zijn. Eén van de belangrijkste decors in het boek is dat van het woonzorgcentrum. "Ik ben vertrouwd met de sociale sector en iedereen weet dat woonzorgcentra meer dan vroeger in handen zijn van zorgbedrijven en dat de druk op het personeel er vrij hoog is", vertelt ze. Die centra waren deze zomer dan ook heel actueel toen het coronavirus er noodlottig toesloeg. "Het manuscript voor het boek was klaar voor de zomer. Ik kreeg zelfs het advies om het sterven in het woonzorgcentrum wat te matigen, omwille van de geloofwaardigheid van het verhaal. Op dat moment wisten we natuurlijk nog niet wat er ons te wachten stond", legt Amarylis uit.In Varkensribben vertelt de auteur over de verpleegkundige Marieke die in het rusthuis werkt. Het woonzorgcentrum verhuist naar een nieuwbouw die op weinig enthousiasme kan rekenen. De nieuwbouw werd ontworpen om alles te belichten, om genadeloos te zijn, luidt het scherp in het boek. De verhuizing gebeurt per verdieping. De etage waar het hoofdpersonage werkt, verhuist als laatste, maar het ziet er naar uit dat de verdieping tegen die tijd helemaal uitgestorven zal zijn. Want een en ander loopt niet zoals gepland door de haast onzichtbare directeur. De verhuizing levert aangrijpende fragmenten op: je ziet een stoet zorgbehoevende bejaarden voorbijtrekken zoals een Jeroen Bosch het zou geschilderd hebben.Marieke had een vriend, een slagerszoon, die ze leerde kennen tijdens een vakantiejob in de slagerij. Haar toekomstige schoonmoeder is van alle markten thuis. Er zal haar zoon niets overkomen wat zij niet wenst. Bloks moeder vond het prachtig dat de liefde was gegroeid in de koelcellen van de slagerij, schrijft Amarylis. De roman bevat wel meer van die passages met van die heerlijke, wrange, gevatte humor. "Ik vind humor belangrijk", zegt Amarylis. "Ik heb daar wel wat tijd voor nodig gehad om het goede evenwicht te vinden. Uiteindelijk speelt het verhaal zich ook af in een kwetsbare en zorgzame wereld."Of ze zelf ook van horror houdt? Als Blok vindt dat Marieke wat te dik aan het worden is, droomt het meisje dat hij haar wat bijschaaft en zien we hem met een schaaf reepjes weghalen van haar benen... "Ik heb wel wat fantasie", lacht Amarylis. "Net dat vind ik zo leuk aan het schrijven. Als je de fantasie kan laten werken, ben je zo vertrokken. Het is een spel van taal en beeld." Wie met zo'n krachtig debuut uitpakt, verrast zichzelf niet. "Ik wou altijd al schrijven, maar was op school niet zo sterk in taalrichtingen. Ik was zeer sociaal en dus belandde ik in een sociale richting. Maar dat schrijven bleef in het achterhoofd. Na mijn studies volgde ik een creatief schrijven bij Sylvie Marie in Tielt. Daar kreeg ik de bevestiging dat ik het wel kon", vertelt Amarylis. En na wat kortverhalen is Varkensribben het overtuigende resultaat van dat geloof in eigen talent. Een aanrader, met beelden die bijblijven en zinnen die je wilt onthouden.'Varkensribben' van Amarylis De Gryse is een uitgave van Prometheus en is te koop in de boekhandel.