De beklaagde vergreep zich van januari 2015 tot februari 2016 in Oostende vier of vijf keer aan zijn toenmalige stiefdochter. Zeker in twee gevallen was er zelfs sprake van verkrachting. Bij het begin van de feiten was het slachtoffer amper vijf jaar oud.

D.C. moest zich ook verantwoorden voor aanranding van de eerbaarheid van een stiefdochter uit een eerdere relatie. Het misbruik speelde zich af tussen 2010 en 2015, toen het meisje 7 tot 13 jaar oud was.

Tijdens een verhoor in februari 2017 legde C. bekentenissen af. Op de zitting werden de feiten dan ook niet betwist. Volgens de rechtbank duidt het misbruik op een persverse persoonlijkheid, die zich niets aantrok van de traumatische gevolgen van zijn daden. Anderzijds bleek dat de man uit Terneuzen nog niet eerder veroordeeld was voor zedenfeiten.

De rechtbank veroordeelde D.C. uiteindelijk tot vier jaar gevangenisstraf met uitstel, gekoppeld aan voorwaarden. Zo zal hij onder andere een begeleiding voor daders van seksueel geweld moeten volgen. De Nederlander mag ook geen contact meer hebben met minderjarigen. Zijn toekomstige relaties zal hij steeds moeten bespreken met de justitieassistent. Aan de slachtoffers en hun moeders moet hij in totaal 7.000 euro schadevergoeding betalen. Tot slot is C. ook voor vijf jaar zijn burgerrechten kwijt.

(BELGA)