In mei 2017 betaalde de beklaagde enkele spullen bij MediaMarkt in Oostende, maar werd hij aan de kassa toch betrapt door de winkeldetective. In de rugzak van de beklaagde stak immers nog een verrekijker. D. gaf zijn fout toe en betaalde alsnog 23,96 euro voor de bewuste verrekijker.

Uiteindelijk werd de Oostendenaar voor die feiten bij verstek veroordeeld tot twee maanden effectieve gevangenisstraf. De man heeft echter geen vast adres, waardoor hij voor een enkelband niet in aanmerking komt. Daarom werd besloten om hem zijn straf effectief te laten uitzitten. In de gevangenis kreeg D. ook te horen dat hij op 28 mei 2018 tot een jaar effectieve gevangenisstraf was veroordeeld voor rijden ondanks een rijverbod. Tegen beide verstekvonnissen werd verzet aangetekend.

Op 12 juli werden de twee maanden cel voor diefstal bevestigd door de correctionele rechtbank. Woensdag boog de politierechter zich over het rijden tijdens een rijverbod. Wim D. liep in juni 2017 met zijn brommer tegen de lamp in Oostende. Het openbaar ministerie wierp op dat hij enkele maanden na de verstekveroordeling op de hoogte werd gebracht van zijn nieuw rijverbod. Volgens de politierechter is het verzet in die omstandigheden laattijdig en dus onontvankelijk. De verdediging kan wel nog beroep aantekenen tegen die beslissing.

(Belga)