In de nacht van 5 op 6 september 2014 werden drie woninginbraken gepleegd in Zedelgem. Bij feiten in Gistel moesten twee inbrekers zonder buit op de vlucht slaan. Op achtergelaten handschoenen werd DNA van Agus J. aangetroffen, maar de tweede inbreker werd nooit geïdentificeerd. Ze bleken naar West-Vlaanderen gevoerd te zijn door de 53-jarige S.D., eveneens een man van Albanese origine uit het Brusselse.

Dankzij verder onderzoek werd ook Agus J. gelinkt aan een poging tot diefstal in Zemst. Door een DNA-spoor op een geldkoffer moest hij zich ook verantwoorden voor een inbraak in Meeuwen-Gruitrode. In augustus 2015 kreeg de beklaagde bovendien al vier jaar voorwaardelijk voor gelijkaardige feiten, onder andere in Anderlecht, Middelkerke en Oedelem. Het openbaar ministerie vorderde twee jaar effectieve gevangenisstraf, S.D. hangt een jaar cel boven het hoofd.

De verdediging wierp op dat J. niet herkend werd door de slachtoffers van de feiten in Zemst in 2016. Voor alle andere inbraken vroeg zijn advocaat om rekening te houden met het eerdere vonnis en geen bijkomende straf op te leggen. S.D. vroeg de vrijspraak.

De tweede beklaagde zou een slordige 50 euro gekregen hebben om J. en een jonge kerel naar het Brugse te voeren. Naar eigen zeggen wist hij niet wat de bedoelingen van zijn passagiers waren.

De rechter doet uitspraak op 5 november.

(BELGA)